Blog | Buurten beter benutten
Vergeten we de buurt niet? Als ik als professional naar de energietransitie kijk en naar oplossingen voor netcongestie, dan mis ik het denken over de buurt.

Vergeten we de buurt niet? Als ik als professional naar de energietransitie kijk en naar oplossingen voor netcongestie, dan mis ik het denken over de buurt.

De afgelopen weken ging het in de bouw- en infrasector veel over onzekerheid. Over uitgestelde projecten, veranderende prioriteiten en mogelijke bezuinigingen. Wat precies de gevolgen worden, weet eigenlijk niemand. En juist dát is misschien wel het grootste probleem.

Sinds een tijdje adviseert de overheid ons om een noodpakket in huis te halen, zodat we het in een crisissituatie een paar dagen zonder hulp kunnen uitzingen. Als het voor burgers vanzelfsprekend is dat ze zich voorbereiden op calamiteiten, geldt dat dan ook voor bedrijven?

Een Nota Ruimte zonder CO₂-budget is als een huishoudboekje zonder bedragen. Je weet wát je wil, woningen, datacenters, defensie, infrastructuur, energieopwekking, maar niet of je het kunt betalen. En toch ligt er precies zo'n nota op tafel.

Nederland is groot geworden met ruimtelijk vernuft. Toch lijkt de landelijke politiek steeds minder in staat om ingrepen in infrastructuur met grote impact voor mens en bedrijf tijdig en doortastend te realiseren. Drie dossiers illustreren dit pijnlijk: stikstof, stroom en (drink)water. Deze dossiers slepen zich al jaren - zo niet decennia - voort, met groeiende onzekerheid voor bouw, vastgoed en gebiedsontwikkeling.

Het lijkt goed nieuws. De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, Elanor Boekholt-O'Sullivan, laat de Tweede Kamer weten dat industrialisatie van de woningbouw wordt versneld om de ambitie van 100.000 woningen per jaar te halen. Maar achter dat optimisme schuilt een ongemakkelijke waarheid: we onderschatten namelijk structureel hoe kwetsbaar de industriële bouwketen op dit moment is.

In de bouw stapelen de duurzaamheidsopgaven zich op. Lagere materiaalemissies, meer circulariteit, biobased alternatieven en schonere ketens zijn allang geen niche meer. Toch loopt de financiering stroef. Niet altijd omdat de techniek ontbreekt, maar omdat het verdienmodel nog te weinig zekerheid biedt.

Nederland presenteert zich graag als deltanatie, maar rond waterveiligheid gedragen we ons als een kikker in langzaam opwarmend water. We merken dat het warmer wordt, alleen niet genoeg om in beweging te komen. Pas als het kookpunt is bereikt, voelt het urgent. De kosten van repareren en investeren zijn dan echter extra hoog.

Er is zelden gebrek aan ambitie als het over groen gaat. In plannen, tenders en renders oogt de openbare ruimte rijk, gelaagd en toekomstbestendig. Maar tussen beeld en werkelijkheid gaapt een structurele kloof. Zodra het plan wordt uitgevoerd, verdwijnt precies datgene wat die ambities moet dragen: kennis, aandacht en budget voor het levende systeem zelf.

"Wat is jullie Mpg-score?", vraagt de wethouder enthousiast. Ik antwoord: "0,67." Hij knikt alsof hij begrijpt wat dat betekent. Spoiler: dat doet hij niet. Ik trouwens ook niet echt.