Volgens Marcel van Montfort, directeur bij De Jong Rutten, verandert vooral het moment waarop partners in de bouwketen aan tafel zitten. “In traditionele bouwprocessen worden veel keuzes later in het traject gemaakt. Bij prefab bouwen moet je eerder samenwerken, omdat alles vooraf moet kloppen.”
Een voorbeeld is De Mix in Amsterdam Osdorp, waar De Jong Rutten de kunststof kozijnen voor 528 appartementen verzorgde. Het grootste deel van de montage vond plaats bij de houtskeletbouwer. Daardoor konden complete gevelelementen direct worden opgenomen in het bouwproces. Ook in prefab betoncasco’s groeit die mate van integratie. Voor Hof36 in Leiden leverde en monteerde het bedrijf de kozijnen voor 444 appartementen. Zo’n 75 procent hiervan gebeurde vooraf in prefab betonelementen. De resterende 25 procent, vond plaats op de bouwplaats.

“Door deze aanpak neemt de afhankelijkheid van handwerk op locatie af en ontstaat meer voorspelbaarheid in de uitvoering. Dat heeft direct impact op planning en kosten, en verandert onze rol van leverancier naar ketenpartner: we denken mee over hoe het kozijn binnen het totale bouwconcept past”, aldus Van Montfort.
Kozijnen en stelkozijnen als één bouwcomponent
Onder de naam GevelFit presenteert De Jong Rutten dit najaar een systeem waarin het kunststof kozijnen en stelkozijnen als één bouwcomponent levert. “Het idee is simpel,” legt Van Montfort uit. “Je wilt op de bouwplaats en in de fabriek minder handelingen, minder afhankelijkheid van omstandigheden en een voorspelbaar montageproces.”
Voor opdrachtgevers betekent dit meer ontzorging, een betere controle op de kwaliteit en een duurzamere werkwijze door minder transportbewegingen. De constante kwaliteit, verwerkbaarheid en leverzekerheid van kunststof profielen vormen daarbij een belangrijke randvoorwaarde. Als vaste leverancier ondersteunt Kömmerling De Jong Rutten met kunststof kozijnsystemen die zich bij uitstek lenen voor prefab bouwconcepten. “Een stabiele keten begint bij betrouwbare systemen en partners die met je meedenken,” zegt Van Montfort. “Alleen als alle onderdelen op elkaar aansluiten, kun je een industrieel bouwproces goed inrichten.”

Investeren in productiecapaciteit en digitalisering
Het bedrijf maakt onderdeel uit van de Hanssen Group, die stevig investeert in verduurzaming, uitbreiding en industrialisatie van productiecapaciteit. Volgens algemeen directeur Remko Hanssen is dit noodzakelijk om te voldoen aan de toekomstige bouwvraag. “We groeien naar een organisatie die naast produceren, ook kan meedenken in bouwconcepten”, zegt hij.” Daar hoort schaal bij”. De huidige productielocatie van 8.000 m2 wordt uitgebreid met 4.000 m2 voor machines en productiecapaciteit. Dit creëert ruimte voor specifieke inrichting op prefab conceptontwikkeling en verdere industrialisatie en digitalisering. “Een kozijn staat niet meer op zichzelf. Het is onderdeel van een groter geheel dat al in de fabriek begint,” besluit Hanssen. “Die beweging past bij de toekomst van de bouw: meer samenwerking, meer productie onder gecontroleerde omstandigheden en meer aandacht voor het totale bouwproces.”
Dit artikel is gesponsord door De Jong Rutten en Kömmerling Nederland.









