Nederland koploper in bruggenaanpak
Van meer dan ruim 2200, via 1180 naar 160 betonnen kunstwerken. Rijkswaterstaat krijgt steeds beter zicht op welke kunstwerken gebouwd voor 1975 er echt slecht aan toe zijn. Ruim 220 bruggen en viaducten in het hoofdwegennet zijn de afgelopen maanden grondig onderzocht en op basis daarvan durft Rijkswaterstaat een uitspraak te doen over de 1180 kunstwerken die het afgelopen najaar nog op de korrel had. Zo'n 20 tot 40 kunstwerken zullen binnen vijf jaar moeten worden aangepakt, 100 tot 120 binnen tien jaar. Van een groep van zo'n 440 kunstwerken weet Rijkswaterstaat het nog niet zeker.
Protocol
Voor de beoordeling van de staat van de viaducten had Rijkswaterstaat een protocol nodig. Internationaal bestond dat nog niet, dus Rijkswaterstaat moest dat samen met de ingeschakelde ingenieursbureau's ontwikkelen, meldde directeur generaal Bert Keijts gisteren. Een internationale expertgroep onder leiding van de Delftse hoogleraar Walraven heeft over de schouders meegekeken en was vol lof. Alle omringende landen krijgen met dezelfde problematiek te maken, maar geen heeft het tot nu toe zo structureel aangepakt als Nederland. Er wordt ook gewerkt aan een internationaal beoordelingsprotocol, maar de totstandkoming daarvan vergt waarschijnlijk nog jaren. Het herstel van de Hollandse brug zal uiteindelijk tussen de 60 en 70 miljoen euro kosten, wist Keijts nog te melden. Dat is inclusief verkeersmaatregelen en het beschikbaar stellen van busjes om forenzen te laten carpoolen