In juni 2026 maakte Rijkswaterstaat bekend dat groot onderhoud aan 92 kilometer rijksweg in Noord-Nederland per direct werd stilgelegd. De A7, A32, N31 en A6 kwamen op de stoplap. Reden: het budget was op. De geschatte projectwaarde: dertig tot honderd miljoen euro.
Het incident staat niet op zichzelf. Ook gemeenten en provincies staan voor een miljardenopgave: adviesbureau Berenschot en ingenieursbureau Arcadis ramen de vervanging van hun infrastructuur tot 2100 op minimaal €93,2 miljard.
Goedkoper dan vervangen
Levensduurverlengend onderhoud, in de sector aangeduid als LVO, is een verzamelbegrip voor preventieve maatregelen die een bestaand wegdek in goede conditie houden voordat grootschalig ingrijpen noodzakelijk wordt. Denk aan oppervlakbehandelingen, microlagen, scheurinjectie en de toepassing van bitumenemulsies die de asfaltstructuur van binnenuit versterken en verzegelen. Gemeenschappelijk uitgangspunt: eerder ingrijpen op een weg die nog functioneert, zodat vervanging van de toplaag kan worden uitgesteld.
Het niet of te laat uitvoeren van levensduurverlengend onderhoud kan ervoor zorgen dat de schades verergeren en groter worden”
Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat publiceerde de kostenvergelijking in januari 2026 op duurzame-infra.nl: LVO kost vier tot vijf euro per vierkante meter, tegenover veertig tot vijftig euro voor een gangbare toplaagvervanging. Voor die fractie van de vervangingskosten kan de levensduur van het bestaande wegdek met zes tot zeven jaar worden verlengd. Hetzelfde ministerie schrijft: "Het niet of te laat uitvoeren van levensduurverlengend onderhoud kan ervoor zorgen dat de schades verergeren en groter worden. Daardoor kan de herstelmaatregel uiteindelijk ook duurder worden, waarmee kapitaalvernietiging ontstaat."
LVO is geen wondermiddel. De methode werkt alleen op wegen die nog in redelijke conditie verkeren. Bij structurele schade aan de fundering blijft ingrijpend herstel of vervanging de enige optie. Maar juist daar zit de kern van de discussie: als preventieve behandeling vervanging met zes à zeven jaar kan uitstellen, is de vraag wanneer je instapt, niet óf je het ooit doet.
Bewezen in de praktijk
In 2022 behandelden diverse Nederlandse bedrijven in opdracht van Latexfalt BV, 400.000 vierkante meter snelweg op de Portugese A1. De werkzaamheden verliepen in dertien nachten; overdag was de snelweg volledig bereikbaar. De Portugese wegbeheerder nam de methode daarna op in zijn werkwijze en laat er sindsdien jaarlijks grote delen van de snelweg mee behandelen.
In eigen land is gemeente Súdwest-Fryslân een voorbeeld van een wegbeheerder die LVO structureel inzet. Ruim 400.000 vierkante meter asfalt op zeventig gemeentelijke wegen werd preventief behandeld door ESHA Infra Solutions, in vier weken, met minimale verkeershinder. De gemeente omschrijft het resultaat als "goedkoper dan het vernieuwen van de weg".
Strukton
Ook aannemer Strukton paste in 2018 al LVO maatregelen toe in de gemeente Breda. Gedurende een vierjarig onderhoudscontract bestaande uit een combinatie van inspectie, gericht herstel en preventieve verjonging, regelden zij het asfaltonderhoud binnen de gemeente. Na gezamenlijke schouw en beoordeling van de onderhoudsbehoefte koos Strukton voor passende LVO maatregelen. Waar nodig werd de deklaag plaatselijk weggefreesd en vernieuwd, waarbij per situatie werd bepaald welk asfaltmengsel het beste aansloot op de omstandigheden. Wegafsluitingen duurden maximaal een dag. In de meeste gevallen zelfs een halve dag of minder, waarna de weg direct weer toegankelijk was. Op de Oosterhoutseweg paste Strukton daarnaast ook een verjongingsmiddel toe als levensduurverlengende maatregel: niet als correctie van aangetaste schade, maar als preventieve behandeling van een weg die nog in bruikbare staat verkeerde. Wat beide maatregelen verbindt, is het doel: bestaand wegdek langer bruikbaar houden door op het juiste moment de passende maatregel te kiezen.
Er bestaat geen regelgeving die wegbeheerders verplicht tot het toepassen van LVO”
Om dat juiste moment te bepalen, is inzicht nodig in zowel de actuele toestand van de verharding als het verwachte verloop van de achteruitgang. Digitale weginspecties kunnen helpen om de conditie van het wegdek snel en op basis van data te beoordelen, bijvoorbeeld met INSPECH van Unihorn. Door inspecties te herhalen, wordt zichtbaar hoe de verharding zich in de tijd ontwikkelt. Dat helpt wegbeheerders om onderhoud te prioriteren en beter te voorspellen wanneer een verjongingsbehandeling zinvol is.
Meer dan een kostenvoordeel
De winst van LVO gaat verder dan de directe kostenvergelijking, aldus het ministerie van IenW. Wie minder vaak vervangt, verbruikt minder nieuw asfalt, bitumen en grondstoffen, en drukt daarmee ook de CO₂-emissies in de keten. Bovendien worden LVO-werkzaamheden vrijwel altijd in nachtvensters uitgevoerd, terwijl toplaagvervanging op rijkswegen doorgaans weken aan wegafzettingen vereist. Minder hinder en minder omrijschade voor het vrachtverkeer zijn reële voordelen die zelden in de officiële kostenvergelijking worden meegenomen.
Kansen voor bredere toepassing
De voorbeelden bij gemeenten en buitenlandse wegbeheerders laten zien welke mogelijkheden LVO biedt. De vraag is hoe deze ervaringen kunnen bijdragen aan een bredere, structurele toepassing, ook op rijkswegen. Het ministerie van IenW schrijft: “Er bestaat geen regelgeving die wegbeheerders verplicht tot het toepassen van LVO.” Daarmee ligt er ruimte om gezamenlijk te verkennen welke contractuele, financieringstechnische en organisatorische voorwaarden een bredere toepassing kunnen ondersteunen. De onderhoudsopgave maakt die verkenning in 2026 bijzonder relevant.
Het onderhoudstekort loopt op naar tientallen miljarden euro’s en de budgetten zijn onvoldoende om alles tijdig te vervangen. De afweging tussen preventief onderhoud en vervanging is daarmee een concrete operationele vraag geworden. Wegbeheerders, aannemers en specialisten in inspectie en onderhoud kunnen daarbij hun kennis combineren om per situatie de passende maatregel en het juiste moment te bepalen. LVO lost het totale tekort niet op, maar kan, waar technisch geschikt en tijdig toegepast, helpen om vervanging uit te stellen en toekomstige onderhoudskosten te beperken.
Dit artikel is gesponsord door 12tender.









