Voor VORM gaan duurzaamheid en digitalisering hand in hand: 'Zonder slimme woningen geen energietransitie’

Woningen slim laten omgaan met energie is een essentieel onderdeel van de energietransitie. Daarvan is Norbert Schotte, innovatie- en duurzaamheidsmanager van VORM, overtuigd. In 2021 wil hij dat alle VORM-woningen in de basis slim worden. “Ik kan het niet verkroppen dat we in Nederland nog stééds domme huizen bouwen.”
12-11-2020 Rotterdam Norbert Schotte van VORM Foto: Guido Benschop

Hoe brengen we vanaf 2021 versnelling in de energietransitie? Als Norbert Schotte die vraag krijgt, hoeft hij niet lang na te denken: onder andere door woningen slim te maken. Het is niet het meest voor de hand liggende antwoord dat een gemiddelde bouwer zou geven. Maar voor Schotte gaan digitalisering en duurzaamheid hand in hand. Niet voor niets is hij bij VORM duurzaamheids- én innovatiemanager. “Die twee gaan bijna altijd samen”, is zijn visie.

Schotte is ervan overtuigd dat slimme woningen een oplossing kunnen bieden voor thema’s als gezondheid en zorg, maar ook zeker voor de energietransitie. Dat de gemiddelde FIAT Panda van 15.000 euro slimmer is dan het gemiddelde Nederlandse huis van 400.000 euro, vindt hij bizar. “Alles om ons heen wordt intelligent. Hoe kan het dat de plek waar we het meeste verblijven dan dom blijft?”

Verandering

Sinds vorig jaar is hij bij VORM bezig daar verandering in te brengen. De ontwikkelende bouwer loopt voor op dit gebied. Al in 2014 is de ontwikkeling van het Smarthomes-concept gestart. Sinds zijn bemoeienis vorig jaar krijgt het beleid vorm: de eerste Smarthomes worden nu in Den Haag gebouwd en er volgen er vele in rap tempo.

Maar dat is voor Schotte lang niet voldoende. Zijn ambitieniveau is hoog: volgend jaar wil hij dat alle VORM-woningen in de basis slim worden gebouwd. Ook wil hij in 2021 de eerste bestaande woningen smart maken, over vijf à tien jaar zou het gros slim moeten zijn.

Energie besparen

Allemaal leuk en aardig, maar wat heeft het voor nut voor de energietransitie? Het antwoord is vrij simpel, stelt Schotte. “Als je elektriciteit slimmer gebruikt, kun je enorm veel besparen”, legt hij uit.

Een voorbeeld. “Stel, je huis heeft zonnepanelen én is verbonden met de weersvoorspelling. Je woning kan dan zelf bepalen hoe hij het meest gunstig omgaat met de opgewekte energie en kan bijvoorbeeld automatisch je vaatwasser laten draaien of je auto opladen op gunstige momenten. Nu is het nog zo dat je 70 procent van de teveel opgewekte energie teruglevert aan het net. Straks kun je die energie gebruiken om de boiler te boosten of op te slaan in een accu. Die opgeslagen energie kun je gebruiken op momenten dat je weinig opwekt.”

Norbert Schotte
Norbert Schotte is al sinds 2014 werkzaam bij VORM. Eerst in een afstudeerfunctie, later kwam hij er in dienst. In eerste instantie was hij vooral gericht op verbeteringen in het werkproces en later kwamen er innovatie en duurzaamheid bij. Voor Schotte is een bijdrage leveren aan grote maatschappelijke vraagstukken een van de belangrijkste redenen dat hij in deze functie actief is.

Ook veel kostenreductie

Dit bespaart niet alleen energie, maar ook kosten, gelooft Schotte. “De salderingsregeling loopt af en we gaan toe naar flexibele energiecontracten, je bent een dief van je eigen portemonnee als je dan nog dom met je energie omgaat. Het slim maken van een woning is ook helemaal niet zo duur, het kan al voor zo’n 1.000 euro. Als je daarmee veel bespaart, kun je uitrekenen hoe rendabel het is.”

Daarnaast draagt het slim maken van de woning bij aan problemen van netbeheerders, vervolgt hij. Zij kampen door het energietransitievraagstuk met capaciteitsproblemen van het elektriciteitsnet. “In bestaande bouw is het elektriciteitsnet niet afgestemd op warmtepompen en elektrisch koken. Netten moeten daarvoor worden verzwaard en dat kost miljarden. Als woningen slimmer omgaan met die energie, heb je te maken met zogenaamde vermeden netverzwaringskosten.”

Voor elke woning met een stopcontact

Maar kunnen huizen überhaupt wel zo makkelijk slim worden? Ja, is de visie van Schotte. “In principe kan elke woning met een stopcontact dit aan”, stelt hij. “Vooral bij nieuwbouw is het peace of cake. Bij bestaande bouw is het ingewikkelder. Maar de grootste uitdaging is vooral hoe bewoners ermee om gaan.”

Uit onderzoek blijkt dat maar een klein gedeelte van de consumenten een smarthome wil (slechts 3 procent). “Als ik van tevoren puur naar dit cijfertje had gekeken had ik het niet gedaan”, geeft de duurzaamheidsmanager toe. “Maar dit zou bekrompen zijn. Er was ook geen behoefte aan een mobiele telefoon. Bovendien zien we wereldwijd een hele andere ontwikkeling. Ik geloof erin dat wij door goed te communiceren, mensen kunnen overtuigen dat dit bijdraagt aan de kwaliteit van hun leven. Ik verwacht dat Smarthomes hun weg zeker gaan vinden. Sterker nog: Over 10 jaar ben je het sukkeltje van de klas als je geen smarthome-oplossing hebt.”

Puzzelstukje

Is dit dan dé oplossing voor de energietransitie? “Nee, dat ook weer niet”, zegt Schotte stellig. “Ik heb een hekel aan mensen die stellen dat er een ultieme manier is. Het is een van de puzzelstukjes voor het geheel. Voor mij is de gouden regel: beperk de energievraag door kierdichting en door te isoleren. Vervolgens gebruik te maken van duurzame energie (door bijvoorbeeld een warmtepomp en zonnepanelen). Pas de derde stap is slim omgaan met de energie binnen de woning én de wijk.”

Schotte denkt dat integrale concepten een enorme bijdrage kunnen leveren aan de energietransitie. “Bedenk kant-en-klare oplossingen voor een hele regio. Slim omgaan met de energie binnen die wijk, door bijvoorbeeld uitwisseling, hoort daarbij. We krijgen dus een cascade aan schaalniveaus die op slimme wijze energie uitwisselen: straatniveau, wijkniveau, stadsniveau, regioniveau, landelijk en internationaal.”

Digitaliseringsvraagstuk

Daarmee is de energietransitie niet alleen een verduurzamingsopgave, maar ook een digitaliseringsvraagstuk. “Ik denk dat er maar weinig partijen zijn in de sector die dit ontkennen. Ga maar na: er zijn steeds meer ontwikkelingen die datagedreven zijn. Een gemiddelde warmtepomp is een intelligent ding en deze maand bracht McKinsey nog een artikel uit wat gaat over het moderniseren van het elektriciteitsnet, smartgrids dus. Daarom kan ik het niet verkroppen dat woningen als enige dom blijven. Als die niet meegaan, worden huizen het lelijke eendje in het geheel van slimme concepten.”

Schotte hoopt dat niet alleen VORM, maar veel meer partijen zich hiermee bezig gaan houden. Zijn ultieme doel is dat straks geen een woning meer dom is en in verbinding staat met slimme omgevingen. “Ik nodig de sector graag uit hiermee aan de slag te gaan. Het is mooi dat mijn persoonlijke drive en doelen aansluiten bij die van VORM. We willen allebei de sector vernieuwen en verduurzamen. Maar VORM is niet de enige die deze verantwoordelijkheid draagt, de hele sector zou die moeten oppakken. Gelukkig zie ik veel positieve verandering in de sector.”

Positieve impact

Het is niet slim deze ontwikkeling te negeren, waarschuwt hij.  “Je kunt hier zovéél uithalen als bouwer en ontwikkelaar. Steeds meer tenders zijn prestatiegedreven en stellen eisen aan vastgoed. Zonder sensors, kun je die eisen simpelweg niet monitoren en dus de prestatie niet garanderen”, aldus Schotte.

Bovendien is uitsluitend geld verdienen niet van deze tijd, is zijn visie. “Ga voor jezelf te rade op welke wijze jij bijdraagt aan het creëren van een positieve impact, want ondernemen om geld te verdienen is niet van deze tijd. Dat zal je duur komen te staan. Bovendien is dit onderdeel van een veel bredere ontwikkeling: het hele bouwproces wordt digitaal en verplaatst zich naar de fabriek.”

Smarthomes: meer dan huizen met gadgets
Smarthomes zijn meer dan alleen huizen met gadgets. Die fabel wil Norbert Schotte uit de lucht helpen. “Mensen denken bij slimme huizen vaak vooral aan slimme verlichting en robotstofzuigers. Het heeft wel een relatie, maar een Smarthome is veel meer.”
Schotte hanteert drie kwaliteitsstandaarden voor Smarthomes. De eerste is integraliteit: woningen moeten berekenbaar zijn op vele situaties. “De een is een ochtendmens, de ander een avondmens. Op al die situaties moet een slimme woning kunnen inspelen.” De tweede is gebruiksgemak. “Als een bewoner niet in staat is om scenes aan te passen, is het huis te complex.” Tot slot is zekerheid nog een belangrijke eis. “Enerzijds is van belang dat alles moet blijven werken, anderzijds moet je zeker zijn dat je privacy blijft gewaarborgd.”