nieuws

Bouwers kunnen 1,5 jaar besparen met nieuw ‘kookboek’ voor beschermde diersoorten

woningbouw Premium 1366

Bouwers kunnen 1,5 jaar besparen met nieuw ‘kookboek’ voor beschermde diersoorten

Vertraging, projecten die in de knel komen. Beschermde diersoorten zorgen bij renovatieprojecten steeds vaker voor problemen. Nu de verduurzaming in een hoog tempo wordt doorgevoerd, kunnen natuurbeschermingsregels voor meer vertragingen gaan zorgen. Andersom brengt de verduurzaming ook de huismus, gierzwaluw en vleermuissoorten in gevaar, vreest stadsecoloog Max Klasberg. Hij vindt verandering daarom noodzakelijk en bedacht een plan.

Vleermuizen, huismussen, gierzwaluwen. Het zijn leuke beestjes, maar ze zorgen voor veel overlast. Bouwers en opdrachtgevers zijn volgens de wet verplicht om bij elk project onderzoek te laten uitvoeren naar deze beschermde diersoorten. Ook moeten ze maatregelen treffen op de bouwplaats en een ontheffing aanvragen. Dit kost veel tijd en geld, vooral omdat bouwers vaak veel te laat beginnen met onderzoek, stelt Klasberg.

‘Ecologen worden veel te laat gebeld’

“Het begint al bij de inschakeling van ecologen”, vertelt de stadsecoloog van Arcadis. “Twee weken van te voren worden ze gebeld voor onderzoek. Dat is véél te laat. Een onderzoek naar beschermde diersoorten kost maanden. Dan is er nog een ontheffing nodig en moeten er maatregelen genomen worden, zoals het plaatsen van tijdelijke vleermuiskasten. Je bent dan zo twee jaar verder. Maar wie het niet doet riskeert een boete die oploopt tot 20.000 euro.”

Als je een fout maakt in je planning, komt een bouwproject hierdoor flink in de knel, waarschuwt hij. Klasberg is het de afgelopen jaren vaak genoeg tegen gekomen. Projecten die vertraging opliepen omdat er opeens vleermuizen werden ontdekt, of omdat er gewoon veel te laat aan de dieren wordt gedacht. “Elke keer moest ik me weer in bochten wringen om dit op te lossen. Daarom zei ik op een gegeven moment: dit moet anders.”

Huismusnest die voor veel vertraging kan zorgen bij renovatieprojecten.

Nieuw plan dat 1,5 jaar tijd bespaart

Met de nieuwe Wet natuurbescherming (die sinds 1 januari 2017 de Flora- en faunawet vervangt) bij de hand, bedacht hij een plan, genaamd Soortmanagementplan (SMP). Daarbij worden beschermde diersoorten voortaan per gebied en woningtype in kaart gebracht. Dit betekent dat opdrachtgevers niet meer bij elk renovatieproject apart een onderzoek hoeven uit te voeren, maar dat dat in één keer vooraf wordt gedaan. Ook hoeft er dan niet meer per project een ontheffing aangevraagd te worden. Een ontheffing voor het gebied, en klaar is kees.

“Het SMP is een soort kookboek”, legt de stadsecoloog uit. “Als je de recepten strikt volgt, worden de huismus, gierzwaluw en vleermuizen afdoende beschermd. De focus ligt daarbij op het behoud van populaties op gebiedsniveau.”

Maar liefst 1,5 jaar tijdswinst levert het volgens Klasberg op. “Dat je niet bij elk project of bij elk huis dat je wilt renoveren een onderzoek hoeft te laten doen en een ontheffing hoeft aan te vragen, scheelt enorm veel tijd. Natuurlijk moet je nog wel de natuurinclusieve maatregelen toepassen. Zo moet je rekening blijven houden met ruimte voor vleermuizen in de spuimuren. Maar dat kost slechts een paar maanden.”

’75 procent minder kosten’

Doordat de kans op vertraging hierdoor aanzienlijk afneemt, denkt de ecoloog dat dit een flinke besparing oplevert. Van zo’n 75 procent, schat hij. Tenminste, als je echt alle werkzaamheden volgens de Wet natuurbescherming dan wel écht uitvoert. “Ook hoef je geen tijdelijke verblijfplaatsen meer te regelen voor de beschermde dieren. Die worden namelijk ook allemaal van te voren vast gelegd. Dat scheelt ook aardig wat geld”, is zijn redenatie.

Servatius de eerste

Woningcorporatie Servatius is de eerste opdrachtgever die zo’n generieke ontheffing heeft weten binnen te slepen. De Limburgse corporatie is daardoor de komende tien jaar van het aanvragen van een ontheffing verlost. Ook hoeft Servatius geen onderzoek meer uit te voeren. Het gehele woningbezit is namelijk in een keer onderzocht.

“Voor het hele gebied (Maastricht, Eijsden) is in kaart gebracht wat voor maatregelen we moeten nemen”, vertelt projectleider Lex Huppert. “Bij grondgebonden woningen is dat bijvoorbeeld anders dan bij flatwoningen. Daar moeten we rekening houden met de gierzwaluw.” Servatius heeft al een renovatieproject van twaalf woningen in gang gezet, zonder een ontheffing aan te vragen.

‘Verduurzaming steeds belangrijker’

Huppert is erg blij met de ontwikkeling, want de komende tijd staan er nog veel meer renovaties op de planning. Verduurzaming is op dit moment de grootste focus. “Het plan van Arcadis kwam precies op het juiste moment”, zegt Huppert opgetogen.

Volgens Klasberg komt het eigenlijk maar nét op tijd. De druk op de markt om te verduurzamen is namelijk zo groot, dat in alle haast allemaal woningen onder handen worden genomen. “Als er nu niets gebeurt, dan zullen de gebouwbewonende diersoorten verdwijnen”, vreest de ecoloog. “Daarom moéten we nu echt doorpakken. We werken ook samen met collega-ingenieursbureaus, want het is enorm veel werk om gebieden te onderzoeken en in kaart te brengen. Dat lukt ons niet alleen.”

Een natuurinclusieve maatregel: de vleermuiskast.

Gemeenten en provincies betrokken

Gemeentes zijn ook betrokken. Zo weet de gemeente Maastricht precies wat voor maatregelen er bij de projecten van Servatius getroffen moeten worden. De overheidsinstantie controleert ook elk jaar.  Daarnaast is Arcadis in gesprek met alle provincies. Want sinds de Flora- en faunawet is gewijzigd begin vorig jaar, loopt het bevoegd gezag via de provincies.

Dat laatste zorgt er ook voor dat een goed plan noodzakelijk is, stelt Huppert. “Voorheen lag het bevoegd gezag in Den Haag en toen werd er eigenlijk niet gehandhaafd. Veel corporaties wisten niet eens dat er een flora- en faunawet was en deden dus ook niets aan de bescherming van diersoorten. Wij kwamen er ook pas vijf jaar geleden achter, we hadden dus voor eerdere projecten een dikke boete kunnen krijgen. Nu beseffen steeds meer bouwers en opdrachtgevers dat er iets moet gebeuren. Een goed plan, dat niet elke keer opgesteld moet worden per nieuw project, is dan belangrijk.”

Huppert raadt het SMP van Arcadis dan ook aan. Al stelt hij wel dat een besparing van 75 procent overdreven is. “Ik denk dat wij zo’n 20 procent aan kosten besparen”, aldus de projectleider. 


‘Laat steden niet veranderen in soortenarme woestijnen’

Woningcorporatie Servatius is niet de enige die gaat werken met het Soortmanagementplan. Arcadis is nu bezig een generieke ontheffing aan de vragen voor de hele regio Den Haag. Hiervan kunnen dan meerdere corporaties gebruik maken, stelt stadsecoloog Klasberg. “We zijn in dat gebied in gesprek met vijf woningcorporaties en met de gemeente. Als we van te voren het hele gebied in kaart brengen, kunnen ze er straks allemaal gebruik van maken”, legt hij uit.

Een generieke ontheffing aanvragen voor heel Nederland kan in theorie wel, maar zal in de praktijk waarschijnlijk niet werken, denkt hij. “Voor simpele zaken kan het wel, voor bepaalde diersoorten, maar niet voor alles. Dat komt omdat niet alle gebieden in het land hetzelfde zijn en beschermde soorten ook niet overal even algemeen zijn. Hier zal je op moeten inspringen. We zijn wel bezig met het opzetten van een catalogus, waarin alle beschermingsmaatregelen komen te staan en alle regels over natuurinclusief bouwen. Hopelijk wordt natuurinclusief renoveren en verduurzamen straks de nieuwe standaard en veranderen de steden niet in ‘soortenarme woestijnen’.”

Reageer op dit artikel