nieuws

Zonnepanelensector schrikt op na instorting AZ-stadion: ‘Niet elk bedrijf even secuur met berekeningen’

utiliteitsbouw 2522

Zonnepanelensector schrikt op na instorting AZ-stadion: ‘Niet elk bedrijf even secuur met berekeningen’
Het Thialf-stadion wordt voorzien van zonnepanelen. Foto Marco Lubbers/Catch yourmoment

Paniek, extra controles, een spervuur aan vragen. De zonnepanelensector staat op z’n kop sinds het dak van het AZ-stadion gedeeltelijk instortte. Absoluut niet élk dak kan extra belasting van panelen aan, stellen kenners. “Als er toch panelen op worden gelegd, zijn er grote risico’s.”

Zonnepanelen? Zijn die de oorzaak van de ravage in het AZ-stadion? Enkele dagen na instorting lijkt het er wel even op. Geruchten doen de ronde op social media, er komt zelfs een filmpje naar buiten waarin zonnepanelenleverancier Sunprojects beweert dat het dak niet berekend was op panelen.

NAC Breda kondigt aan onderzoek te laten doen naar het dak, omdat daar óók 2100 panelen zijn aangebracht. Bij ADO Den Haag besluit de gemeente een veiligheidsinspectie uit te voeren en bij Euroborg in Groningen gaan controleurs van ID Light en Toes Solar ook meteen een kijkje nemen. “We hebben er vertrouwen in dat ze er stevig op liggen, maar we zijn toch maar even gaan controleren”, vertelt Serge Stolk, een van de eigenaren van ID Light, vlak na de controle. “Het ziet er gelukkig goed uit.”

Paniek in sector

Het typeert de paniek in de sector vlak na de instorting. Een paar dagen later worden de verhalen de kop in gedrukt door een conclusie van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid: niet de zonnepanelen, maar falende lasverbindingen hebben voor de instorting gezorgd.

Toch betekent dit niet direct weer rust in de markt. Het ongeluk in Alkmaar heeft de sector op scherp gezet. Want wordt er altijd wel zo goed opgelet bij het plaatsen van zonnepanelen? Worden er altijd berekeningen gedaan?

‘Niet elk bedrijf gaat secuur om met berekeningen’

Arice Kuijpers, CEO van Zonel Energy vreest dat niet elk bedrijf even secuur omgaat met sterkteberekeningen van daken. Zijn bedrijf dat onder andere zonnepanelen heeft geplaatst op Thialf neemt het in ieder geval zeer serieus, beweert hij. Zonel doet na een eigen berekening altijd nog een check door een externe constructeur. “Absoluut niet alle bedrijven doen dat”, weet hij. “We zijn daardoor ook duurder. Maar sinds het voorval bij AZ vragen steeds meer klanten om extra berekeningen en dus wordt onze concurrentiepositie een stuk beter.”

Goed voor zijn bedrijf dus, maar het voorval straalt daarentegen niet goed af op de sector. “Ik hoop dat er overal goede berekeningen worden gemaakt, anders maak ik me grote zorgen over andere daken. Ik ben bang dat er ook bedrijven zijn die de panelen er gewoon opleggen als de klant maar betaald. Dat zou niet best zijn, want absoluut niet élk dak kan zonnepanelen aan.”

20 procent niet geschikt

Volgens de eigenaar blijkt na controle dat 20 procent van de daken na controle niet geschikt is voor zonnepanelen. In sommige gevallen kunnen er nog extra versterkingsmaatregelen worden getroffen, maar niet altijd is dat een optie, stelt hij. “Met het blote oog kun je niet zien dat deze daken niet geschikt zijn, daarvoor moet je áltijd een onderzoek doen en berekeningen uitvoeren. Als op deze daken tóch panelen worden gelegd, dan kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan.”

Breda doet toch geen onderzoek

Breda gaat uiteindelijk tóch geen onderzoek doen naar het Rat Verleghstadion. Volgens de gemeente blijkt dit, ondanks de eerdere aankondiging dit wel te gaan doen, niet nodig te zijn. “De adviseurs die ons afgelopen jaren hebben bijgestaan bij de dakconstructie, hebben naar aanleiding van het incident bij AZ, aangegeven dat het dak van het AZ-stadion anders in elkaar steekt en dat er op dit moment geen aanleiding is voor nieuw onderzoek aan het Rat Verleghstadion. We wachten het onderzoek in Alkmaar af en zullen de uitkomsten beoordelen of deze ook van toepassing zijn voor de overkapping van het Rat Verlegh stadion”, laat projectleider Peter Arends van de gemeente weten. Voordat er in 2018 zonnepanelen zijn gelegd op het stadion, is er volgens de gemeente bovendien uitgebreid onderzoek gedaan of het dak daarvoor wel geschikt was. “Het onderzoek richtte zich op de volledige constructie, inclusief de bevestigingspunten. Het dak van het Rat Verleghstadion was sterk genoeg omdat de belasting met een hulpconstructie rechtstreeks werd afgedragen naar de gordingen.”
Ook wordt de bevestiging van de zonnepanelen volgens de gemeente twee keer per jaar gecontroleerd. Ook andere constructies van gebouwen worden volgens de projectleider eerst grondig onderzocht voordat er zonnepanelen op worden gelegd. Het is wel de eigen verantwoordelijkheid van gebouweigenaren om te zorgen voor een goede constructie. “Bij vergunningaanvraag voor een constructie controleert de gemeente of volgens bouwvoorschriften wordt gewerkt.”

Eneco bevestigt dat er een zeker risico is op instorting als er bij daken niet genoeg rekening is gehouden met extra belasting. Het energiebedrijf dat zelf panelen op het ADO Den Haag stadion heeft geplaatst, laat daardoor altijd een constructeur berekeningen uitvoeren. “Een constructie moet iédere extra belasting aan kunnen. Daarom plaatsen wij alleen zonnepanelen als dit het geval is”, laat woordvoerder Edwin van de Haar weten.

Zo niet, dan plaatst Eneco niet. Versterkende maatregelen zijn vaak te kostbaar, verklaart Eneco. “Het is bij ons best zwart-wit. Als het wél kan vragen we ook altijd nog akkoord van de gebouweigenaar.”

Gevaar voor ander stadions?

Maar bestaan er dan werkelijk daken waar instortingsgevaar dreigt? Volgens Meint Smith, constructief adviseur van Arcadis en hoofdconstructeur van de Johan Cruijff ArenA en betrokken bij de plaatsing van de zonnepanelen op dit stadion, loopt het zo’n vaart niet. Hij bevestigt dat er zeker een haalbaarheidsonderzoek en goede berekeningen van een constructeur nodig zijn bij het leggen van panelen, maar hij denkt niet dat er daarin veel risico’s worden genomen. “Ik kom dat in ieder geval niet tegen. Bij AZ was er meer aan de hand dan overbelasting door zonnepanelen. Dat vermoeden had ik meteen al. Bij deze windsterktes zou een gebouw niet moeten instorten, ook niet als later zonnepanelen zijn bijgeplaatst.”

Andere stadions lopen volgens hem ook geen gevaar. Ook al zijn die dakconstructies vaak licht uitgevoerd, toch is er bij dit soort gebouwen genoeg reserve ingebouwd om zonnepanelen te kunnen dragen. “Panelen wegen niet zo veel, zo’n 15 kilo per vierkante meter. Relatief voeg je dus niet zoveel toe. Bovendien wordt er in het ontwerp van zo’n stadion vaak rekening gehouden met iets van reserve. Dat is genoeg om panelen te kunnen dragen”, is zijn verklaring.

Boutverbindingen: meer controle

Toch is hij er wel van overtuigd dat het verstandig zou zijn om boutverbindingen tijdens het gebruik nog eens te controleren. Nu worden deze alleen gecheckt bij oplevering. “Ik zou zeggen: doe de kritische punten eens in de vijf á tien jaar. Loop dan meteen het hele stadion na. Dan sluit je ongelukken helemaal uit.”

Volgens Kuijpers is het veel belangrijker dat elk bedrijf van te voren een goed onderzoek en berekeningen laat uitvoeren. Zonel Energy doet dit ook bij Sportstad Heerenveen waar dit najaar 6700 panelen op worden gelegd. Zorgen om dit instortingsgevaar bij dit gebouw zijn er daardoor totaal niet.

“We hebben naar aanleiding van het AZ-stadion wel wat extra vragen gehad van de gebouweigenaar. Die heeft een dossier aangelegd met alle constructieberekeningen en dit gedeeld met de gemeente en hun verzekeraar terwijl dit eigenlijk niet nodig is. Maar verder gaan we er bij dit project niet anders mee om dan anders. Zoals altijd vragen wij de constructieve berekeningen op van de gebouweigenaar en dan doen we onze eigen berekeningen. We laten het dan nog een keer toetsten door een externe constructeur. Als je dat gewoon keurig doet, is er echt geen reden tot zorg”, aldus de CEO.

Reageer op dit artikel