nieuws

Geen stinkende en brommende aggregaten meer op festivals dankzij Eindhovense energietoren

infra 1445

Geen stinkende en brommende aggregaten meer op festivals dankzij Eindhovense energietoren

Een toren vol zonnepanelen en een windturbine aan top moet festivals gaan verlossen van stinkende dieselaggregaten. Volgende week krijgt de green energy mill van een team onder aanvoering van de TU Eindhoven zijn eerste echte praktijkproef op het Belgische Pukkelpop.

De Green Energy Mill, GEM, is maandag voor het eerst opgebouwd op het terrein van de TU/e. Een uitklapbare stalen vakwerkconststructie staat bovenop een voet die is verzwaard met een flink accupakket.  Daardoor zijn er geen grondankers nodig, wat de mobiliteit van de constructie ten goede komt. Op 18 meter hoogte kan de turbine met verticale as in veel gevallen voldoende wind oogsten.

Toren moet 261 dagen per jaar stroom kunnen leveren

Is de wind afwezig, dan moeten zonnecellen garant staan voor een stabiele stroomopwekking. De toren is uitgerust met 144 kleine flexibele dunne film zonnecellen. Het concept van de GEM voorziet ook in nog eens tientallen van van die cellen die de festivalorganisatoren op de op de daken van hun etenskramen, toiletwagens of tenten leggen.  Ook die kunnen gekoppeld worden aan het accupakket van 90 kWh zodat daarmee energieluwe perioden overbrugd kunnen worden. Volgens de berekeningen moet de toren 261 dagen per jaar energie kunnen leveren. Maar dat gaan ze dus nu uitproberen tijdens de pilotfase die volgende week van start gaat met een plaatsing bij het Belgische festival Pukkelpop.  Daarna volgen nog wat festivals.

De kleurige vlakken waarmee de vakwerkconstructie is ingevuld zijn zogeheten LSC zonnepanelen die ook in de schaduw energie opwekken.  Foto: Bart van Overbeeke

De veertig gekleurde vlakken die de toren zijn vrolijke uiterlijk geven wekken ook energie op. Het zijn zogeheten LSC panelen, een techniek ontwikkeld aan de TU/e door de vakgroep van prof. Michael Debije. De kleurige panelen vangen inkomende lichtstralen in en geleiden die naar  de randen waar de geconcentreerde lichtbundel valt op geïntegreerde zonnepanelen. Onder andere Heijmans voerde al eens een proef uit met een geluidsscherm langs de A2 voorzien van LSC panelen. Omdat de LSC-panelen geen direct zonlicht nodig hebben, zijn ze breder toepasbaar dan normale zonnecellen. Zowel in de schaduw als in de zon leveren de LSC-panelen energie.

Hijskraan in de toekomst niet meer nodig

Om de toren op te bouwen is nu nog een hijskraan nodig. Maar het is de bedoeling dat bij een volgende versie de vakwerkconstructie zichzelf kan ontvouwen. Deze toren moet vanaf volgend jaar volledig operationeel zijn en commercieel worden ingezet bij festivals. Daarna gaat het team onder leiding van Faas Moonen van de TU/e verder met de ontwikkeling van een nieuwe, verbeterde versie.  Moonens droom is dat hij op termijn alle festivals, zomer en winter van energie kan voorzien dankzij een netwerk aan batterijen, torens, zonnecellen en andere duurzame innovaties.

Bij de volgende versie is de GEM tower uitgerust met een mechanisme zodat hij zichzelf kan ontvouwen. Foto: Bart van Overbeeke TU/e

Reageer op dit artikel