nieuws

‘Bodeminjecties zijn allang geen hocus pocus meer’

infra

Gelinjecties om bouwkuipen van onderaf te dichten, hebben voor bouwers nog een hoog Ti Ta Tovenaar-gehalte. Twee recente incidenten ondermijnen volgens Soil-ID het vertrouwen in de techniek dat met veel inspanningen was ontstaan.

Zo’n honderdvijftig bouwkuipen heeft hij inmiddels afgedicht door via kleine kunststof slangetjes waterglas diep in de bodem te spuiten tot een aaneengesloten laag. Zo kan grondwater niet naar boven dringen. De techniek heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Had Patrick Wolfs een paar jaar terug een goede dag als hij 12.000 liter waterglas in de bodem injecteerde, met de vernieuwde inzichten en de injectie-opstellingen die hij met Soil-ID ontwikkelde, werkt het bedrijf gemakkelijk 200.000 liter per dag in de ondergrond. Steeds meer aannemers en ingenieursbureaus zien dat gelinjecties een aantrekkelijk alternatief vormen voor nat ontgraven van een bouwkuip en storten van een vloer van onderwaterbeton.

Er zijn wat dat betreft grote stappen gemaakt sinds de eerste voorzichtige gelinjecties in de jaren tachtig en negentig. Dat realiseert Wolfs zich terdege. “Toch dreigen twee recente incidenten bij bouwkuipen in Apeldoorn en Zwolle de branche weer terug te brengen bij af.”

In Apeldoorn kreeg hij ruzie over het water in de bouwkuip voor de Brinkparkgarage. Er stroomde veel meer water in dat gedacht. “Dat kwam weliswaar niet door de gellaag, maar door de damwandsloten, maar toon dat maar eens aan.”

Wolfs liet de vloer doormeten door Texplor. Maar die firma hanteert een techniek met een zo mogelijk nog hoger Ti Ta Tovenaar-gehalte dan de bodeminjecties zelf. Elektrische stroompjes die door de bodem worden gestuurd, geven aan waar het lek zich bevindt. De Texplor-meting wees duidelijk in de richting van de damwandsloten, maar de aannemer was niet overtuigd. Wolfs en consorten konden maanden wachten op hun geld. Een rapport van een onafhankelijke derde, Fugro, was nodig om uit de impasse te komen.

Het onderzoek pleitte de gelvloer vrij. Ondertussen waren de kosten voor de aannemer onnodig hoog opgelopen en was de techniek toch in kwaad daglicht komen te staan. In Zwolle liep Soil-ID onlangs aan tegen iets vergelijkbaars bij een nieuwe voetgangerstunnel onder het spoor. Daar was een ander injectiebedrijf aan het werk en leidde lekkage van de bouwkuip tot een hoop discussie. Ook hier waren damwanden, injectielaag en bemali ng in afzonderlijke contracten ondergebracht, wat de discussie enorm vertroebelde. Inmiddels heeft ProRail het contract opengebroken en zijn het betonwerk en de bouwkuipen voor trappenhuizen uitbesteed aan Dekker Krabbendam. Soil-ID verzorgt de horizontale grondinjecties voor deze kuipen. Verdeeld over zes kleine bouwkuipjes hebben ze een debiet van niet meer dan 9 kuub per uur. Terwijl de oorspronkelijke put worstelt met 200 kuub.

Het geeft volgens Patrick Wolfs aan hoe gevoelig het werken ligt met zo’n gellaag. “Het is voor veel bouwers, maar ook voor ingenieursbureaus en opdrachtgevers toch iets wonderlijks. Ze begrijpen en vertrouwen het niet helemaal en als er onverhoopt iets fout gaat, is er een gemakkelijk doelwit. Die hele hocus pocus met die gellaag zal wel niet deugen.

Hoe de impasse te doorbreken? Een andere samenwerkingsvorm zou volgens Wolfs het mooist zijn. De bouwkuip zou integraal moeten worden aangenomen door een bedrijf dat verantwoordelijkheid neemt voor zowel de damwanden, de gellaag als de bemaling. Dan weet je ook zeker dat het juiste type bemaling wordt gekozen, want dat luistert nauw. Maar bij de huidige bouwmarkt zal zo’n nieuwe samenwerking volgens Wolfs voorlopig niet lukken. “De algemene kosten die zo’n onderaannemer boven op zijn prijs zet, houdt de hoofdaannemer liever voor zichzelf.” Dus zit er niets anders op dan te wijzen opde grote voordelen van de techniek en het feit dat je alle maatregelen wel goed op elkaar moet afstemmen.”

Anders bemalen

Een bouwput afgedicht met een gellaag, vraagt een geheel andere manier van bemalen. Als de damwanden niet lekken, komt er veel te weinig water de put in voor bronbemaling. In plaats daarvan moet er een filterpijp geplaatst worden met een klokpompje onderin. Dat voert het water, dat onder vrij verval toestroomt, af naar het maaiveld. Vaak kiezen aannemers uit gewoonte – en omdat het goedkoper is – voor een traditionele bronbemaling. “Je kunt ze als injectiebedrijf waarschuwen, maar je bent niet sterk genoeg om het gebruik van een lekwatersysteem af te dwingen.” Dat gelresten de pompen verstoppen, is volgens Patrick Wolfs van Soil ID een fabeltje. “Wat er gebeurt is dat door de hoge pH van de gellaag organische stoffen daar gemakkelijker oplossen. Bij de bron waar de pH weer lager is, slaan die stoffen weer neer. “Daarom kun je een gellaag niet los zien van de manier van bemalen, net zo goed als je hem niet los kunt zien van de damwand en de wijze van ontgraven.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels