artikel

Hoogspanningsinstallatie Maastunnel op afstand beheerd

infra 638

Hoogspanningsinstallatie Maastunnel op afstand beheerd

Zeker nu de Maastunnel in Rotterdam een ingrijpende renovatie ondergaat, komt het aan op een betrouwbare stroomvoorziening. De continuïteit van alle vernieuwde tunneltechnische systemen moet straks immers wel gewaarborgd zijn. Een toepassing om de hoogspanningsinstallatie op afstand te monitoren, kan helpen om onderhoud efficiënter en voorspelbaarder te maken.

Voorafgaand aan de renovatie van de Maas­tunnel, die in de loop van volgend jaar afgerond moet zijn, heeft energie-infrastructuurbedrijf Joulz de hoogspanningsinstallatie van de tunnel aangepakt. De renovatie was nodig om te kunnen voldoen aan de veiligheidseisen van de nieuwe Wet tunnelveiligheid.
Het gaat om de gehele hoogspanningsvoorziening, van bekabeling tot transformatorruimte. Er is geen nieuwe installatie ontworpen; Joulz heeft de bestaande voorziening aangepast. Die moet immers op orde zijn, omdat tijdens de grootscheepse opknapbeurt van de tunnel niet alleen beton wordt hersteld, maar ook de tunneltechnische systemen worden vervangen, zoals verlichting, ventilatie en brandmeldinstallaties. Al die installaties worden gevoed vanuit het elektriciteitsnet van Stedin.

Storingen voorkomen

De aanpassing van de elektrische voorziening van de Maastunnel was voor Joulz ook aanleiding om het beheer van de twee hoogspanningsstations in de tunnel anders in te richten. “Wij hebben een systeem geleverd, waarmee zij de monitoring van de hoogspannings­installatie en de energievoorziening op afstand kunnen doen”, zegt Rob de Jongh, business development manager bij Schneider Electric. “Dat scheelt in tijd en operationele kosten. Voorheen moest Joulz er echt fysiek naartoe om metingen te verrichten.”

De oplossing van Schneider Electric bestaat uit een combinatie van sensoren, die zijn geplaatst op verschillende plekken in de hoogspanningsruimte van de tunnel, en software. Het gaat nu nog om een pilot, maar als het complete systeem eenmaal in gebruik is, hoeft Joulz veel minder vaak monteurs naar de Maastunnel te sturen. De sensoren meten temperatuur en vochtigheid en er worden standmeldingen en energiemetingen geregistreerd. De waarden worden draadloos verstuurd. Door in te loggen op de software van Schneider Electric kunnen ze bij Joulz per tunnellocatie de metingen bekijken en het verloop volgen.

Uit die informatie valt veel op te maken en worden trends zichtbaar. Loopt de temperatuur bijvoorbeeld te veel op, dan is er wellicht een kabelaansluiting niet in orde. “Zelfs als je ernaartoe gaat, zie je dat niet zomaar. Dan zou je een thermische meting moeten doen”, aldus De Jongh. Door afwijkingen te signaleren, kan Joulz tijdig actie ondernemen en storingen mogelijk voorkomen voordat ze optreden. Een volgende stap is voorspellend onderhoud. “Als de trend stabiel is, kun je concluderen: misschien kunnen we het onderhoud een jaar uitstellen.”

Gegevens beperken

In samenspraak met Joulz is besloten wat voor soort informatie gemeten wordt. De Jongh adviseert in het algemeen bij dit soort toepassingen om de gegevensstroom te beperken. “Het heeft geen zin om klanten te overspoelen met informatie en om niet-relevante informatie te verzamelen. Dat werpt een drempel op. Dan wordt het te veel voor gebruikers en dan verzandt het.” Het nieuwe beheersysteem op afstand bij de Maastunnel betreft een pilot, die vorig jaar is gestart. De Maastunnel heeft twee hoogspanningsstations: een noordelijke en een zuidelijke.

Eén station is al voorzien van de nieuwe toepassing, de andere volgt nog. Het bijzondere zat er volgens De Jongh onder meer in dat het een hoogspannings­installatie betreft. “Bij laagspanning passen we beheer op afstand al vaak toe, maar dan alleen voor energie­meting, niet voor vochtigheid en temperatuur. Dat zijn wel factoren die de levensduur van een installatie kunnen beïnvloeden.” Dat de toepassing geschikt gemaakt moest worden voor bestaande in plaats van nieuwe apparatuur was een extra uitdaging, meent De Jongh. Uiteindelijk verwacht hij bij de aanleg van nieuwe energie-infrastructuren dat sensoren al direct ingebouwd worden in de installaties.

Andere gebruikers

Als de pilot bij de Maastunnel succesvol afgerond wordt, ziet hij ook kansen voor andere gebruikers van hoogspanningsinstallaties. Te denken valt aan data­centers, ziekenhuizen, industriële complexen, kantoorpanden, maar ook woonwijken. “Eigenlijk alle elektrische aansluitingen waar de energiezekerheid hoog is.” Natuurlijk beschikken kritische gebruikers ook over noodstroomvoorzieningen om de kans op uitval zo klein mogelijk te houden, maar reguliere dieselaggregaten zijn verre van duurzaam volgens De Jongh. Ook als beheer op afstand populairder wordt, hoeven monteurs niet te vrezen voor hun baan, denkt hij. “Monteurs worden niet overbodig. Ze kunnen hun tijd efficiënter besteden doordat ze niet meer naar twintig locaties hoeven, terwijl dat bij tien helemaal niet nodig blijkt te zijn.”

Reageer op dit artikel