nieuws

Met deze gebaren had uitvoerder John hem misschien wel kunnen redden

bouwbreed 4417

Met deze gebaren had uitvoerder John hem misschien wel kunnen redden
Illustratie: Pascal Tieman

Faceti loc! Wskazuje droge! Hoe waarschuw je een Roemeense of Poolse ijzervlechter dat er steigerdelen uit de kraan vallen? Roep jij dan help? Grote kans dat het toch verkeerd afloopt. Daar bedacht de bouw iets op: codetaal. “Dit gaat de bouw veiliger maken.”

Werkgevers- en werknemersorganisaties in de bouw lanceerden deze week Bouwspraak, een gebarentaal die alle bouwvakkers op korte termijn moeten beheersen. Omdat het op een gemiddelde bouwplaats bijna altijd een circus is van herrie en nationaliteiten. En omdat er nog altijd twintig doden per jaar vallen. Die mogelijk zijn te voorkomen met 26 uniforme waarschuwingsgebaren.

Van onderen!!!” Uitvoerder John(58) schreeuwde en tierde de longen uit zijn lijf, gebaarde druk met zijn armen, kraamde er van alles uit. Wat had het uitgehaald, helemaal niets. Het groepje bouwvakkers aan de overkant, bij gebouw twee, kon hem amper horen, de aggregaten, de vrachtwagens die af en aan reden, de betonmolen. En als ze hem al hoorden, dan hadden ze het niet verstaan.

“Het is die druktemaker weer”, leken ze in verschillende talen te denken, “die ‘piepert precies’”. Dat vond hij zo erg allemaal niet, dat ze hem als pispaaltje te kijk zetten, zijn huid was voor dat soort negatief gezeur inmiddels wel dik genoeg geworden.

Nee. Nu ging het hem om de gevolgen, om de vernietigende afloop die paradoxaal genoeg dan weer tijdelijk het gevoel van één voor allen en allen voor één opleverde. De dood als bindmiddel van versplinterde saamhorigheid. Alle gieken gaan pas dezelfde kant op als het te laat is. 

Vrijdag frietdag

Was dat altijd maar zo, die broederschap op de bouw, dacht John. En niet alleen na ongevallen. Van samen een kaartje leggen in de keet, gezellig een frietje eten op vrijdag frietdag.

Veiligheid in de bouw

Veiligheid in de bouw

Maar die cultuur van we moeten elkaar helpen, in het besef dat de bouw gevaarlijk is, en elk ongeval, kost wat kost moet worden voorkomen, maakte al lang geleden plaats voor zzp’ers, cynisme en legio buitenlandse bouwvakkers: ze komen zelfs al uit OekraïneTwintig doden per jaar? Geen wonder. Babylon en zijn spraakverwarring was hier niets bij.

Voor zijn ogen zag John het misgaan. De kraan, de steigerdelen, in de broek gehesen, open lus. Hij wilde het lot afwenden, het is hem niet gelukt. Sprak hij maar Pools, Italiaans, Duits… Had hij maar de juiste gebaren, waarmee hij de mannen van de bouw had kunnen wijzen op gevaar. Het had wellicht een dode kunnen schelen.

Voor de spiegel

Van onderen. ‘Ongevalgeleerde’ René du Pon, van Volandis, weet dat John hier geen gelukkige woordkeuze gebruikte. De gemiddelde Hollander snapt het, maar leg een Duitser of Hongaar maar eens uit dat er dan gevaar van boven komt. Men zal daar van opkijken, figuurlijk dan.

Du Pon stond de aflopen tijd vaker voor de spiegel. Niet omdat hij zo ijdel is, maar omdat hij druk in de weer is geweest met een soort gebarentaal voor de bouw. Bouwspraak moet ongevallen tegengaan. “Ik heb alle gebaren geoefend en moest ze ook voordoen voor het filmpje dat we gemaakt hebben.”

Met de in totaal 26 uitgedachte gebaren kunnen alle bouwvakkers, ongeacht de taal die ze spreken, – ook als het lawaaiig is – toch met elkaar communiceren. Vooral en uitsluitend als er gevaar dreigt, haast Du Pon zich te zeggen.

Gebaar voor kijk.

“Voor je, achter je. Of: denk aan je valbescherming.” Alsof je een bevel geeft, maar dan zonder klanken, intonatie en of gevoel van urgency.

“Het zijn puur waarschuwingssignalen”, aldus Du Pon. “Maar die zijn keihard nodig. Nee, er zitten geen gebaren tussen die wijzen op goed gedrag of iets dergelijks.”

Hij wijst op de campagneposter. Daarop staan ze allemaal uitgebeeld, inclusief een uitleg in verschillende talen. De grote vraag is natuurlijk: hoe bedenk je een taal die nog niet bestaat?

“De woorden die uitgebeeld moeten worden, zijn bedacht door de werkgevers en werknemersorganisaties. Vervolgens vonden wij daar gebaren bij.

Hé, hé, hé

Voor termen zoals ‘links’, ‘rechts’, ‘van voren’ en ‘naar achteren’ kon Du Pon zich baseren op al bestaande bewegingen. Bij het gebaar voor attenties, stonden ze het langst stil.

“Dat gebaar gebruik je namelijk vrijwel altijd als je de aandacht van iemand wilt trekken.” Het gebaar voor attentie lijkt op zwaaien. Als enige gebaar gaat het gepaard met woorden. Drie om precies te zijn: ‘Hé, hé, hé.

Levens redden

Du Pon doet het voor. “Bij Defensie geleerd: de boodschap komt pas aan als je een woord drie keer herhaalt. Waarom geen help? Omdat help suggereert dat de boodschapper in gevaar is, terwijl die juist op gevaar wil wijzen.”

Hij gelooft er heilig in dat de codetaal, die je ook in combinatie moet gebruiken, (hé jij daar, attentie, denk aan je valbeveiliging of iets dergelijks, red) levens kan redden.

“We hebben ze ook al twee keer getest met buitenlandse bouwvakkers. Een keer op een bouwplaats in Amsterdam en een keer bij de sluizen van IJmuiden. Ze reageerden allemaal enthousiast.”

Snelle maaibeweging

Het proefdraaien leidde zelfs nog tot een verbetering. “Voor ‘wegwezen’ wilden we twee handen gebruiken. Uiteindelijk is dat een snelle maaibeweging met één hand geworden.”

Je moet het zien. Je moet het oefenen. En je moet zeker geen twee gebaren tegelijkertijd gebruiken. Dan gaat het fout.

De poster van Bouwspraak

“En een gebaar mag natuurlijk ook niet voor ergernis zorgen. Wat in sommige landen staat voor goed, kan in andere landen ophef veroorzaken. Neem de duim omhoog. In Italië is dat beledigend (betekent daar rotzak, red).”

Bouwers die allemaal voor de spiegel staan. Allemaal gebaren maken. Gaat de bouwvakker, die soms trekjes van machogedrag vertoont, dit massaal overnemen? Maakt deze taal die je niet kunt horen, bouwplaatsen veiliger? Du Pon denkt van wel.

“Verplichtstellen zou natuurlijk helemaal mooi zijn, maar dat is op het ogenblik niet haalbaar. Je hebt namelijk met een heleboel partijen te maken. Bouwbedrijven, toeleveranciers, elektriciens… ”

Vrij uniek

Bedrag beïnvloeden, daar zetten de bedenkers op in. En via communicatie en onderwijs de volgende stappen zetten. “Maar ik ben ervan overtuigd dat dit gaat landen. Sterker: ik denk dat dit na de bouw ook in andere sectoren gebruikt gaat worden. Dit is namelijk vrij uniek in de wereld.”

Hij gaat verder.

“En het is een simpele taal die iedereen binnen twee dagen onder de knie kan krijgen. Inderdaad: alleen met gebaren krijg je geen nul doden, en ik weet ook niet hoeveel ongevallen gerelateerd zijn aan taalproblemen. Maar ik weet zeker dat deze ‘taal’ bijdraagt aan een veilige bouw. Steeds vaker hoor je klachten over buitenlanders die niet te verstaan zijn en andersom. Het leidt ook tot groepjesvorming. Ook dat is niet wenselijk.”

Terug naar John de uitvoerder. John is een fictief persoon die zich bevindt in een door Cobouw bedachte situatie. Wat niet wegneemt dat die situaties zich volgens de redactie dagelijks voordoen.

Reageer op dit artikel