nieuws

Vrouwennetwerken op uitsterven: ‘Ze zijn alleen nodig als alle witte mannen op zijn’

bouwbreed 3088

Vrouwennetwerken op uitsterven: ‘Ze zijn alleen nodig als alle witte mannen op zijn’

Vrouwennetwerken in de bouw zijn op sterven na dood. Steeds minder bouwbedrijven hebben een eigen club, terwijl het percentage vrouwen dat in de bouw werkt nog steeds dramatisch laag is. Een trieste zaak, vindt hoogleraar Yvonne Benschop. “Je wilt toch door in deze eeuw?”

Female Capital van BAM. La Heijmans. De vrouwennetwerken van VolkerWessels, TBI en Croonwolter&dros. Ze bestaan niet meer, of zijn niet meer actief. Ooit werden ze opgericht om het werken van vrouwen in de bouw een stukje makkelijker te maken. Om vrouwen aan te trekken of te behouden. Maar inmiddels hoor je er niets meer van.

Cobouw Vrouwenweek

Het aantal vrouwen dat in de bouw werkt, is nog steeds erg laag. Ze zijn er wél, maar ze zijn lastig te vinden. Cobouw besteedt daarom de hele week, in het kader van Internationale Vrouwendag, aandacht aan vrouwen in de bouw. Morgen wordt ook de nieuwe Top50 Bouwvrouwen van Cobouw bekend gemaakt.
Vandaag: vrouwennetwerken bij bouwers

Wel onafhankelijke netwerken

Natuurlijk zijn er nog wel clubs die zich inzetten voor vrouwen, zoals Topvrouwen in bouw en infra, Bouwnetwerk.nl en VHTO (voor meisjes in de bouw en techniek), maar dit zijn allemaal onafhankelijke netwerken die niet gelieerd zijn aan bedrijven. De meeste grote bouwers hebben hun eigen clubjes laten uitsterven. Het enige bedrijf dat actief haar vrouwennetwerk promoot is Dura Vermeer, met EVA.

Dit terwijl de participatie van vrouwen in de bouw volgens de laatste cijfers van het CBS nog steeds laag is. Zo is het de sector met de minst vrouwelijke topverdieners, becijferde het bureau onlangs (zie kader). Vrouwennetwerken zijn dus nog gewoon hard nodig, zou je zeggen.

‘Nog een wereld te winnen in de bouw’

Yvonne Benschop, hoogleraar Bedrijfskunde gespecialiseerd in organizational behavior, die onderzoek deed naar vrouwennetwerken in het bedrijfsleven, is daar in ieder geval van overtuigd.

“In de bouw is nog een wereld te winnen, kijk maar naar de cijfers. Iedereen weet dat diverse kwaliteiten van enorm groot belang zijn voor een bedrijf. Dus als je door wilt in deze eeuw, zou je je toch echt meer op vrouwen moeten richten. Een vrouwennetwerk kan daarbij helpen en een goed diversiteitsbeleid, is essentieel.”

Zijn ze niet meer nodig?

Maar wáárom zijn die netwerken dan verdwenen? Zijn ze niet meer nodig? Bij VolkerWessels hebben ze geen idee, er werkt in ieder geval niemand meer die het uit kan leggen. Bij TBI was er ‘geen behoefte meer aan’.

Doodbloeden

BAM, Heijmans en Croonwolter&dros moeten toegeven dat ‘doodbloeden’ het geval is. Bij Croonwolter&dros is er nog wel een ‘informeel’ vrouwennetwerk overeind gebleven.

“Op een gegeven moment was er gewoon niemand meer die het stokje overnam”, verklaart Dasja Wickenhagen, directeur Nieuwbouw-Concepten van BAM en één van de oprichters van Female Capital.

Cijfers vrouwen in de bouw

Terwijl het aantal vrouwen onder de topverdieners in Nederland gestaag toeneemt, is de bouw nog steeds de bedrijfstak waar het kleinste percentage vrouwelijke topverdieners te vinden is. Van de meest verdienende werknemers bij grote ondernemingen (met minimaal 500 werknemers) is slechts 4,1 procent vrouw, blijkt uit de meest recente cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Het percentage vrouwelijke topverdieners ligt in de bouw nog ver onder het gemiddelde van Nederland: gemiddeld bestaat de lijst met topverdieners van grote bedrijven in 2017 uit 20 procent vrouw. Daarnaast is de bouw nog steeds de bedrijfstak met de minste vrouwen per werknemersbaan. Van de in totaal 269.000 werknemers in de bouw, is slechts 5.000 vrouw in 2017.

Ze is al jaren niet meer actief in het bestuur van het vrouwennetwerk, dus echt het fijne weet ze er niet van. “Het zou ook kunnen dat een deel van de behoeftes waar Female Capital voor zorgde, inmiddels op een andere manier wordt ingevuld. Er zijn namelijk ook andere netwerken, zoals Young BAM, waar veel vrouwen ook met elkaar in contact komen.”

Ook zijn randwoorden die belangrijk zijn voor vrouwen (en mannen) ondertussen ingebed in de organisatie, vult ze aan. “Denk hierbij bijvoorbeeld aan de mogelijkheid om thuis te werken en coaching.”

In ieder geval is het aantal vrouwen bij BAM de afgelopen jaren wel gegroeid, benadrukt ze. “Vooral in het voortraject, dus in de acquisitie- en engineeringsfase, zijn er grote slagen gemaakt.”

Spijtig

Toch vindt Benschop het ‘verdwijnen’ van Female Capital spijtig. “Dit was een aantal jaar geleden een van de netwerken die juist erg actief en goed bezig was.”

‘We kijken breder dan man-vrouw’

Bij Heijmans worden de behoeftes ook op een andere manier ingevuld, stelt Rik Hammer, woordvoerder van het bouwbedrijf. De doelen van het vrouwennetwerk zijn volgens hem inmiddels verweven in de bedrijfsvoering en dus is een netwerk eigenlijk niet meer nodig.

“Na verloop van tijd is het vrouwennetwerk binnen Heijmans gestopt, maar we hebben nog steeds aandacht voor de man-vrouw-verhouding”, benadrukt hij.

“Echter, wanneer we het over diversiteit hebben, kijken we breder dan alleen man-vrouw, dan richten we ons ook op diversiteit in competenties, soft skills en achtergronden van onze medewerkers. Daar houden we rekening mee bij teamsamenstelling en het invullen van vacatures. Zo werken er bij ons medewerkers met uiteenlopende ervaringen; van data-analist tot gedragspsycholoog en van ecoloog tot energie-expert. Op die manier zorgen we dat we een diverse samenstelling van onze teams hebben wat van belang is voor onze bedrijfsvoering.”

‘Zegt niets over processen binnen de organisatie’

Benschop denkt dat vrouwennetwerken in zo’n situatie juist hard nodig zijn. Volgens haar is het bijna onmogelijk om alle functies van een vrouwennetwerk in te passen in de organisatie. “Ze hebben vast wat zaken aan de voorkant ingebed. Als er bij de invulling van vacatures gekeken wordt naar diverse competenties, is dat natuurlijk goed, maar dat zegt niets over de processen binnen de organisatie”, stelt ze.

En juist dat laatste is iets waar een vrouwennetwerk aan kan bijdragen. Niet direct bij het aantrekken van vrouwen, maar vooral bij het behoud van vrouwen, weet Benschop. “Deze netwerken kunnen ervoor zorgen dat vrouwen uit hun isolement raken. Dat ze contacten opdoen en sociale steun krijgen. Maar ook dat de beeldvorming rondom functies verandert. En dat is juist in een mannenwereld als de bouw belangrijk. BAM heeft bijvoorbeeld eens een magazine gemaakt, met alleen maar vrouwen op de foto’s. Dan krijgen vrouwen een beeld: ik ben welkom in de bouw.”

Cobouw vrouwenweek

Cobouw vrouwenweek

‘Omarm het’

Maar dit werkt alleen als de directie een vrouwennetwerk echt omarmt, vervolgt ze. “Dus als managers er echt mee aan de slag gaan. Dat je met elkaar bespreekt over hoe je met elkaar omgaat. Het heeft alleen zin als de doelen van een vrouwennetwerk ingepast worden in de organisatie.”

En dat gebeurt vaak niet, schetst de hoogleraar. Veel netwerken worden namelijk opgericht door enthousiastelingen in het bedrijf. Ze worden wel ondersteund door de directie, maar dat is dan ook het enige. “Het is voor de werkgever een makkelijke manier om te laten zien dat ze wat aan diversiteit doen. Maar als de achterliggende gedachte is: ‘mooi, dan hoeven we er zelf niet zoveel tijd in te steken’, dan is het netwerk puur afhankelijk van de energie van de oprichters. Als zij ermee stoppen, valt de club zo uit elkaar.”

‘Als de witte mannen op zijn’

Dat is ook de reden dat veel vrouwennetwerken uitsterven, denkt Benschop. “Vaak krijgen die netwerken weer meer aandacht in tijden van arbeidskrapte. Dan zijn de ‘witte mannen’ op en moeten bedrijven iets anders doen om nieuwe doelgroepen aan te spreken. Dus het zou heel goed kunnen dat er binnenkort weer iemand mee aan de slag gaat. Dit is vaak een golfbeweging.”

Dura Vermeer uitzondering op de regel

Dura Vermeer ging er een paar jaar geleden wel mee aan de slag. In 2016 richtte het bedrijf EVA op met het doel het aantal vrouwen in topfuncties te vergroten en te behouden. “Tijdens een lunch met Job Dura ontstond een paar jaar geleden het idee voor een netwerk”, vertelt Freya van der Kroef, hoofd strategie Dura Vermeer divisie infra en een van de oprichters van EVA. “Eigenlijk was ik altijd tegen vrouwennetwerken. Maar ik zag dat het nodig was binnen Dura Vermeer. Veel mannen hier zijn het niet zo gewend om met vrouwen te werken. Dat is echt typisch voor de aanneemwereld.”

Via EVA konden vrouwen verbindingen leggen met elkaar, en elkaar versterken. “In het begin werden er wel grapjes over gemaakt”, geeft Van der Kroef toe. “Dan zeiden mannen: ‘ooh is er weer zo’n vrouwenbijeenkomst? Mogen wij ook komen?’”

Freya van der Kroef (rechts) stond aan de basis van EVA van Dura Vermeer.

Enorme ontwikkeling

Maar inmiddels heeft het netwerk een enorme ontwikkeling doorgemaakt, vervolgt ze. EVA is gegroeid van 27 leden naar 50. “Daarnaast hebben we een coachingsprogramma opgezet en mannen gekoppeld aan vrouwen die lid zijn van EVA. Dit kunnen directeuren zijn of leidinggevenden, met het doel dat mannen en vrouwen van elkaar leren. Ook is diversiteit inmiddels in alle jaarplannen opgenomen en dat is heel belangrijk. Zo’n netwerk dient gedragen te worden door de hele organisatie. Er wordt over nagedacht, op agenda’s gezet, over gepraat. Dat is echt heel goed, maar dat komt ook omdat we grote steun hebben vanuit de directie.”

Daarnaast is het bedrijf ook veel actiever bezig met het werven van vrouwen voor functies. Dura Vermeer ziet een lichte stijging in het aantal vrouwen dat er werkt (op dit moment werken er 360 verdeeld over de top en de subtop), maar ik kan niet met zekerheid zeggen of dit ook toe te schrijven is aan het vrouwennetwerk.

Nu is het zaak dat het actieplan van EVA volledig wordt opgepakt door de organisatie. “Zodat wij, de leden van het bestuur, niet zo veel meer hoeven te doen. Het is natuurlijk logisch dat wij eerst zaken op de agenda hebben gezet. Maar het is nu de bedoeling dat iederéén het gaat omarmen. Want het ultieme doel is natuurlijk dat zo’n netwerk helemaal niet meer nodig is, dat vrouwen gewoon vanzelfsprekend zijn voor de organisatie.”

Reageer op dit artikel