nieuws

MLOEA: idee goed, uitvoering matig

bouwbreed Premium 609

MLOEA: idee goed, uitvoering matig

Sinds maart 2018 is het mogelijk om meerdere energieleveranciers te contracteren op één aansluiting (MLOEA). Dit kan handig zijn als verbruik en teruglevering apart moeten worden verrekend of wanneer de aansluiting wordt gedeeld met andere bedrijven. De maatregel is bedoeld om meer marktwerking in de energiesector te creëren en de productie van duurzame energie te faciliteren. Op beide vlakken heeft de maatregel niet het gewenste effect. Het aantal vastgoedbeheerders dat extra meetpunten aanvraagt, valt tegen en producenten van duurzame energie mopperen dat de Garanties van Oorsprong (GvO’s) in het besluit niet zijn geregeld.

“De maatregel is bedoeld om meer markwerking te creëren in de energiesector.” Aan het woord is Ed Diepeveen, accountmanager bij INNAX. Hij legt uit dat meerdere energieleveranciers op één aansluiting (MLOEA) eigenlijk precies is wat het beschrijft. “Door het nieuwe besluit is het mogelijk om achter een hoofdaansluiting extra meetpunten te hebben. Als je bijvoorbeeld in een bedrijfsverzamelgebouw zit, was het voorheen niet mogelijk om als bedrijf je eigen energieleverancier te kiezen, omdat je afhankelijk was van de keuze van de verhuurder. Door MLOEA kan dat nu wel en mag ieder bedrijf zijn eigen energieleverancier kiezen, wat de marktwerking natuurlijk bevordert.”

Administratie

MLOEA is vooral een administratieve maatregel legt Diepeveen uit. “Fysiek verandert er eigenlijk niets. Er komt alleen een extra meetpunt dat nodig is voor de administratie van het energieverbruik van die specifieke aansluiting. Het aanvragen van zo’n meetpunt kost afhankelijk van de netbeheerder ongeveer 300 euro.” Maar ook MLOEA kent beperkingen, legt de accountmanager uit. “Het aantal extra meetpunten is beperkt tot vijf. Als er dus dertig bedrijven in een bedrijfs­verzamelgebouw zitten met een hoofdaansluiting, hebben ze nog steeds niet allemaal een vrije keuze.” Diepeveen constateert bovendien dat vastgoedbeheerders nog niet voorop lopen in het aanvragen van extra meetpunten. “De reden daarvoor is dat deze partijen in het verleden vaak grote leveringscontracten voor een langere periode hebben afgesloten tegen een aantrekkelijke prijs. Zij hebben er op dit moment geen baat bij om extra meetpunten aan te vragen, omdat zij nog verdienen aan de verkoop van energie aan hun huurders.”

Teruglevering

MLOEA wordt momenteel vooral gebruikt door eigenaren van duurzame energie-installaties, vertelt Diepeveen. “Het kan administratief heel gunstig zijn. Tegenwoordig produceren steeds meer bedrijven zelf stroom, bijvoorbeeld met zonnepanelen. Als een bedrijf bij de ene leverancier stroom afneemt, maar de zelfopgewekte stroom wil leveren aan een andere energieleverancier, is dat alleen mogelijk met een extra meetpunt.” De redenen waarom bedrijven dit zo willen regelen lopen uiteen, licht Diepeveen toe. “Het kan zijn dat ze bij de ene leverancier meer duurzame stroom mogen terugleveren, of dat ze een beter tarief krijgen. Sommige bedrijven doen het alleen om de verschillende processen administratief te scheiden.”

Jaarbeurs

Bij de Jaarbeurs in Utrecht is een Tesla Powerpack van 400kW geïnstalleerd die het mogelijk maakt om bij het complex geparkeerde auto’s te laden met zonne-energie. Robin Berg, directeur van LomboXnet heeft voor die aansluiting een MLOEA aangevraagd. Zo kan hij de activiteiten van LomboXnet scheiden van de energierekening van de Jaarbeurs. “De Jaarbeurs heeft een regulier leveringscontract met een energieleverancier, terwijl wij zaken doen met Scholt Energy. Die heeft voor ons geïnvesteerd in de Tesla-batterij en om die reden is het handig dat wij Scholt Energy ook als energieleverancier hebben. Voor de Jaarbeurs was het niet mogelijk om met Scholt Energy in zee te gaan vanwege andere contractuele verplichtingen. Daarom hebben we nu een extra meetpunt op de hoofdaansluiting van de Jaarbeurs.”

Druk op businesscase

Maar Berg denkt dat MLOEA voor het scheiden van de administraties niet per se nodig is. “Nu is het juridisch iets makkelijker, maar we waren er anders ook wel uitgekomen. Ik zie vooral dat de MLOEA zorgt voor extra druk op onze businesscase, met name omdat zo’n extra meetpunt toch behoorlijk in de papieren loopt. Het installeren van het extra meetpunt en de bijbehorende meter kostte 1600 euro. En de periodieke kosten zijn voor ons nog eens 452,23 euro per half jaar. In theorie zou dit model misschien ook geschikt zijn voor particulieren, maar door de hoge kosten wordt dat in de praktijk niets.”

Slecht uitgevoerd

Hij is dan ook niet te spreken over de uitvoering van het besluit MLOEA. “De ACM bedacht iets dat duurzame energie vooruit zou moeten helpen, maar de hele uitvoering is erg slecht. Dat heeft niet alleen te maken met de kosten voor het extra meetpunt. Het grootste probleem is dat de Garanties van Oorsprong (GvO’s) niet geregeld zijn. Dit betekent dat de opbrengsten op de investering in de zonnepanelen lager uitvallen. De GvO’s komen bij de verkeerde partij terecht en dat kost correctiewerk en daarnaast valt de SDE-subiside lager uit omdat de uitkering van de subsidie lager is op zelfverbruikte energie. Als dat op de hoofdaansluiting in plaats van op de MLOEA wordt berekend dan is dat ongunstig omdat op de hoofdaansluiting uiteraard meer eigen verbruik zit.”

Diepeveen bevestigt het probleem met de GvO’s. “Er is in het systeem onvoldoende aandacht voor de GvO’s. Daarnaast zijn de netwerkkosten in het verhaal niet meegenomen. Dit betekent dat huurders en verhuurders de netwerkkosten nog altijd moeten delen.”

Reageer op dit artikel