nieuws

Gespecialiseerde bamboe-aannemer gaat vooroordelen te lijf

bouwbreed Premium 1125

Gespecialiseerde bamboe-aannemer gaat vooroordelen te lijf

Met een apart bedrijf gaat aannemer Jongeneel uit Sliedrecht zich exclusief toeleggen op het werken met bamboe. Want het duurzame materiaal vergt speciale expertise en stuit soms ook nog op vooroordelen.

Het nieuwe bedrijf luistert naar de naam Orange Bamboo Construction. Het maakt gebruik van de machines en kennis van timmer en aannemingsbedrijf Jongeneel. Maar directeur Wouter Jongeneel merkt dat het klanten niet altijd staan te juichen als hij zijn passie voor bamboe tentoon spreid.  “Veel van onze opdrachtgevers zijn particulieren die een renovatie laten uitvoeren of nieuwbouw plegen en die deinzen terug als ik erover begin. Zo werkt het nou eenmaal in de bouw: innovatie gaat stapje voor stapje. Het is natuurlijk ook niet altijd zinvol om bamboe in te zetten. Een metal-stud wand met bamboe-stijlen en regels is voorlopig onzinnig.”

Vandaar dat hij de bamboe- activiteiten in een apart bedrijf onderbrengt. Want de voordelen van het materiaal zijn volgens de jonge aannemer evident: de CO2 voetafdruk is laag; in een paar maanden zijn de stengels 20 meter lang.  Daarna hebben de cellen weliswaar  nog een paar jaar nodig om te verhouten, maar als je het vervolgens lamineert tot balken of plaatmateriaal doet het eindproduct qua prestaties niet onder voor hardhout. Terwijl dat vaak wel 80 jaar nodig heeft om te groeien tot een volwassen boom. Niet voor niets levert de toepassing van bamboe punten op bij de Leed en Breeam certificering van gebouwen.”

In eerste instantie low-profile constructies

Met Orange Bamboo zal Jongeneel voorlopig vooral low profileconstructies neerzetten, als hekwerken, carports en straatmeubilair. Kozijnen kunnen in de nabije toekomst ook wel verwacht de aannemer, hoewel hij daar voorlopig toch adviseert om aluminium kappen aan de buitenkant overheen te plaatsen. “Aan de binnenkant heb je dan de esthetische voordelen van bamboe, buiten heb je voldoende bescherming tegen weersinvloeden.”

Bamboe is sinds twintig jaar aan de bescheiden opmars bezig in de bouw. In Nederland is dat vooral dankzij pionier Moso dat in China uitgebreide bamboebossen exploiteert en intensief samenwerkt met verwerkingsfabrieken. Globaal zijn er twee varianten bamboe voor de bouw. Bij de strand-woven-variant worden bamboestengels gecrusht en onder hoge druk en temperatuur in een mal tot balken geperst. Van het oorspronkelijke materiaal is daardoor weinig meer zichtbaar, het ziet eruit als donker meranti.

Bij de gelamineerde variant worden uit de schil van het materiaal latjes gesneden die onder hoge druk en temperatuur worden verlijmd. Daar blijft de structuur van het materiaal zichtbaar, inclusief de kenmerkende knopen van de bamboe. Als esthetische redenen meespelen kiezen architecten en opdrachtgevers vaak voor het gelamineerde bamboe.

Suikers in het hout kunnen aan oppervlakte treden

Gevoelig punt bij Bamboe zijn de  zwarte punten en vlekken die kunnen ontstaan als het niet goed wordt behandeld. Dat komt door de overvloedige suikers in het materiaal die naar buiten treden. Om dat te voorkomen moet het hout worden geimpregneerd. Dat moet ook gebeuren na zagen, schaven en frezen en dat maakt dat het werken met bamboe net wat specifieke expertise vergt vergeleken bij bekendere houtsoorten.

Er kan volgens Jongeneel al veel meer dan de carports en hekwerken waarop hij zich met Orange Bamboo Construcion voorlopig op richt. Maar ook hier weer stuit hij die huiver bij opdrachtgevers. Begrijpelijk overigens, want certificering heeft nou eenmaal tijd nodig.  Bamboe wordt soms al wel ingeet als draagconstructie achter vliesgevels.  Veilig beschermd tegen temperatuurschommelingen en vocht door het glas. Moso kan inmiddels ook balken leveren waarmee grote vakwerkspanten samengesteld kunnen worden. Stapje voor stapje zal dat zijn weg vinden naar de reguliere aannemerij is Jongeneels stellige overtuiging. Met Orange Bamboo probeert hij die ontwikkeling een handje te helpen.

 

 

Reageer op dit artikel