nieuws

Rob Nijsse: “Dat zelfs de ministeriegebouwen onveilig zijn is de ironie ten top”

bouwbreed Premium 2825

Rob Nijsse: “Dat zelfs de ministeriegebouwen onveilig zijn is de ironie ten top”

Hij hamert al jaren op strenger toezicht op de bouw en is die boodschap na de instorting in Eindhoven en de bollenplaatvloerenkwestie alleen maar luider gaan verkondigen. Constructeur en hoogleraar Rob Nijsse laat zich de mond niet snoeren.

De balkonramp van Maastricht uit april 2003 staat nog in zijn geheugen gegrift. Er vielen twee doden, er werden bescheiden boetes uitgedeeld, een platform voor constructieve veiligheid opgericht en…. verder veranderde er niks. Rob Nijsse schaamde zich rot, al was hij niet rechtstreeks betrokken. Rondom de instorting in Eindhoven en de kwestie met de breedplaatvloeren die daarop volgde ziet hij weer hetzelfde gebeuren.  De hoogleraar constructieleer verbaast zich dat we na  een jaar eigenlijk nog altijd niet weten wat er aan de hand is en nauwelijks iets doen.

Maar we hebben toch de onderzoeken van Hageman en TNO?
“Betaald door respectievelijk de BAM en Eindhoven Airport. Elk met hun eigen belang.  Die zogenaamde laboratoriumproeven zijn uitgevoerd op een paar kleine stukjes vloer van een meter bij een meter. En de onderzoekers maar kijken of die scheur achterlangs de bollen loopt of een andere weg volgt. Dat is toch armoe ten top? Je moet een compleet vloerveld van die parkeerkeergarage nabouwen en dat beproeven in het laboratorium. En dat een paar keer.  Daar heeft natuurlijk niemand geld voor over. Maar dat zou de overheid beschikbaar moeten stellen.”

Moet de overheid alles maar oplossen en betalen?
“Nee hoor, maar het omgekeerde dat de markt overal voor verantwoordelijk is vind ik ook niet goed. Het Duitse model spreekt mij persoonlijk erg aan. De prüf-ingenieur die namens de opdrachtgever toeziet op de bouw. En private partijen die worden betaald door de opdrachtgever. Dat is heel wat anders dan een aannemers die hun eigen vlees laten keuren door een interne kwaliteitsmedewerker.”

In de discussie over het paaldraagvermogen heeft de overheid vorig jaar wel stevige maatregelen genomen.
“In mijn boek Verbeelding en Werkelijkheid laat ik zien dat we daar compleet zijn doorgeschoten de andere kant op. Op basis van een paar discutabele proeven wordt meteen een draconische maatregel genomen en bepaald dat onder elk gebouw dertig procent meer funderingspalen moeten. Dat zijn duizenden palen per jaar. Dat is niet heel erg efficient , zeker niet duurzaam en vermoedelijk onnodig. Want er is nog geen gebouw verzakt omdat het paaldraagvermogen te laag is. Dit had veel beter onderzocht moeten worden.”

Dat klinkt als een preek voor eigen parochie.
“Met een paar ton voor onderzoek hadden we geweten wat er nu echt aan de hand was. Nu wordt het probleem afgewenteld op de opdrachtgevers die de extra kosten moeten dragen. Dat gaat om miljoenen per jaar. De toeleveranciers vinden het prima, de aannemers ook en de constructeurs ook. Iedereen heeft boter op het hoofd.

Had zo’n prüf-ingenieur of een toezichtambtenaar de gladde voegen van de breedplaatvloeren wel onderkend?
“Het was er misschien een keer tussendoor geglipt, maar niet zo structureel als hier in Nederland is gebeurd. Als je weet dat een strenge toezichthouder jouw berekeningen minutieus controleert doe je als constructeur beter je best. Constructeurs in Nederland werken met een minimale opdracht. Bubbledeck laat zelf de berekeningen van de vloeren uitvoeren  en de constructeur kijkt alleen nog of daarbij de juiste uitgangspunten zijn gebruikt.  En zo ingewikkeld is het allemaal niet hoor. Elke tweedejaars TU student beseft dat een spiegelgladde breedplaat met zelfverdichtend beton minder hechting voor de druklaag oplevert dan een ruwe plaat van traditioneel beton.”

Van dat Duitse model gaat toch ook een verlammende werking uit? In Nederland zijn bijvoorbeeld alle vermoeide stalen bruggen al versterkt terwijl in Duitsland de eerste overlaging nog moet plaatsvinden.
“Tegelijkertijd heb ik de echt gedegen onderzoeken die aantonen dat overlagen een betrouwbare oplossing is op de lange termijn, nog niet gezien. Die bewijzen willen de Duitsers wel en daar zijn de universiteiten druk mee. Je moet niet over een nacht ijs gaan bij dit soort mega-opgaven. Ik zou er niet vreemd van opkijken als over vijf jaar blijkt dat overlagen toch ook een paar nadelen heeft die weer rechtgezet moeten worden.”

Bij gebouw X In zwolle gaan ze nu de bollen van de bollenvloeren vullen met hars en daar ankers in aanbrengen.
“Een belachelijke oplossing natuurlijk. En dat gaan ze dan 80.000 keer doen geloof ik. Volgens mij moet het simpeler kunnen. Met dikke stalen deuvels, met het formaat van een kroket. Dan hoef je er niet zoveel te plaatsen en is de kans kleiner dat je de wapening doorboort. Als je twee simpele houten balken op elkaar legt en verbindt met een paar deuvels ontstaat meteen een heel sterke constructie. Dat moet je met deze vloeren ook doen. Maar het probleem is natuurlijk ontstaan in het voortraject. We hadden het natuurlijk nooit zover mogen laten komen.”

Hoe komt het dat Rob Nijsse één van de weinige ingenieurs is die zich zo nadrukkelijk mengt in de discussie
“Iedereen heeft boter op het hoofd. Ik heb altijd geroepen dat ik vond dat de bouw aan het verloederen was, onder andere vanwege het snijden in het toezicht. Ook toen ik nog partner was bij ABT en columns schreef voor vakblad Cement. Ik zit nu aan het eind van mijn carriere in een positie aan de TU Delft die mij de mogelijkheden geeft om geen blad voor de mond te nemen. Ik voel het ook als mijn maatschappelijke plicht om me te laten horen.  Ik heb wel altijd geprobeerd het met humor te doen. Je moet voorkomen dat ze zoiets krijgen van:  ‘Heb je die oude zeurpiet weer.’ Dan bereik je het tegengestelde van wat je wil.”

Zijn de media uw voornaamste manier om invloed uit te oefenen? Of zit u dichter bij het vuur en adviseert u direct de minister in een commissie?
“Daar kan ik helemaal niks over zeggen.  Ik ben in elk geval blij dat minister Ollongren de wet Kwaliteitsborging Bouw even aanhoudt.”

Durft u nog wel een stap te zetten in dat levensgevaarlijke ministeriegebouw van Binnenlandse zaken?
“Het is natuurlijk de ironie ten top, dat ze daar ook met het breedplaatvloerenprobleem worstelen. En als maatregel zetten ze delen van het gebouw af met een schot en stellen speciale marshalls aan die er op toezien of je niet met meer dan drie ambtenaren tegelijk bij het koffie-apparaat staat. Dat verzin je toch niet? Dan zet je je geloofwaardigheid als overheid wel op het spel.”

 

 


 

Rob Nijsse (Amsterdam 1953) studeerde in 1979 af aan de TU Delft als  in Constructieve Vormgeving. Het grootste deel van zijn carriere werkte hij bij ABT in Velp, tussen 1996 en 2007 als lid van de Raad van Bestuur. Sinds 2007 is hij hoogleraar Constructieleer aan de TU Delft bij zowel de faculteit Bouwkude als Civiele Techniek en Geowetenschappen. Begin dit jaar verscheen van zijn hand het boek Verbeelding & Werkelijkheid, verzamelde columns over de bouwwereld.

Reageer op dit artikel