nieuws

‘Kegro moet eerst weer op de rails staan’

bouwbreed Premium 4185

‘Kegro moet eerst weer op de rails staan’

Voor de tweede keer heeft Jan Kersten deurenfabrikant Kegro, zijn geesteskindje, teruggekocht. Het in Groesbeek gevestigde bedrijf krijgt een facelift die de productie moet doen verdubbelen en de reputatie de glans van weleer moet terugbezorgen. Dat gaat hem lukken, zegt hij zelfverzekerd. “Als je er maar bovenop zit; het gaat om de details.”

Hoeveel telefoontjes hij wel niet heeft gehad sinds in augustus bekend werd dat hij Kegro weer in handen heeft, Jan Kersten (64) is de tel kwijtgeraakt. Oud-medewerkers, leveranciers, dorpsbewoners: iedereen hing aan de lijn om hem te feliciteren, zo blij waren ze met de terugkomst van de ‘verloren zoon’.

Niet zo vreemd: de fabrikant van buitendeuren, naar eigen zeggen nog steeds marktleider, is veruit de grootste werkgever van Groesbeek. Tijdens de hoogtijjaren werkten er liefst 350 mensen bij het bedrijf. Zelfs De Treffers, een plaatselijke voetbalclub uit de Tweede Divisie waarvan Kegro jarenlang hoofdsponsor was, belde. Of ze hem weer als geldschieter mochten verwelkomen. “Bel eind 2018 maar eens terug”, luidde Kerstens antwoord. “Kegro moet eerst weer op de rails staan.”

De leukste gelukwens kwam van de voormalige pastoor

Maar veruit de leukste gelukwens kwam van de voormalige pastoor uit het dorp. Deze zeereerwaarde belde Kersten tijdens zijn vakantie in Frankrijk. “Ik heb de beste man geloof ik twee keer ontmoet: bij de begrafenis van mijn vader en die van mijn moeder. ‘Dit is goed voor Groesbeek’, zei hij. ‘Ik weet zeker dat het een succes wordt; ik heb er mijn zegen aan gegeven.’ Geweldig toch!”

Groesbeek, een dorp op de uitlopers van de Nederrijnse heuvelrug, van origine vooral bekend vanwege zijn bessenplukkers en bezembinders, is blij met de terugkeer van Kersten. En dat is wederzijds.

Kersten, woonachtig in het Belgische Neerpelt, kwam als houtleverancier nog regelmatig in Groesbeek. Hij zag hoe zijn geesteskindje onder de crisis had te lijden en bedacht een verbeterplan. Daarmee stapte hij naar Marcel Boekhoorn, de eigenaar met wie hij al vaker zaken had gedaan. “Ga jij het doen of doe ik het?”, legde hij de investeerder voor die ooit zijn accountant was en later fortuin maakte met de aan- en verkoop van Telfort. Het resultaat is bekend.

Nu moet hij het alleen nog even waarmaken. Maar dat gaat hem lukken: daar is hij van overtuigd. Zeker nu de bouw weer floreert.

Dat Kersten het kan, hoeft geen betoog. Het zakendoen zit hem in het bloed. Al op de lts kocht hij van zijn klasgenoten de meubels die zij tijdens de praktijklessen maakten om deze vervolgens met een leuke winst door te verkopen.

Aan hout was je 100 gulden kwijt

Kerstens vader was de dorpstimmerman. Maar hij koos ergens in de jaren zestig voor een baan in loondienst. De timmerwerkplaats stond dus leeg. Zoon Jan begon er in 1974 onder de naam Kegro (Kerstens Groesbeek) met het maken van buitendeuren voor particulieren. Een interessante business, had hij ontdekt. “Zo’n deur deed destijds 500 gulden. Aan hout was je 100 gulden kwijt. Een man was er een dag mee bezig.”

De business to businessmarkt bleek nog veel interessanter, ontdekte hij al snel. Daar gold de wet van de grote getallen. Kegro groeide als kool. De omzet steeg jaarlijks gemiddeld zo’n 30 procent. Niet in de laatste plaats vanwege de extra services. Kegro levert niet alleen deuren, maar hangt deze ook af. En ze passen perfect. Ieder deurkozijn wordt elektronisch ingemeten: destijds een novum.

Om in die stijgende vraag te kunnen blijven voorzien moest Kersten veel investeren. In de winterperiodes, waarin vaak weken geen deuren konden worden afgehangen en geleverd, waren er regelmatig liquiditeitsproblemen. Dividend uitkeren was niet mogelijk. Voor de directeur-eigenaar in 1993 aanleiding het bedrijf te verkopen aan de Britse beursgenoteerde ramen-, deuren- en trappenfabrikant Rugby Group. Samen met Boekhoorn kocht hij eind jaren negentig tien bedrijven waaronder Kegro terug.

260 miljoen omzet toen het noodlot toesloeg

Ze brachten de bedrijven onder in de Doorwin Groep. Kersten, die de leiding kreeg over het bedrijf, en – vooral – Boekhoorn hadden grote plannen. Via overnames en autonome groei wilden ze Doorwin klaarstomen voor een beursintroductie. Ze lagen op koers. In 2005 telde de groep zestien bedrijven en 2000 werknemers. De omzet bedroeg zo’n 260 miljoen euro.

Maar toen sloeg het noodlot toe. De nieuwbouw belandde in een dip. Doorwin moest bezuinigen: drie producenten van binnendeuren, een nieuwe loot aan de stam, werden weer verkocht. De beursplannen verdwenen in de ijskast.

Boekhoorn bleef er echter in geloven. In 2007 kocht hij Kersten uit. De crisis maakte aan alle illusies een eind. In 2015 ging de groep failliet. Alleen Douma Deuren uit Raalte, Van Bruchem in Zaltbommel en Kegro bleven overeind. Geluk bij een ongeluk: de crisis heeft stevig huisgehouden in de gehele deurenindustrie. Van de twaalf binnenlandse fabrikanten van buitendeuren zijn er nog maar vier over.

Kersten heeft een reeks vernieuwingen in petto voor Kegro. (Foto: Sjef Prins/APA)

Met zijn verbeterplan moet Kegro er weer snel bovenop kunnen komen, verwacht Kersten. Deze facelift behelst onder meer een kapitaalinjectie van 10,5 miljoen euro. Het geld is bedoeld om het eigen vermogen en de liquide middelen aan te zuiveren, maar ook voor achterstallig onderhoud, verbetering van de service, de productie en de producten. “De service stond niet meer altijd op het hoogste niveau. Dat gaan we aanpakken. Ook gaan we de isolatie van de deuren verbeteren. En de efficiency moet omhoog. Om een voorbeeld te noemen: de deuren worden pas in de laatste fase van de bouw gemonteerd. Eerst plaatsen we een nooddeur. Dat laatste laten we met ingang van het eerste kwartaal van volgend jaar doen door de timmerindustrie. Die kunnen dat efficiënter in de fabriek dan wij op de bouwplaats.”

Dit jaar moet de interne organisatie op peil zijn

Kersten heeft meer vernieuwingen in petto zoals een ander verfsysteem, waardoor de deuren beter beschermd blijven en een nieuw systeem om houtachtige deuren af te hangen in kunststof en aluminium kozijn. Dat lijken details. Maar juist die zijn van groot belang op het verbeterplan te doen slagen, benadrukt Kersten. “Details zijn essentieel. Daar moet je bovenop zitten.”

Dit jaar wil Kersten de interne organisatie weer op peil hebben en moeten de afnemers weer tevreden zijn. Volgend jaar staat in het teken van de verbetering van de producten en de productie. “Als we dat op het gewenste niveau hebben willen we weer proberen om zoveel mogelijk opdrachtgevers onze deuren in de bestekken te laten opnemen.”

Uiteindelijk wil Kersten de productiecapaciteit van honderdduizend deuren per jaar in 2019 weer volledig benutten. Momenteel produceert Kegro ongeveer vijftigduizend deuren per jaar.

Kersten mikt op 250 werknemers

Dat kan niet zonder extra personeel, beseft Kersten. Momenteel heeft Kegro 170 mensen in dienst. Voor eind volgend jaar mikt hij op 250 mensen. Problemen om in de groei te voorzien, verwacht hij niet. “De meeste oud-medewerkers bewaren goede herinneringen aan de tijd dat ze hier hebben gewerkt. Hun namen zitten nog in onze databank. Ik denk dat er genoeg bij zijn die hier graag weer aan de slag willen.”

Kersten is optimistisch. De bouw blijft de komende jaren booming, denkt hij. En Kegro boomt mee. Aan hemzelf zal het zeker niet liggen. In Neerpelt, waar hij blijft wonen, gaat zijn wekker iedere werkdag om vijf uur. Rond middennacht kruipt hij weer in bed. “Daartussenin is het een en al Kegro. Ook in het weekeind. Dan neem ik het nodige mee naar huis.” Zo’n acht maanden wil hij dit straffe regime volhouden. “Dan moet het treintje weer rollen en vertrek ik ’s ochtends pas na in plaats van voor de ochtendspits.”

Om fit te blijven duikt hij iedere ochtend na het opstaan in het zwembad. Verder staat hij een avond op de tennisbaan en golft hij regelmatig – nu hij weer in Groesbeek werkt ook op Het Rijk van Nijmegen, de plaatselijke golfbaan, vaak met relaties.

Wat hij gaat doen als Kegro er weer staat? De boel weer verkopen? “Nee, het blijft binnen de familie. Maar daar houd ik mij nu nog niet zo mee bezig.” Een ding weet de 64-jarige selfmade man wel zeker: de hele dag thuis zitten of vakantievieren is niets voor hem: “Werken is leuk. Ik ga ermee door tot ik niet meer kan.”


Kegro Deuren
Kegro Deuren is naar eigen zeggen marktleider in vlakke en massieve houten buitendeuren in Nederland. De onderneming heeft een omzet van ongeveer 30 miljoen euro en produceert zo’n 50.000 deuren per jaar. In 2018 moet dit aantal stijgen naar 75.000, in 2019 naar 100.000. Dat is geen record. In het topseizoen 1995/1996 maakte Kegro zelfs 148.000 deuren. De deuren gaan voor 40 procent naar de timmerindustrie, voor nog eens 40 procent naar aannemers en de resterende 20 procent is bestemd voor de renovatie- en vervangingsmarkt. Kegro heeft momenteel nog productiefaciliteiten op twee locaties: in Groesbeek en in Raalte.

 

Foto: Sjef Prins/APA

Reageer op dit artikel