nieuws

Grondverzet smeert zijn materieel vaker automatisch

bouwbreed

Door wisselend personeel, tijdsdruk en moeilijke omstandigheden komt de regelmatige smering van bouwmaterieel in het gedrang komt. Daardoor ontstaat bij het grondverzet toenemende interesse voor een automatisch vetsmeersysteem. Het bestaat uit een pomp met vetreservoir, een vetverdeler met leidingen en een elektronische besturing.

Vogel Nederland uit Enschede levert systemen die vetten tot en met de NLGI-klasse 2 kunnen verpompen. De elektrisch aangedreven vetpompen bieden één tot maximaal drie uitgangen. Op elke uitgang past een pompelement met vier vetdoseringen.

Op elk pompelement komt een zogeheten progressief werkende vetverdeler. Die verdeelt de vetopbrengst van de pomp in vaste verhoudingen over de smeerpunten. Zo’n progressieve verdeler bestaat uit drie tot negen verdelerschijven. Elke schijf beschikt over twee uitgangen die weer aansluiten op het smeerpunt. Zo kunnen maximaal achttien smeerpunten op één vetverdeler worden aangesloten. Vergeleken met handmatig doorsmeren verbruikt het systeem volgens Vogel maximaal 80 procent minder vet. En door het wegvallen van het handsmeren staat een machine dagelijks gemiddeld een half uur minder stil. De leverancier rekent met een terugverdientijd van ongeveer een jaar.

Het centrale smeersysteem van Vogel valt onder de categorie ‘progressief werkende vetverdeler’. Aanvankelijk werd dat alleen in vrachtwagens gemonteerd, zegt M. Hoogendoorn. Maar geleidelijk aan kiest ook het grondverzet ervoor.

Het systeem kan in de fabriek of naderhand worden geïnstalleerd. De verdeler verpompt kleine doseringen en voorkomt oversmering. Het systeem weerstaat maximale druk van 300 bar. De pomp draait aan de hand van een tijdschakelaar die bepaalt wanneer en hoe lang wordt gesmeerd. Het systeem kan dik en dun vet aan.

Dik vet

Grondverzet gebruikt vaak dik vet, omdat het rond het smeerpunt een mooie vetkraag vormt. Het aantal smeerpunten bepaalt de prijs van de installatie. Naarmate dat aantal stijgt neemt de stuksprijs af. Wiellagers kunnen net als de aandrijfas niet op het systeem worden aangesloten.

Groeneveld uit Gorinchem verkoopt eveneens progressieve systemen maar adviseert die niet voor het grondverzet. Dergelijke systemen garanderen volgens W. Zieleman bij langere smeerleidingen en bij lagere temperaturen niet voldoende smeerdruk. Hij raadt het Groeneveld enkelleidingsysteem Twin 2-vet aan. Dat bestaat uit een elektrische pomp met geïntegreerde besturing, een primair en een secundair leidingnet, een drukschakelaar en doseurblokken met doseurs. Na het verstrijken van de intervaltijd bouwt de pomp een druk van minimaal 100 bar op en schakelt zichzelf vervolgens uit. Het systeem blijft enige tijd onder druk staan zodat de doseurs het vet naar de lagers kunnen voeren.

Het Twin-systeem smeert alle punten tegelijk; een progressief systeem smeert de punten stuk voor stuk. De uitvoering van de doseur bepaalt de mate van smering. Het secundaire leidingnet verbindt de doseurs met de smeerpunten.

De pomp is standaard voorzien van een volgzuiger. Die zit boven het vetniveau in het reservoir. Een trekveer beweegt de zuiger naar beneden als het vetniveau daalt. Dat voorkomt trechtervorming en het vet wordt helemaal opgebruikt.

Watercondens

De zuiger sluit het vet ook af tegen watercondens en lucht. In systemen met een roerwerk mengt het vet met het water waardoor corrosie kan ontstaan. Een niveauschakelaar waarschuwt de machinist dat hij moet bijvullen. Dat gebeurt bij het Twin-systeem niet handmatig, maar via een nippel en een vulpistool. Een filter houdt vervuiling tegen. Op de locatie kan een grotere vulkoppeling worden gebruikt voor handmatig vullen. De machinist kan met een schakelaar kiezen voor het smeren van normale werkzaamheden of intensiever werk.

De elektronica regelt de totale cyclustijd, de maximale pomptijd en de nasmeertijd. Het geheugen registreert storingen in de smering. Uitlezen gebeurt met een speciaal apparaat of via een pc of laptop. Langs die weg wordt ook de besturing ingesteld. Zieleman noemt die informatie belangrijk voor onderhoudscontracten. Nu veel grondverzetters geen chef werkplaats meer hebben, worden die veel vaker afgesloten. Groeneveld wil daar met nieuwe programmatuur nog meer aandacht aan geven. De praktijk leert dat machinisten zorgvuldiger omgaan met een machine als ze weten dat het werk kan worden gecontroleerd. Het systeem kan meten of langs een smeerpunt vet is gepasseerd. Een foutmelding kan via een modem en een mobiele telefoon worden verstuurd.

Deze installatie kost 5000 tot 8000 gulden. De terugverdientijd valt volgens Zieleman mee, maar hij geeft geen periode aan. Besparingen ontstaan bijvoorbeeld omdat het systeem gewoon vet verbruikt. In vet voor handspuiten zitten dure toevoegingen als teflon of grafiet die voorkomen dat onderdelen ‘wegdraaien’. Daarbij zijn de verpakkingen voor de handspuiten met 300 gram klein en dus duur(der). Gewoon vet wordt in grote vaten geleverd.

Handspuiten kennen tevens het nadeel dat ze een druk van 300 tot 450 bar opwekken en zo olie en vet kunnen scheiden. Het systeem blijft met maximaal 250 bar onder deze separatiegrens. Een progressief systeem moet aan het begin 300 tot 400 bar druk opbouwen om aan het eind met zeg 50 bar te kunnen smeren.

In het weekeinde worden machines vaak met water onder hoge druk schoongemaakt. Zo verdwijnt de beschermende vetkraag en kan water in bussen en lagers komen. Met één druk op de knop laat de machinist de smeerpomp versneld draaien zodat vet eventueel water uit lagers en bussen drukt.

Progressief systeem garandeert niet altijd voldoende smeerdruk

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels