blog

EPBD, BENG en begrijpelijkheid

bouwbreed Premium 521

Er is brede consensus, dat de energieambitie voor gebouwen haalbaar, betaalbaar en schaalbaar moet zijn. Daar is ‘begrijpbaar’ aan toe te voegen.

EPBD, BENG en begrijpelijkheid
Suzanne van de Kerk

Neem de EPBD. Deze EU-Richtlijn energieprestaties gebouwen (2002/91/EU) verplicht sinds enkele jaren tot een energielabel en voegt daar per 2020 BENG aan toe. Een BENG-gebouw heeft dan energielabel A, toch?

Een energielabel zegt iets over de energiebehoefte van een gebouw. Aan de hand van isolatiewaarde, warmtevraag en installaties wordt een Energie Index (EI) berekend dat het labelniveau bepaalt. Voor nieuwbouw bestond al de wettelijk verplichte EnergiePrestatieCoëfficiënt (EPC). Deze geeft de gebouwgebonden energetische efficiency aan, berekend volgens de Energieprestatienorm. De rol van installaties, isolatie en/of duurzame energie komt hierin niet afzonderlijk aan bod. Dat is wel het geval bij BENG: Bijna Energie Neutrale Gebouwen. De wettelijke eis voor BENG (niet te verwarren met private labels als ZEN, NoM of Passiefhuis) bepaalt de energieprestatie van een gebouw op basis van toegelaten energiebehoefte, primaire energiegebruik en het opgewekte aandeel hernieuwbare energie. NTA 8800 is hiervoor de gloednieuwe nationale bepalingsmethode. De officiële toelichting hierop laat weten, dat dit een eenvoudige, transparante bepalingsmethode is en bedoeld om beter aan te sluiten bij de behoefte en beleving van de consument. Vreemd, want daar is het energielabel toch voor?

BENG staat voor veel, maar weer niet voor de totale milieubelasting van de in het gebouw gebruikte materialen. Daar bestaat sinds 2018 de eis van de verplichte MilieuPrestatieberekening (MPG) voor, gebaseerd op de levenscyclusanalyse van bouwmaterialen. MPG geeft een getalswaarde voor de totale gebouwgebonden milieubelasting, maar gaat weer voorbij aan het gebouwgebonden energiegebruik.

De markt, ondertussen hoorndol, wil vooral een enkele integrale bepalingsmethode. Zo een waarin de energie-efficiency en de materiaal-efficiency op gebouwniveau samenkomen. Dat sluit beter aan bij een focus op CO2-neutraliteit naast energie-efficiency, en is duidelijker naar gebouweigenaren. De markt voor utiliteitsgebouwen liep hierop al vooruit met GPR Gebouw en private certificaten als BREEAM en LEED. Bent u er nog? Normen en methoden zijn er niet alleen voor bouwprofessionals, de leek moet het eveneens kunnen begrijpen. Laat ook dat een ambitie zijn!


Ewald L.J. van Hal, Directeur vereniging Koninklijke Nederlandse Bouwkeramiek, namens NVTB 

 

 

Reageer op dit artikel