blog

Architectuur met een boost

bouwbreed 494

Architectuur met een boost

Met broodtrommels en chocolademelk onder de snelbinders fietsten wij in de zomervakanties naar zwembad de Kromme Rijn in Utrecht. Halverwege passeerden we de intrigerende poort van de Kromhoutkazerne. ‘Wat voor spannends bevindt zich achter die poort?’, vroeg ik mij dan af.

Het antwoord kwam na mijn afstuderen. Een van mijn eerste opdrachten in mijn werkend leven behelsde het in kaart brengen en identificeren van de talloze kabels en leidingen op diezelfde Kromhoutkazerne. Een klus waar ik soms vreemde situaties aantrof. Zo was de Kromhoutkazerne voorzien van een blusriool waaruit de brandweer bluswater kon aftappen. De medewerkers van de genie hebben echter jarenlang vanuit hun werkplaats olie op de aanwezige straatkolken geloosd. Het gevolg laat zich raden. Na enkele jaren was het riool volledig gevuld met olie. Over olie op het vuur gooien gesproken!

Na diverse werken in opdracht van het toenmalige DGW&T (Dienst Gebouwen, Werken & Terreinen) heb ik ook nu het voorrecht betrokken te zijn bij een werk op een militair gerelateerd object. De ontwikkeling van de kolonel Palmkazerne tot een woon-, werk- en natuurgebied.

Onlangs zag ik een aflevering van ‘Hier zijn de Van Rossums in Eindhoven’ waarbij de Van Rossums zich op geheel eigen wijze verbaasden over het feit dat je als architect beroemd kan worden met het ontwerpen van een brug, beurs of bankgebouw, maar dat de architect van het gigantische Phillips industriedorp relatief onbekend is gebleven.

Het intrigeerde mij. Hoe zit dat eigenlijk met de Palmkazerne? Ook hier kunnen we spreken van een relatief onbekend ontwerper, kapitein Boost. Na 1935, toen de oorlog dreigde, is men in rap tempo kazernes gaan bouwen. Gezien de vereiste snelheid en het gebrek aan financiële middelen moest dit vrij uniform plaatsvinden. Kapitein Boost deed daadwerkelijk zijn naam eer aan. In slechts anderhalf jaar heeft hij 16 paviljoenkazernes doen verschijnen in zakelijk-expressionistische stijl. De zogenaamde Boostkazerne was een feit. Volgens de Cobouw van 1965 heeft Boost steeds het creatieve voor ogen gehad en stond zijn leven in het teken van, what’s in the name, ‘gisteren klaar’.

Misschien een goed credo voor de nieuwe herontwikkeling? Laten we het een Boost geven!


Fred Bransen is als programmamanager ruimtelijke kwaliteit/consultant werkzaam bij adviesbureau Tauw.

Reageer op dit artikel