blog

Geroezemoes

bouwbreed 399

Geroezemoes

Ik werk graag in publieke ruimten. Het liefst zit ik dan te schrijven. Drukte om me heen, dat stoort me niet. Natuurlijk zijn er tonen die aandacht trekken en soms irriteren. Een te luide stem. Een te dwingende spreker. En soms verbaas ik me ook over de tolerantie van mensen die aan tafel opgezadeld zitten met een prediker van bullshit. Toch is het de kunst om storende ruis terug te brengen tot geroezemoes.

Intussen hebben ook publieke instellingen besloten caféruimten, waar volop overlegd wordt. En ook nogal eens wordt geklaagd of geroddeld. Tot mijn verrassing wordt aan een buurtafeltje opeens de naam van het programma waar ik verantwoordelijk voor ben om de haverklap genoemd. Het probleem (beluister ik) is dat ‘mijn’ programma partner is geworden in een ander groot ding terwijl dat niet de bedoeling is.

Uitgebreid wordt de rol besproken van de medewerkster die dat heeft veroorzaakt. Ik begrijp dat het niet haar schuld is, maar het is haar toch te verwijten. Wie moet ‘ons’ nu gaan vertellen dat we eigenlijk niet mee mogen doen. En hoe doe je dat het beste?Ik heb de neiging me voor te stellen en het vraagstukje op te lossen. Toch besluit ik alleen maar te luisteren en het af te wachten.

Interessante vraag is welke gesprekken passen bij de openbaarheid van de ruimte. En als die keuze wordt gemaakt, wat dat dan vergt van deelnemers en omstanders? Deze vraag zal steeds pregnanter worden omdat moderne kantoorgebouwen bestaan uit ruimten waar wordt geknokt om een (relatief stille) werkplek, schaarse vergaderkamers (die lang van te voren moeten worden gereserveerd) en quasi openbare ruimten waar alles door elkaar plaatsvindt.


Lenny Vulperhorst, adviseur Andersson Elffers Felix Utrecht
l.vulperhorst@aef.nl

Reageer op dit artikel