nieuws

Concept 1828 wil betaalbare huurwoningen ontwikkelen voor jongeren in de Randstad

woningbouw 704

Concept 1828 wil betaalbare huurwoningen ontwikkelen voor jongeren in de Randstad

Met een nieuw concept willen ontwikkelaars Wibaut en AIVM betaalbare huurwoningen realiseren voor starters. De woningen zelf zijn met oppervlakten an 25 en 50 m2 bescheiden, maar  een royaal pakket collectieve voorzieningen, van een multimedia-lounge tot aan deelauto’s moeten leiden tot een aantrekkelijke woonomgeving.

Bewonerspanels spelen een grote rol bij de precieze invulling van het concept dat 1828  is gedoopt.  Tijdens sessies met potentiele huurders peilen de ontwikkelaars de precieze behoeften van gedeelde voorzieningen. En die houden wat Ernest van der Meijde van Wibaut betreft niet op bij een gemeenschappelijke huiskamer en gedeelde wasmachines in een wasbar. “We denken ook aan sportvoorzieningen, een studieruimte, multimedialounge en deelauto’s.  Alles volgens de principes van de deeleconomie en eigentijds vormgegeven. Door de energiezuinige bouw, blijven de servicekosten volgens  Van der Meijde beperkt.  Minimaal tweederde van de woningen moet binnen het sociale huursegment vallen; de resterende woningen zijn middelduur. De woningen van 50 m2 zijn geschikt voor samenwoners.

De naam 1828 van het concept verwijst naar de leeftijdscategorie  waar ontwikkelaars Wibaut en AIVM op richten: jongeren van  18 tot 28 jaar.  Daarbij denken ze vooral aan de  kleinere steden in de Randstad. “We mikken op projecten van gemiddeld zo’n 150 woningen. We hebben de ambitie en de slagkracht om er daarvan een stuk of tien realiseren. De investeerders voor de benodigde financiering hebben we al achter ons staan. In Haarlem en Overveen zijn de plannen al in vergevorderd stadium en moet de bouw volgend jaar van start.”

Geen vaste plattegrond of bouwsysteem

1828 gaat vooralsnog niet uit van een gestandaardiseerde plattegrond of bouwsysteem. Ook de architectuur ligt niet op voorhand vast, maar is flexibel en kan aan lokale omstandigheden worden aangepast.  Tegelijkertijd sluit Van der Meijde ook niet uit dat er op een gegeven moment toch een bepaald bouwsysteem met min of meer gestandaardiseerde plattegronden naar boven komt.

Van der Meijde is niet bang dat een 1828 project na verloop van tijd alleen nog maar bewoond wordt door scheefwoners. “Het concept werkt alleen wanneer je een groep bewoners bij elkaar brengt die in dezelfde levensfase zit en een zelfde ritme aanhoudt. Daar vallen studenten nadrukkelijk niet onder. Dankzij de jongerencontracten die sinds 2016 bestaan, is het mogelijk mensen buiten de leeftijdsgroep op een gegeven moment ook de huur op te zeggen. Dat voorkomt dat de bevolking van een 1828 complex gaandeweg vergrijst.”

Bescheiden complexen op restkavels

Compleet uniek is het concept niet, weet Van der Meijde ook. In de grotere steden timmeren partijen als Greystar, IC en Change= aan de weg met verwante concepten.  Alleen gaat het daar om veel grotere projecten van wel 500 woningen.  Wibaut en AIVM mikken juist op de minder grote steden in de Randstad, waar wel degelijk ook een probleem is voor jongeren en starters om goede huisvesting te vinden. De kleinere projecten van 1828 zijn stedenbouwkundig wat gemakkelijker in te passen. Op betrekkelijk bescheiden kavels als  oude parkeerterreinen, groenstroken of andere restkavels. “We denken dat ons concept voor gemeenten interessant is”, stelt Van der Meijde. Zij worstelen immers ook vaak met het huisvestingsvraagstuk van hun jongeren.  Ze zullen dus wel met voordeligere locaties over de brug moeten komen.  Bij een hoge grondprijs staan we meteen 1-0 achter en kunnen we niet de huurprijzen rekenen die realistisch is voor de doelgroep. Dan zouden we ons doel voorbijschieten. Door de royale gedeelde voorzieningen kunnen we de woningen zelf klein houden en tegen sociale huren een project realiseren dat voor beleggers voldoende rendement oplevert.  Partijen met geschikte kavels mogen zich melden.”

 

Reageer op dit artikel