nieuws

Open BIM zette woonproject De Keizer virtueel in de steigers

woningbouw Premium 2357

Open BIM zette woonproject De Keizer virtueel in de steigers

Veel architecten, constructeurs en aannemers bimmen, maar slechts weinig aannemers delen het virtuele bouwwerk met de leveranciers. Bij woonproject De Keizer gebeurt het wel. Het vereenvoudigt de werkvoorbereiding, verbetert de samenwerking met de architect en versnelt de levering van prefab. Het smaakt naar meer.

Stukadoors en installateurs werken zich momenteel in het zweet in de Amstelveense woontoren met 103 appartementen, maar virtueel was de klus anderhalf jaar geleden al geklaard. In een vroeg stadium betrok hoofdaannemer M.J. de Nijs en Zonen namelijk alle belangrijke ‘co-makers’ bij de uitwerking in BIM. “We hebben iedereen erbij gehaald die cruciaal is voor een vlotte doorgang”, vertelt BIM-manager Joeri Koehof van M.J. de Nijs en Zonen. “Als je de technische mensen die het uiteindelijk gaan maken laat meedenken in de voorfase, spaart dat enorm veel tijd op de steigers.”

Virtuele steigerbouw

Sterker, de steigers staan sneller en zonder missers op hun plaats. De steigerbouwer was namelijk deelnemer aan het Open BIM proces en leverde zijn werk al voor de start virtueel op. Daardoor was vooraf keurig in beeld hoe de steigerconstructie kon worden afgesteund zonder de geveldragers te raken. Vooral bij wijzigingen in de tekeningen kan het vinden van alternatieve oplossingen voor schoorwerk en onderstempeling op de bouwplaats een flinke puzzel zijn. Een virtueel bouwwerk maakt direct zichtbaar waar de conflicten zitten. Aangezien iedere partij voor een clash kan zorgen, betrekt De Nijs ze er het liefst allemaal bij.

“De meeste aannemers houden zich bij bimmen alleen bezig met de eindsituatie. Wij willen juist graag weten hoe we daar veilig en binnen budget komen”, zegt collega BIM-manager Niels Groot. Het voorschrijven en sturen op de BIM basis Informatieleveringsspecificatie (ILS) zorgt voor eenduidigheid in de structuur van alle modellen die adviseurs en onderaannemers leveren. De Nijs sprak af dat iedere partij alleen de onderdelen modelleert waar zij verantwoordelijk voor zijn. Dat maakt clashdetectie zuiverder. Je legt de verschillende modellen over elkaar en ziet meteen waar de conflicten zitten. De partijen zetten samen de engineeringsplanning in tijd uit met behulp van ‘lean engineering’.

Prefab eerder bestellen

De meeste aannemers houden zich bij bimmen alleen bezig met de eindsituatie.

Vooral de inbreng van installateurs en prefableveranciers zorgde voor een soepeler verloop van het strak geplande werk. De installatieadviseur bepaalde in het voorontwerp de precieze schachtdimensies in het gebouw, de installateurs konden hun installaties daarbinnen ontwerpen. Dat voorkwam dubbelop werken. Vroege uitwerking van het leidingwerk en de vloer-installaties maakte het mogelijk om prefab wanden en vloeren eerder te bestellen. Dat is een opsteker, want bij de huidige lange levertijden zorgt engineering achteraf al gauw voor uitglijders in de planning. Werken in open BIM scheelt ook in kosten. Koehof: “Faalkosten ontstaan vooral doordat zaken vooraf onvoldoende zijn uitgewerkt. Als de uitwerkingsmethode vrij interpreteerbaar is, krijg je zoveel oplossingen als dat er mensen aan werken. Samen met de adviseurs kleuren wij daarom alle grijze gebieden vooraf in.”

Werken vanaf een Ipad

Alle hoeveelheden en vierkante meters materiaal laten zich eenvoudig genereren uit de verschillende BIM-modellen van de adviseurs en co-makers. Als er ergens een verhoging van een vloerrand nodig blijkt, is het niet nodig om die in alle tekeningen apart te wijzigen. Aanpassingen komen automatisch in elk document terecht. De tekeningenkast en de grote A0 tekeningen zijn uit bouwkeet verdwenen. Zelfs de betonploeg werkte op De Keizer vanaf een Ipad in plaats van een tekening. Foto’s die tijdens het werk worden gemaakt zijn eenvoudig aan het model te koppelen. Dat is een handig hulpmiddel met het oog op de toekomstige Wet Kwaliteitsborging.

Meer betrokken bij de realisatie

De Keizer Amstelveen open BIM Architect Rijnboutt, die veel met M.J. de Nijs en Zonen samenwerkt, is blij dat aannemers nu ook met de BIM-modellen werken. “Aannemers slaan een brug tussen de BIM-modellen van de adviseurs en de modellen van leveranciers. Hierdoor hebben wij als architect meer regie op de bouw”, zegt BIM-specialist Marielle Vissers. “We zijn nu meer betrokken bij de realisatie van het bouwwerk.” Er wordt beter samen nagedacht over de technische uitwerking van het ontwerp en voor de esthetische controle zijn de 3D-modellen van de leveranciers een waardevolle aanvulling.

Codes op dezelfde manier hanteren

Rijnboutt opereert al jaren met BIM in alle fases van projecten. In eerste instantie ter vereenvoudiging van het eigen werk en verbetering van de communicatie met de opdrachtgever, maar later ook om beter af te stemmen met de adviseurs. Woongebouw de Keizer was het tweede project waarbij ook een aannemer betrokken was. Hier werd in Bouw & IT het model voor het eerst de BIM-basis ILS uitgeprobeerd al voor deze was gepubliceerd. Het model werd iets gedetailleerder uitgewerkt en er werd meer informatie aan het model gekoppeld ten behoeve van de werkvoorbereiding, zoals de NL-SfB elementencode, draagkracht en het elementtype. De code en het elementtype helpen om objecten te ordenen, te groeperen en beter de hoeveelheden te bepalen.

Vissers: “Als iedereen die codes op dezelfde manier hanteert, scheelt dat veel werk voor de werkvoorbereiding. Daarnaast maak je het gebouw inzichtelijker doordat je de extra informatie grafisch zichtbaar maakt. Zo wordt de voorgestelde constructie al vroeg inzichtelijk en kun je ook de brandwerendheid in 3D bekijken.”

Metselrobots en geautomatiseerde wapeningsmachines

Dat alle partijen meewerkten in BIM heeft bij dit project zeker geholpen. Alle onderdelen zijn beter op elkaar afgestemd, met name de installaties. Wat nog ontbreekt zijn wat haar betreft de gebouweigenaren. Wanneer stappen zij voor beheer en onderhoud in het BIM-model en welk BIM-aspectmodel gaan ze daarvoor gebruiken? Een goede vraag, vindt Joeri Koehof, probleem is dat de meeste opdrachtgevers er nog onvoldoende uit zijn welke informatie ze daarvoor exact nodig hebben. “Maar het komt er aan, net als dat onze modellen in de toekomst metselrobots en geautomatiseerde wapeningsmachines gaan aansturen. We leggen bij ieder project de lat weer ietsje hoger.”

Reageer op dit artikel