nieuws

Minister: ‘meer bouwplannen graag’

woningbouw Premium 1242

Minister: ‘meer bouwplannen graag’

Meer woningbouwplannen zijn nodig om het bouwtempo op te krikken. Dat schrijft minister Ollongren in een brief aan de Tweede Kamer, waarin ze verschillende maatregelen aankondigt.

Een expertteam dat de bouwproductie moet aanjagen. Onderzoek naar voorfinanciering van binnenstedelijke transformatie. Woningbouwprogramma’s koppelen aan de meerjarenprogramma van het Rijk voor Infrastructuur Ruimte en Transport. Minister Ollongren wil de woningmarkt met tal van maatregelen op gang helpen, schrijft ze dinsdag in een brief aan de Tweede Kamer.

Al maanden trekt de woningmarkt aan. De productie blijft echter achter bij de vraag, signaleert ook Ollongren. Er is een gebrek aan handjes in de bouw, materialen laten langer op zich wachten dan gemiddeld en de wens om binnenstedelijk te bouwen geeft ook de nodige kopzorgen. Er zou ook een chronisch gebrek aan plannen zijn, maar daar zijn de meningen verdeeld over.

Dat het bouwtempo te laag ligt, wordt vrijwel door iedereen onderschreven. Zo ook door de minister van Binnenlandse Zaken, Kajsa Ollongren, die over wonen gaat. Met de hete adem van de VVD en het CDA in haar nek, kondigt de minister tal van maatregelen aan die de tegenstribbelende woningmarkt uit het slop moet trekken.

Risico’s

Eerder liet Ollongren door de Telegraaf al optekenen dat gemeenten soms over grenzen moeten kijken. Ja, bovenal moet worden gebouwd naar de behoefte, vooral in binnenstedelijk gebied, maar dat is best complex, ziet ook zij.

“In sommige grote stedelijke regio’s is nu al duidelijk dat het niet mogelijk is om de grote behoefte aan nieuwe woningen op termijn volledig binnen bestaand stedelijk gebied op te vangen, of is het nodig om tijdig te anticiperen op het risico dat de plancapaciteit binnen bebouwd gebied niet meer voldoet, bijvoorbeeld door uitval of vertraging van bestaande plannen.”

Ollongren wil dat vooral die regio’s op zoek gaan naar mogelijkheden om hun huidige planvoorraden te vergroten.

Zorgvuldig omgaan met de ruimte, blijft belangrijk, vindt Ollongren. De urgentie om mogelijkheden binnen de bestaande steden te benutten blijft volgens haar onverminderd groot.

Voorfinanciering

Ollongren wil regio’s ook helpen bij het versneld van de grond krijgen van bestaande bouwplannen. Ze heeft een expertteam beschikbaar gesteld en komt voor de zomer met een wet die moet afrekenen met stroperige procedures.

“Ook wil ik helpen om belangrijke bouwprojecten in grote stedelijke gebieden die zijn vastgelopen los te trekken. Daartoe bezie ik op dit moment hoe voorfinanciering de transformatie van binnenstedelijke gebieden, zoals oude industrie- en havengebieden, tot woningbouwlocaties kan versnellen.”

Daarnaast kondigt de minister gesprekken aan met de grote stedelijke regio’s waar ook op de langere termijn de woningbehoefte hoog blijft.

“In deze gesprekken neem ik mee hoe zij met grondposities omgaan, om enerzijds woningbouw te faciliteren en anderzijds financiële risico’s te beheersen. Ook wanneer de plancapaciteit op papier voldoende is om te voorzien in de regionale woningbehoefte, zullen regio’s tijdig na moeten denken over alternatieven wanneer bestaande plannen uitvallen of vertraging oplopen”, schrijft Ollongren.

Innovatieve concepten

Om te bepalen of er voldoende bouwplannen zijn, komt de minister in april met een inventarisatie. Omdat het bouwen van woningen gepaard gaat met andere belangrijke uitdagingen zoals verduurzaming en gasloze nieuwbouw wil Ollongren met partijen “heldere, richtinggevend en inspirerende doelen stellen.”

De minister wil verder ook innovatieve concepten, zoals kleiner bouwen met gedeelde voorzieningen, stimuleren.

Woningbouw versus infrastructuur

Geld speelt ook een rol bij het bouwtempo. Ollongren wil de middelen die het kabinet beschikbaar heeft voor infrastructuur en woningbouw daarom zo slim mogelijk inzetten. Ze kondigt aan dat woningbouw in relatie tot andere ruimtelijke afwegingen een stevigere plek krijgt in het MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport.

“Dat betekent dat ik de samenhang tussen de opgaven niet alleen op regionaal niveau kan agenderen, maar ook op nationaal niveau.”

 

Reageer op dit artikel