nieuws

Fikse straffen voor fraude bij corporatie Laurentius

woningbouw Premium 1527

Fikse straffen voor fraude bij corporatie Laurentius

Voormalig directeur Walter V. van de Bredase woningbouwvereniging Laurentius moet 2,5 jaar de cel in voor corruptie, witwassen en het oplichten van zijn corporatie. Projectontwikkelaar Wim S. is veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, voor zijn rol in de oplichting en het witwassen. Dat heeft de rechtbank Oost-Brabant vanmiddag bepaald.

De rechtbank heeft de twee bedrijven van Wim S. geldboetes opgelegd van in totaal 110.000 euro. Een ander betrokken bedrijf moet een boete van 20.000 euro betalen voor witwassen. Er is volgens de rechtbank geen bewijs dat Walter V. het voortbestaan van Laurentius in gevaar heeft gebracht.

Lagere straffen dan de eis

Alle straffen vallen lager uit dan geëist door het Openbaar Ministerie. Walter V. hoorde tijdens de behandeling van de zaak in december 3,5 jaar tegen zich eisen. De eis tegen Wim S. was 2,5 jaar. Ook waren er hogere boetes geëist dan uiteindelijk opgelegd. Bij het bepalen van de straffen heeft de rechtbank onder meer laten meetellen dat het lang geduurd heeft voordat de rechtszaak voorkwam. Dat het omvangrijke en ingewikkelde zaak is, doet daar volgens de rechtbank niets aan af. Omdat de redelijke termijn van twee jaar is overschreden, zijn de celstraffen en de geldboetes gematigd.

Woningcorporatie Laurentius is zich na de benoeming van Walter V. als directeur-bestuurder in 2001 steeds meer gaan bezighouden met ontwikkelen van woningbouwprojecten in plaats van beheren van de bestaande woningvoorraad. V. was als eerste aanspreekpunt ook verantwoordelijk voor de acquisitie van nieuwe projecten. De rechtbank verwijt hem dat hij raad van commissarissen informatie onthield. Ook sloot hij buiten het zicht van de corporatie deals met de vastgoedhandelaar, die nadelig uitpakten voor Laurentius. Tussen 2006 en 2012 liet V. zijn werkgever veel te veel betalen aan Wim S. voor drie vastgoedprojecten. Het zou gaan om een bedrag van 2,17 miljoen euro, dat beiden onderling verdeelden.

Ook veroordeeld voor witwassen

V. en S. zijn ook veroordeeld voor witwassen. De voormalig corporatiedirecteur zou zich hebben laten omkopen door een schilderij aan te nemen van een zakenrelatie, zonder dat te melden bij Laurentius. Ook waste hij geld wit: in totaal ruim 707.000 euro. Vastgoedhandelaar Wim S. zou 600.000 euro hebben witgewassen en daarnaast nog eens grote bedragen via zijn bedrijven. Het Openbaar Ministerie beschuldigde Walter V. nog van oplichting bij een vierde project. Daarvan is hij door de rechtbank vrijgesproken.

Wat de rechtbank zwaar meewoog is dat de twee verdachten Laurentius dupeerden zonder zich te bekommeren om de gevolgen voor de corporatie en de huurders. Oplichting door een directeur leidt volgens de rechtbank tot ondermijning van het vertrouwen dat de samenleving moeten hebben in dergelijke organisaties.

Corporatie ondervindt nog altijd de gevolgen

De huidige directeur van Laurentius, Marie-Thérèse Dubbeldam, is blij dat er na lange tijd nu eindelijk een uitspraak ligt. “Voor onze bewoners en medewerkers is het goed te begrijpen. De uitspraak bevestigt dat er iets aan de hand was, wat niet in de haak was.” De  woningcorporatie ondervindt nog steeds de gevolgen van het beleid van Dubbeldams voorganger. “We hebben moeilijke jaren achter de rug”, zegt de huidge directeur die de strafzaak als toehoorder volgde.

De corporatie moest overeind gehouden worden met 90 miljoen steun van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Ook staat de corporatie sinds januari 2012 onder verscherpt toezicht van de Autoriteit woningcorporaties (Aw). Daaruit voortvloeiend is Laurentius bezig met de uitvoering van een tien jaar lopend herstelplan, dat maatregelen bevat om de organisatie weer financieel gezond te krijgen. Daarmee is Laurentius volgens Dubbeldam al een eind gevorderd.

Dat de juridische strijd na de uitspraak van de rechtbank nog niet ten einde is, staat inmiddels vast. Advocaat Ronald Drenth, de raadsman van Walter V. heeft al hoger beroep ingesteld. Hij noemt het vonnis “teleurstellend”.

Reageer op dit artikel