nieuws

Ultieme droom voor 2018 van Bas de Haan (Nezzt): modulaire hoogbouw

woningbouw Premium 1909

Ultieme droom voor 2018 van Bas de Haan (Nezzt): modulaire hoogbouw

Nezzt, de verplaatsbare, modulaire woning van De Meeuw, beleefde een sterke opmars in 2017. Directeur Bas de Haan hoopt het containerimago nu eindelijk te hebben afgeschud.

Wat heeft 2017 je gebracht?

De Haan: “De opleveringen van onze eerste projecten. De verplaatsbare woning is nieuw fenomeen voor onze industrie en ook voor de markt. De markt is in 2017 volwassener geworden. Accepteert en omarmt de verplaatsbare woningen nu meer. Wij als industrie worden ook volwassener.”

Is de industrie de kinderschoenen al voorbij of nog aan het puberen?

“Nog niet aan het puberen. Laten we zeggen: in de tienerschoenen. Ons bedrijf heeft een enorme groei gemaakt. We hebben projecten gedaan, naamsbekendheid verworven, de industrie wordt serieuzer genomen. Mensen zijn geïnteresseerd in ons verhaal. Vroeger werden we gezien als containerbouwer: we waren niet interessant.”

Hoeveel woningen hebben jullie verkocht en geproduceerd in 2017?

“We leveren in december het derde project op. In totaal hebben we 300 woningen opgeleverd. En voor volgend jaar hebben we alweer 600 in orderportefeuille. Niet alleen de hoofdstad, al blijven we daar wel veel doen. Maar het breidt zich uit. We gaan nu ook in kleinere gemeenten aan de slag. Vaak gaat het om projecten van tussen de twintig en dertig woningen. We hebben bijvoorbeeld een project van 28 appartementen in Zwolle. We waren de toetreder die zorgde voor tijdelijke woningbouw voor statushouders plus sociale huisvesting, maar inmiddels is er ook interesse vanuit een andere hoek: ontwikkelaars en beleggers. Ze willen huurwoningen. Koop doen we nog niet.”

Nezzt kan ook in een luxere variant voor de middeldure huur?

“Ja, het leuke is dat we geen product hebben, maar een systeem. Zie het als Legoblokjes waar we mee bouwen. Als we voor expats bouwen, kunnen we meer nadruk leggen op een kwalitatief hogere afwerking: de inrichting en bekleding. Denk aan de keuken, de badkamer, het vloeroppervlakte, de materialen, de afwerking van de vloeren en de wand, de kozijnen en het type deur.”

Wat wil je in 2018 echt achter je laten?

“Het containerimago.”

Hoe kom je daar vanaf?

“Dat kun je vanaf twee kanten benaderen. Ten eerste heb je te maken met de acceptatie vanuit de markt. Aan de andere kant moeten we bewijzen aan de markt dat wat wij maken echt volwaardig is. Om een voorbeeld te geven: we hebben drie projecten opgeleverd die onderhuids hetzelfde zijn. Maar de eerste heeft te nadrukkelijk een modulair uiterlijk.In het tweede en derde project hebben we daar afscheid van genomen. De kunst is: hoe ontwerp je, hoe detailleer je? De architect krijgt de opdracht mee daar op te letten.”

Wat moet er in 2018 gebeuren en hoe ga je daar zelf voor zorgen?

“Wij gaan door met innoveren. Wij zijn als toetreder op de markt gekomen en worden gezien als leverancier van tijdelijke woningen. Maar onze visie is dat we permanente woningen maken die verplaatsbaar zijn. Dat is natuurlijk makkelijk gezegd, maar er zit heel wat aan vast. We krijgen vragen naar energieneutrale en nul op de meter-woningen. Ook moeten we duidelijker zijn hoe hoog de kosten van verplaatsen zijn. We gaan de woningen beter en slimmer maken. Maar ik wil ook graag een stap verder gaan. We hebben het continu over betaalbaarheid. Mijn wens is dat wij als bedrijf woningen gaan maken zoals in de auto-industrie. Veel meer geautomatiseerd. Waar je als klant kan kiezen, maar toch werkt met standaardproducten. Dat zie ik natuurlijk in 2018 nog niet gebeuren. Maar ik zou graag die kant opgaan als Henry Ford. Door massa te creëren kun je kostprijsverlaging nastreven. We moeten slimme, innovatieve huizen maken, maar ze moeten wel betaalbaar zijn.”

Een project van Nezzt in Amsterdam voor Stadgenoot.

Een project van Nezzt in Amsterdam voor Stadgenoot.

Hoe gaat Nezzt daarvoor zorgen in 2018? Moeten bedrijven dan niet de vraag gaan bundelen en schaal gaan creëren?

“Terecht punt. We hebben altijd iemand nodig die de voortrekkersrol pakt. Grote bouwers zijn erg traditioneel. Die kijken naar ons en denken: containerbouwers. De liefde moet van twee kanten komen.”

Moet  een grote bouwer Nezzt overnemen, bedoel je?

“Nee, ik zie het eerder andersom. Wij zullen steeds meer marktaandeel veroveren ten koste van de traditionele aannemer. Ik denk dat in de toekomst gaat gebeuren. Absoluut. De vraag is zo groot.”

Welke problemen moeten er in het nieuwe jaar echt opgelost worden en welke concrete stappen moeten er gezet worden?

“Goh, dat zijn er heel veel. Samen met Heijmans met De Groot Vroomshoop hebben we de stoute schoenen aangetrokken richting het ministerie. Onze boodschap is: als je in toekomst echt circulair wilt worden, zul je de regelgeving aan moeten passen. Regelgeving is vaak een issue nu. Het bestemmingsplan, de ruimtelijke onderbouwing, de doorlooptijden van de procedures. Soms ook de verplichting om op nutsvoorzieningen aan te sluiten, zoals stadsverwarming. Dat soort dingen zitten ons dwars.”

Wat ergert je het meest aan die regels?

“Het gekke is dat Nederland volgens mij het enige land is in Europa dat een tijdelijk bouwbesluit heeft. Tijdelijk is in tweeën geknipt. Je hebt een bestemmingsplan voor tien jaar. Zodra je naar de 15 jaar gaat, heb je een bestemmingsplanwijziging nodig. Überhaupt is dat gekke wetgeving, en dan zit er ook nog eens deze gekke knip in. Terwijl al die business cases en corporaties die ermee bezig zijn, laten zien dat je minimaal 15 jaar nodig hebt om een haalbare business case te draaien. Ik zou willen pleiten voor flexibele bestemmingen.”

Welk onderwerp moet in 2018 echt van de agenda?

“Dan noem ik weer het stigma van containerbouwer. We moeten serieuzer genomen worden. Flexibele huisvesting kan een alternatief voor allerlei doelgroepen zijn. Het stigma dat het alleen voor statushouders is, daar moeten we vanaf. Laten we het nu eens over betaalbare, sociale huisvesting hebben. Dat is een enorm issue.”

Waar had je het meeste last van in 2017?

“De procedures die het allemaal bemoeilijken. Dat is een bottleneck. Je ziet dat gemeenten zichzelf tegenwerken. Aan de ene kant willen ze snel resultaat boeken, aan de andere kant maken ze het ingewikkeld met procedures, de omgevingsvergunning en de ruimtelijke onderbouwing. Als je er met common sense naar kijkt, denk je: jongens, kan het nou niet anders? We hebben recent een project in Amsterdam opgeleverd dat eigenlijk een jaar eerder klaar had kunnen zijn. Ik zou op de agenda willen: hoe gaan we regelgeving voor dit soort projecten passender maken?”

Wat is je ultieme, zakelijke droom voor 2018?

“Mijn ultieme wens is dat we de eerste grootschalige hoogbouw gaan krijgen. Dat zou een mijlpaal zijn. Het zou technisch al kunnen met twaalf bouwlagen. Met hulpconstructie kan hoger ook. Dat iedereen dan ziet: Wauw, dit kan ook met modulaire bouwen.”

Reageer op dit artikel