nieuws

Huis van de toekomst

woningbouw 9

Huis van de toekomst

Hoe wonen we over tien, twintig jaar? Is het mogelijk om gratis te wonen, of hebben we straks een abonnement op woondiensten overal in de wereld?

Voor het lezen van dit artikel heeft u een groot voorstellingsvermogen nodig. Het gaat over het wonen van de toekomst. Over woningen en woonvormen die er nog niet zijn, maar waarnaar een latente vraag is. Of eigenlijk: waarnaar mogelijk een latente vraag is. Want wie weet hoe we in de toekomst willen wonen?

Verandering

Iedereen herinnert zich nog wel het filmpje uit 1999 waarin mensen op straat werd gevraagd of ze een mobiele telefoon hebben. Verbaasde gezichten. “Ik heb een gewone telefoon, waarom moet ik een mobiel hebben?”, reageert een oude man. Een aan zijn auto sleutelende jongen: “Als ik ergens pech krijg, is er altijd wel een boerderij en een boer met een telefoon.” Een fietser haalt zijn schouders op: “Als mensen mij willen bereiken, dan kunnen ze dat met een brief doen, en is het dringend, dan ben ik telefonisch thuis te bereiken.”

Als mensen mij willen bereiken, dan kunnen ze dat met een brief doen

Zou verandering ook zo snel kunnen gaan als het om wonen gaat? Kunnen we nu een filmpje maken, waarom we over twintig jaar hard moeten lachen? Een rijtjeshuis? Gekocht? Een energierekening? Hahaha.

Stel je voor: straks willen we geen huur- of koopwoningen meer maar een lidmaatschap waarmee we overal ter wereld op elk moment kunnen inchecken. Volgende week beginnen aan een project van drie maanden in Barcelona? Hup, koffer inpakken en gaan.

Rondetafelgesprek

In een rondetafelgesprek bij BAM Woningbouw in Bunnik is het wonen van de toekomst hét gespreksonderwerp. Het gezelschap is gemêleerd: een woningbouwer – Joost Nelis van BAM, een projectontwikkelaar – Mario Broos van AM, een ontwikkelende bouwer – Henk Homberg van ERA Contour, een volkshuisvester – Jan van den Berg Jeths van Eigen Haard, en een institutionele belegger – Allard van Spaandonk van Bouwinvest.

Ze kennen elkaar. Midden in de crisis, in 2012, richtten ze, toen nog zonder Bouwinvest, het innovatieplaform Lincubator op. Vijf corporaties en vier bouwers. Doel: innovatie en kostenverlaging met 40 procent. Volgens Joost Nelis, directeur BAM Woningbouw, zou Lincubator een speedboot worden voor de tankers uit, die de toekomst zou gaan verkennen. Maar de innovatie kwam niet echt van de grond, bekennen de mannen nu. De ideeën waren te vrijblijvend, en de buitenwereld was letterlijk een buitenwereld. Er werd veel geleerd, maar de speedbootjes werden weer aan dek gehesen.

Verdienmodel

Een nieuwe poging in 2016. “Gratis wonen” is nu de stip aan de horizon. Zou het mogelijk zijn om te kunnen verdienen aan gratis wonen? Zijn er verdienmodellen mogelijk die nieuwe vormen van betaalbaar wonen mogelijk maken? Zelf weten de mannen het nog niet.

Een praatgroepje moet het niet worden, zegt Nelis. “Binnen een paar jaar moet je de eerste producten kunnen zien. We gaan niet studeren totdat we het allesomvattende concept voor gratis wonen hebben. Als we een stap vinden die ons dichterbij brengt, gaan we dat doen en ervan leren, om daarna aan een volgend project te beginnen.”

Speciaal hiervoor is een “ondernemende innovator” gerekruteerd. Deze persoon begint binnenkort en heeft de taak binnen honderd dagen het innovatiepad te schetsen. Daarbij krijgt hij of zij hulp van de verlichte geesten van de deelnemende bedrijven. Partijen van buiten de bouw met ideeën over het wonen van de toekomst zijn ook uitgenodigd.

Gratis wonen

Natuurlijk is er aan tafel al veel gebrainstormd. Ook deze middag vallen de verschillende perspectieven op. Homberg: “Het grappige aan dit gezelschap is: de ene persoon zit meer met een commerciële pet op, de andere met een maatschappelijke. Maar we zoeken met z’n allen naar hetzelfde.”

“In het verleden zagen we de woning als een goed geïsoleerde regenjas”, zegt Nelis. “Als je de woning van de toekomst ziet als een platform voor data en energie, ontstaan er allerlei verdienmodellen die in het ultieme geval zouden kunnen leiden tot gratis wonen.”

Homberg houdt zijn smart­phone omhoog. “Dit ding kun je ook gratis krijgen bij een abonnement.” Nelis: “De beleving rondom de telefoon, de software, maakt dat je die hardware aan de man kunt brengen. Wij verkopen op dit moment veel meer de prestatie dan de beleving. Als je daaruit een verdienmodel kunt halen, dan is de basistaak van de woning – de leefruimte – voor het verdienmodel minder belangrijk.”

Big data

Waaraan moeten we dan denken? “Data, energie en beleving”, somt Nelis op. Je huis kan een platform zijn voor andere verdienmodellen. Je kunt je huis gebruiken als kasstroom door het opwekken van energie bijvoorbeeld. Je verkoopt je data over je boodschappen, huiskamertemperatuur noem maar op aan de supermarkten.

Big data zullen Albert Heijn of wie dan ook heel interessant vinden

Van Spaandonk: “Je laat letterlijk in je keuken kijken. Die big data zullen Albert Heijn of wie dan ook heel interessant vinden.”

Net zoals je jouw data verkoopt aan diensten als Facebook. En het mooiste is wat Nelis betreft: de beleving. Denk dus niet alleen in termen van woonlasten. Door beter te wonen ga je misschien wel minder naar de dokter. Nelis denkt zelfs dat een sensor in het riool je gezondheid kan monitoren.

Betaalbaar wonen

Corporatieman Van den Berg Jeths hamert vooral op betaalbaar wonen. Hij zag voor de crisis de woningen steeds groter worden. “De beukmaat ging van 5,10 naar 5,40 naar 5,70 naar 6 meter. Ook de kostprijs is verhoogd. Omdat het kon. Dat is nu gestopt. De generatie na ons gaat het eerder slechter krijgen dan beter. De vraag naar betaalbaar wonen wordt manifester.” Vergelijk het met de prijsontwikkeling van de auto, zegt hij. Hoe kan het dat een auto sinds de jaren vijftig minder grote prijssprongen heeft gemaakt terwijl de auto als product alleen maar beter is geworden? Terwijl een huis is dezelfde tijd tien keer zo duur is geworden. “Dat hebben we als samenleving blijkbaar geaccepteerd.”

“De kunst is ook niet te denken in bestaande oplossingen, maar te kijken naar de nieuwe woonbehoeften en daarbij nieuwe verdienmodellen proberen te zoeken”, zegt Perica Savanović, programmamanager Integraal samenwerken bij SBRCURnet, die ook aan tafel is geschoven en de partijen helpt met innoveren. Het gaat niet alleen om goedkopere en betere woningen, benadrukt hij. “Het wonen op zichzelf verandert.” Denk out of the box.

De hamvraag: is dit wel het juiste gezelschap om de woonbehoeften en verdienmodellen van de toekomst boven tafel te krijgen? Instemmend geknik. Daarom willen ze ook dat partijen van buiten de bouw aanhaken. Nelis: “Dat moeten geen commerciële partijen zijn die producten willen verkopen.” Aan welke partijen denken ze dan? Homberg: ”Dat weten we nog niet.” Alles ligt nog open.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels