nieuws

Studentenhuisvesting kleiner en goedkoper

woningbouw

Studentenhuisvesting kleiner en goedkoper

Studentenhuisvesters gaan kleiner en goedkoper bouwen. Ook het bouwvolume zal afnemen. Dit zijn de verwachtingen van Kences, de koepel van twaalf woningcorporaties die zich toeleggen op studentenhuisvesting en die samen 75.000 wooneenheden bezitten.

De investeringsbudgetten van de studentenhuisvesters staan onder druk door de verplichte afdrachten aan het Rijk van onder meer vennootschapsbelasting en de verhuurdersheffing. Na 2022 daalt het aantal studenten en is minder woonruimte nodig.

Doordat er de afgelopen jaren flink is gebouwd, zal volgens Kences de kamernood afnemen. “Binnen enkele jaren wordt er niet meer gesproken over grote tekorten aan woonruimte,’’ denkt directeur Vincent Buitenhuis.

Studentensteden

Deze verwachting geldt niet voor alle studentensteden. De kamernood in Groningen zou vrijwel zijn verdwenen, maar Amsterdam heeft nog een achterstand weg te werken van 9000 eenheden. “Daar zit nog steeds investeringspotentieel. Maar in Enschede of Tilburg zou ik zeggen: even niet bouwen. Ook Nijmegen moet voorzichtig zijn.’’

De twaalf corporaties huisvesten ongeveer een kwart van alle uitwonende studenten, de rest huurt woonruimte bij particulieren. Dat kunnen individuele burgers zijn maar ook grote ondernemingen. Door het inzakken van de woningbouw richten meer particuliere investeerders zich op studentenhuisvesting. Hun gezamenlijke productie is onbekend.

De corporaties van Kences bouwen samen jaarlijks gemiddeld 2500 nieuwe wooneenheden. Daarmee is een bedrag gemoeid van ruim 160 miljoen euro. Dit tempo zullen de corporaties volgens Buitenhuis niet lang meer aanhouden.

“Ons voornemen om tot 2016 16.000 eenheden toe te voegen, zit er bijna op. Daarna verwacht ik dat we het kalmer aan gaan doen. De ontwikkeling op lange termijn beweegt zich van investeren naar beheren. Geen grote toevoegingen meer, maar aanpassingen aan de bestaande voorraad om te voldoen aan de eisen van de tijd.’’

Het blijft overigens lastig de toekomstige woonmarkt te voorspellen. Onzeker is welke invloed de afschaffing van de basisbeurs en de invoering van het leenstelsel per 2015 zullen hebben op het aantal uitwonende studenten.

Zou er door het leenstelsel niets veranderen, dan moet er tot 2022 nog voor 19.000 studenten woonruimte worden bijgebouwd. In het andere uiterste daalt het aantal uitwonenden met ruim 13.000.

Behalve economische omstandigheden hebben ook gedragsveranderingen invloed op de woonmarkt. De duizenden buitenlandse studenten die jaarlijks naar Nederland komen voor een kort verblijf, zoeken bij voorkeur gestoffeerde en gemeubileerde woongelegenheid.

Steeds meer Nederlandse studenten studeren deels in het buitenland en wonen voor hun bachelor en master vaak in verschillende steden. “Dat betekent dat er een andere, flexibele vraag naar woonruimte ontstaat waar wij op moeten inspelen,” aldus Vincent Buitenhuis.

Studentenhuisvesting

lDe 12 corporaties van Kences bezitten samen ruim 75.000 wooneenheden in heel Nederland. Kences huisvest zo’n 30 procent van alle studenten. Ongeveer 60 procent van de studenten woont bij een particuliere verhuurder of andere corporatie.lIn 2013 telden HBO en WO samen 688.000 studenten. Daarvan waren er 309.000 uitwonend. Het aantal studenten groeit volgens prognoses van het ministerie OC &W tot 2022 met 54.000. Van hen gaan er zo’n 34.000 uitwonen. Om deze groei op te vangen worden tot 2022 19000 extra wooneenheden gebouwd.lDe grootste groeisteden zijn Amsterdam (12.000 studenten erbij), Den Haag (4800) en Rotterdam (6000). Groei zal ook te zien zijn in Almere, Wageningen en Amersfoort.

Lees meer in het artikel: Beleggers dol op studentenwoningen

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels