blog

Land van kleine huisjes

woningbouw

Land van kleine huisjes

De opkomst van tiny houses in Nederland is niet alleen een hype. Er is meer aan de hand.

Willen we allemaal in “knotsen van woningen” wonen? Volgens bouwondernemer Dik Wessels niet. Woonconsumenten willen steeds minder vierkante meters. Een kentering, legde Wessels eind vorig jaar uit in het Cobouw50 Magazine.  

De grotere vraag naar minder woonoppervlak is niet alleen vanwege de betaalbaarheid. “Bij gezinnen werken man en vrouw vaak. Ze moeten de woning schoonhouden en de kinderen verzorgen. Dat kan ook wel op kleinere ruimtes”, denkt de Rijssenaar. In Duitsland is vraag naar kleine woningen al heel sterk. Vooral in de steden. “Klein wonen? De Duitser interesseert het helemaal niets.”

De Nederlander waarschijnlijk ook niet. Tot nu toe zijn het projectontwikkelaars en corporaties die met het Bouwbesluit in de hand bepaalden hoe groot en waar we wonen. Groter is beter – toch?

Arbeiderswoninkjes

Maar ook hier lijkt een verandering op til. Corporaties, die dachten dat ze de arbeiderswoninkjes van een eeuw geleden ontgroeid waren, zullen de komende jaren waarschijnlijk kleinere woningen moeten gaan bouwen. Door de invoering van “passend toewijzen” mogen ze grote woningen niet meer toewijzen aan de allerlaagste inkomens. Want een grote woning betekent vaak een hogere huur en daardoor een hogere huurtoeslag. De rekening hiervoor ligt bij minister Blok en die heeft daar geen trek meer in. Gevolg: of corporaties willen of niet, ze zullen kleiner gaan bouwen.

Beleggers en projectontwikkelaars zullen minder moeite hebben met kleinere woningen. Als er geld mee te verdienen valt en er is een vraag, komt er ook een aanbod. Al is luisteren naar de klant lang geen vanzelfsprekendheid geweest voor projectontwikkelaars. Ja, we zijn te paternalistisch geweest, erkende Bart van Breukelen, de pas aangetreden voorzitter van de projectontwikkelaarsvereniging Neprom vorige week. Hij wil dat burgers een stem krijgen in het inrichten van de woonwijken van de toekomst.

Enthousiasme

Met de democratisering van de woonconsument kunnen eindelijk woonwijken ontstaan die door bewoners bedacht zijn. Wijken gevuld met tiny houses bijvoorbeeld. Een beweging die uit Amerika is aan komen waaien en begint aan te slaan. De eerste tiny house-wijk lijkt vrij baan te krijgen in Almere. Ook in Bergen, Alkmaar en Hoorn is er enthousiasme.

Tiny houses zijn kleine, zelfvoorzienende huisjes op trailers. Vaak met duurzame materialen gebouwd en helemaal off grid, dus zonder aansluiting met nutsbedrijven. Met een ander slag bewoners, die tot doel hebben: life simplification, een kleinere footprint en vrijheid.

De populariteit van de tiny houses wordt in de Verenigde Staten en Nederland ook verklaard door het financiële plaatje. Het huisje kost rond de 30.000 a 40.000 euro. Dat is te overzien. Beter dan een groot rijtjeshuis waar je meestal minstens 250.000 euro voor neerlegt. De financiële crisis heeft mensen allergisch gemaakt voor grote schulden. Ontspullen, deeleconomie en back to basics zijn trends die een groeiende groep aan zal spreken in een land dat steeds meer uit eenpersoonshuishoudens bestaat.

Micro-woningen

In de grote steden is de explosieve groei van het aantal tiny houses al zichtbaar, alleen noemen we ze niet zo. We noemen het studentenwoningen, Young Adult apartments, studio’s, hat-eenheden of micro-woningen. Beleggers begrijpen de trend en lusten er pap van. Verschil is wel dat de micro-appartementen, anders dan de tiny houses, duurzaamheid niet hoog in het vaandel hebben staan.

Zijn de tiny houses en micro-huizen de toekomst? Voor een deel van de woningmarkt wel. Ze bieden flexibiliteit bij een arbeidsmarkt die steeds flexibeler wordt. Een ander voordeel: met kleine huizen gaan we zuiniger om met de steeds schaarser wordende ruimte in Nederland.

Tiny House: minder woonoppervlakteDe komende jaren is de vraag naar woningen enorm. Welke huizen gaan we bouwen en waar gaan we dat doen, is de vraag. Het zou mooi zijn als er meer experimenteerruimte komt voor nieuwe woonmilieus, waar de bewoners aan de knoppen draaien. De ene keer kan dat een tiny huis-wijk worden, de andere keer een ander soort woonbuurt.

Experiment

Gemeenten en corporaties kunnen het zien als een experiment, met Almere als voorbeeld. Ga experimenteren, adviseerde de parlementaire enquêtecommissie woningcorporaties eind 2014 ook al.

Corporaties hebben 2.700 hectare grond zonder bouwbestemming in bezit. Dat zou toch genoeg moeten zijn?

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels