artikel

’34 duizend nieuwe corporatiewoningen!? Echt niet!’

woningbouw 244

’34 duizend nieuwe corporatiewoningen!? Echt niet!’

In april maakten de woningcorporaties hun ambities voor de komende kabinetsperiode bekend. Blijkbaar is er behoefte om weer wat luider van zich te laten spreken en heeft de corporatiekoepel Aedes de Woonagenda 2017-2021 opgesteld. De ambitie om dubbel zoveel nieuwe sociale huurwoningen te gaan bouwen als in 2015 moet volgens ons worden genuanceerd.

Op de eerste plaats vindt de verdubbeling van 17 duizend naar 34 duizend pas plaats aan het eind van de komende kabinetsperiode, in 2021. Ten tweede moeten volgens Aedes de gemeenten daarvoor voldoende bouwlocaties beschikbaar stellen om dit mogelijk te maken. Het lijkt erop dat Aedes zich bij voorbaat indekt voor het niet halen van deze doelstelling. En dat is jammer, want er moet meer gebouwd worden (niet alleen door woningcorporaties) om de druk op de woningmarkt terug te brengen naar een aanvaardbaar niveau.

Woningbouwprognoses

De door Aedes genoemde aantallen nieuwbouwwoningen en het klakkeloos overnemen daarvan door de pers, brengen ons op een ander punt in de discussie over de Nederlandse woningbouw: hoeveel woningen zullen er de komende jaren gebouwd worden? De prognoses ervoor lopen erg uiteen en de laatste jaren kon niet vastgesteld worden hoeveel nieuwbouwwoningen er daadwerkelijk gerealiseerd zijn binnen de verschillende segmenten (koop, huur en sociale huur).

Aedes draagt met het noemen van de aantallen nieuwe sociale huurwoningen niet bij aan meer duidelijkheid op dit vlak. In verhouding tot de vergunningverlening voor nieuw te bouwen woningen (van het CBS; die zijn uit te splitsen naar opdrachtgever) lijken ze aan de hoge kant. In 2014 telde het CBS vergunningen voor iets meer dan 7 duizend nieuw te bouwen zelfstandige corporatiewoningen (huur én koop). Op basis daarvan hebben de corporaties in 2015 natuurlijk geen 17 duizend nieuwe woningen kunnen realiseren. Het zijn er waarschijnlijk hooguit zevenduizend geweest.

Waar haalt Aedes dan die extra 10 duizend woningen vandaan?

Planningsoptimisme

In het rapport Volkshuisvestelijke voornemens woningcorporaties 2016-2020 dat in opdracht van minister Blok werd opgesteld en vorig jaar verscheen, wordt verslag gedaan van het gerealiseerde aantal nieuwe huurwoongelegenheden. Dat waren er in 2015 inderdaad 17 duizend. Hieronder vallen niet alleen nieuwe zelfstandige woningen, maar ook de onzelfstandige wooneenheden in bijvoorbeeld studentenhuizen, zorginstellingen, woonschepen, woonwagens, kindertehuizen en jeugdinternaten.

In het rapport wordt bovendien gekeken naar de voorgenomen nieuwbouw tot en met 2020. Het blijkt dat op basis van de opgave van de corporaties zelf (eind 2015), de nieuwbouw van huurwoongelegenheden in 2016 en 2017 zou stijgen naar circa 26 duizend om daarna af te nemen tot een niveau van nog geen 15 duizend in 2020. Uit dit rapport blijkt ook dat de realisaties achterblijven bij de voornemens van het jaar ervoor. Dit wordt in het rapport geweten aan “planningsoptimisme”.

Ondertussen is de vergunningverlening voor nieuw te bouwen corporatiewoningen volgens het CBS na een opleving in 2015, gedaald tot een niveau van 5,3 duizend woningen in 2016 (inclusief 861 koopwoningen). Als ze niet veel meer onzelfstandige wooneenheden zijn gaan realiseren, zijn de corporaties eind 2015 dus weer te optimistisch geweest.

Realistisch

Het is goed om doelstellingen te formuleren voor de toekomst, maar hoe realistisch is deze Aedesdoelstelling als er rapporten liggen waaruit keer op keer blijkt dat corporaties hun nieuwbouwdoelstellingen niet waarmaken en in de toekomst alleen maar minder nieuw willen gaan bouwen?

Bovendien zijn de voorgenomen 34 duizend nieuwe woongelegenheden per jaar tegen 2021 er maar iets meer dan de sector er tot 2012 jaarlijks produceerde.

Uiteindelijk is de woningbouwsector als geheel vooral gebaat bij het formuleren van realistische doelstellingen en prognoses. En dat er daarbij geen appels met peren worden vergeleken.

Dat zouden Aedes en de landelijke media die over de woningcorporaties schrijven beter moeten beseffen. 



Michel van Eekert en Rolf Dankers zijn adviseurs bij marktonderzoeksbureau Buildsight.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels