artikel

‘Woonsuccessen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst’

woningbouw 93

‘Woonsuccessen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst’

Het is een gekkenhuis op de woningmarkt. De markt in de Randstad, Noord-Brabant en Gelderland explodeert. Er wordt met angstvisioenen over vele woningzoekenden die in de kou staan zelfs al gesproken over de nieuwe woningnood. 

De bouwsector en –lobby staat te popelen om de bouwproductie flink op te voeren en kijkt ‘reikhalzend’ uit naar het snel en gemakkelijk bebouwen van de ‘toch niet zo mooie’ weilanden om de steden. Tegelijkertijd neemt de (verborgen) leegstand van kantoren, winkels, bedrijfsruimte, zorg, onderwijs en maatschappelijk vastgoed op veel plekken alleen maar toe. Een nuchter mens zou denken dat ‘als je een beetje je best doet’ de op drift geraakte woningmarkt een groot deel van deze leegstand op kan lossen. 

Een nieuw Vinex plan? 

Friso de Zeeuw vraagt terecht om te voldoen aan de vraag naar zeker 500.000 woningen. Het is logisch dat hij een relatie legt met de onterecht en onnodig bekritiseerde Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra (Vinex). De Vinexwijken losten eind jaren tachtig van de vorige eeuw de vraag naar honderduizenden woningen op en bewoners wonen hier prettig en tevreden; een succesverhaal dus. Vergeten wordt dat toen al 30 procent van alle Vinex woningen binnenstedelijk is gerealiseerd.  

Transformatie is lastig 

De Zeeuw gaat mee met een almaar terugtrekkende Rijksoverheid. Niet het Rijk, maar gemeenten en provincies moeten met een soort mini-Vinex-klimaatbestendig plan op de proppen komen. Vooral die laatste woorden komen nogal obligaat over. Ze gaan niet verder dan ‘transformatie is lastig en duur’. De term leegstand valt niet en over de directe betrokkenheid van de gebruikers van de ruimte lezen we niets. 

Het terugtrekkende Rijk moet trouwens nog wel even de portemonnee trekken om de o zo dure, complexe en tijdrovende transformatie van leegstaande gebouwen een impuls te geven. Dit betekent dus gewoon dat een ruimtelijke visie van het Rijk noodzakelijk is. Dat hoort ook bij een klein land als Nederland, waar ruimte schaars is en de ruimteclaims mede door de klimaatopgave en energietransitie groot zijn.       

Transformatiefonds 

Het is pure winst dat een belangrijke spreekbuis van de bouw erkent dat transformatie een substantiële bijdrage levert aan de woningvraag. Een duurzame visie op wonen en werken is broodnodig. Pleitbezorgers voor transformatie en herbestemming zullen erkennen dat een deel moet plaatsvinden buiten de bebouwde kom, dus ‘in het weiland’. Het is de uitdaging deze opbrengsten te laten stromen naar een fonds dat transformatie kan versnellen. Het aantal lege gebouwen en gebieden dat schreeuwt om nieuwe functies blijft toenemen en steden zijn in trek bij veel woningzoekenden. 

Vorm een fonds Stedelijke Vernieuwing

Een groot deel van de woningvraag betreft eenpersoonshuishoudens en immigranten, die graag in een (hoog)stedelijk niveau wonen. Onder meer Amsterdam, Den Haag en Eindhoven laten zien dat je ‘gewoon’ de vraag naar tienduizenden woningen in de bestaande stad kan faciliteren. De vorming van een fonds stedelijke vernieuwing zou welkom zijn. De oproep vanuit VNO-NCW, MKB Nederland en LTO Nederland in hun manifest ‘Laat steden weer bruisen’ voor een transformatiefonds is wat dat betreft goed getimed.   

Tekst gaat verder onder de video >

 

Duurzame gebiedsvisies 

We weten maar al te goed dat woonsuccessen uit het verleden geen garantie zijn voor de toekomst. Het pleidooi voor een nieuwe Vinex negeert deze lessen. Wel moeten er regionale duurzame gebiedsvisies (met aandacht voor aanpak leegstand en invulling klimaatopgave) komen. Dit is inclusief een door private en publieke partijen gefinancieerd stedelijk duurzaam vernieuwingsfonds, waar het Rijk ook aan bijdraagt. Regionale verschillen vragen om een andere aanpak en gemeenten en provincies kunnen dat beter dan het Rijk. 

Experimenten stimuleren

Opgeteld zullen deze visies een omvang hebben vergelijkbaar met de woningbouwproductie van de Vinex. Een mooie taak voor het Rijk om dit te monitoren en experimenten te stimuleren. Uiteindelijk moet de ambitie zijn om 70 procent binnenstedelijk te bouwen en 30 procent in de wei, als onderdeel van de bredere kijk op wonen, werken en klimaat in de Nederlandse delta.  

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels