artikel

Kwaliteit van leven meer dan alleen inkomen

woningbouw

Kwaliteit van leven meer dan alleen inkomen

We kennen ze wel, wat oudere buurten met eentonige rijen sociale huurwoningen in één bouwstroom neergezet. Bewoners hebben doorgaans geen al te hoog inkomen. Mocht dat wel zo zijn, dan krijg je het predicaat ‘scheefwoner’. En dat klinkt een beetje alsof je in overtreding bent.

Bewoners van zulke buurten hebben min of meer tegelijkertijd als jong gezin hun woningen betrokken. Nu worden ze samen met hun woningen oud. Ook hun inkomens lijken op elkaar. Mocht iemand een beetje meer verdienen dan de grenswaarde van 34.911 euro, dan wordt hij of zij volgens de inkomensregels een ‘scheefwoner’, een soort paria die dient te verhuizen want de woning is bedoeld voor een huurder met minder pecunia.

Vanuit het perspectief van een rechtvaardige toedeling van een schaarse woning is zo’n standpunt eventueel te begrijpen, maar vanuit een buurtperspectief is dat toch niet zo eenduidig sociaal. De nieuwe publicatie van CBS, ‘Kwaliteit van leven’, maakt in één klap duidelijk dat scheefwoners in sociaal homogene huurbuurten juist kunnen bijdragen aan het op peil houden van de kwaliteit van leven in de buurt .

 

 

Als het om kwaliteit van leven gaat, blijken huurders er gemiddeld genomen opvallend slechter voor te staan dan kopers. Die ‘kwaliteit’ is in CBS-termen een optelsom van financiële middelen, ervaren gezondheid en tevredenheid. Niet meer dan 16 procent van de huurders blijkt een hoge kwaliteit van leven te scoren in de zin van grote financiële welvaart in combinatie met groot welzijn (is tevreden en vindt zichzelf gezond). Acht procent van de huurders heeft overigens wel genoeg geld, maar weinig welzijn want ze zijn ontevreden en ongezond. Al met al heeft 48 procent van de huurders een lage score op welzijn.

Prettiger

Kopers leven prettiger. Van hen heeft 72 procent een groot welzijn en de meesten zijn ook nog eens welvarend. Statistisch een schril contrast in termen van kwaliteit van leven. Dat zal merkbaar zijn in de sfeer in een buurt die wordt gedomineerd door huur- of koopwoningen.

Tegengaan van scheefwonen richt zich dan wel op een meetbaar criterium als inkomen, het raakt indirect dus ook de samenstelling van bewoners als het gaat om tevredenheid of gezondheid, zeker in een buurt met overwegend sociale huurwoningen. Zodra degenen met veel welvaart (één op de vier) worden aangezet om te verhuizen, worden ze eerder opgevolgd door huurders met weinig welvaart en die hebben ook vaak lagere scores op gezondheid of tevredenheid. Met ander woorden: het tegengaan van inkomensscheefheid versterkt de concentratie van ongezonde en ontevreden bewoners. Juist degenen met de betere gezondheid en tevredenheid verdwijnen uit de buurt. Of dat nou de bedoeling is?

Mixbeleid, het mengen van koop en huur wordt nogal eens als remedie gehanteerd om te voorkomen dat bevolkingsgroepen langs elkaar heen leven. Op zich zou dat dus de concentratie van ongezond en ontevreden kunnen voorkomen, maar dan moeten koop en huur wel dezelfde welvaartsgroep betreffen.

Snel vertrekken

Onderzoek van de Universiteit van Amsterdam naar verhuiskansen en welvaart laat namelijk zien dat bewoners van wie het eigen inkomen afwijkt van het modale buurtinkomen, de neiging hebben snel te vertrekken. Ze verhuizen dan naar een buurt die qua inkomen beter aansluit. Daardoor wordt de buurt weer eenzijdiger qua inkomen en waarschijnlijk ook als het om de sfeer of kwaliteit van leven gaat.

Kortom, het is niet gemakkelijk om ongelijkheid in kwaliteit van leven op buurtniveau weg te werken. Misschien is het wel bijzonder sociaal als welvarende huurders gewoon kunnen blijven wonen in hun sociale huurwoning waar ze qua inkomen niet thuis zouden horen? Dan houden ze immers de tevredenheid in de buurt op peil.

Jan Latten, hoogleraar sociale demografie, CBS hoofddemograaf

Reageren op dit artikel? Dat kan via redactie@cobouw.nl of via Twitter op @JanLatten

 De publicatie ‘Kwaliteit van leven’ vind u hier

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels