nieuws

De ‘ziekenhuisbroeders’ stoppen ermee; het Amphia was hun laatste klus

utiliteitsbouw 3630

De ‘ziekenhuisbroeders’ stoppen ermee; het Amphia was hun laatste klus

Zo’n twintig bouwprojecten leidden projectdirecteur Frank Brekelmans en bouwplaatsmanager Toon Coenen samen, waarvan de laatste jaren alleen maar ziekenhuizen. Het nieuwe Amphia in Breda is hun laatste ziekenhuis en tegelijkertijd de afsluiting van hun loopbaan. “Het succes van een project heeft alles te maken met mensen.”

“Zou het niet aardig zijn om Toon Coenen er ook bij te betrekken?”, oppert Frank Brekelmans, net voor aanvang van het gesprek met Cobouw. De afspraak is eigenlijk alleen met hem gemaakt. De voorzichtige tegenwerping dat Coenen maar net tijd moet hebben, wijst Brekelmans vriendelijk maar resoluut van de hand. Het scenario voor een dubbelinterview hebben de twee Brabanders immers allang besproken en geregeld. En zo schuift kort daarna ook Coenen aan. Het is tekenend voor de verstandhouding tussen beide collega’s die sinds begin jaren negentig vanuit verschillende bouwbedrijven en -combinaties gezamenlijk meer dan twintig bouwprojecten aanstuurden. Coenen: “Aan een half woord van elkaar hebben we genoeg. Ik weet dat ik ondersteund word.” Brekelmans beaamt dat. “In veel gevallen vragen we elkaar niks. Ik weet hoe hij de zaken regelt.” In al die tijd is het nooit tot echte meningsverschillen gekomen.

In de afgelopen twaalf jaar bouwden ze samen vier ziekenhuizen en Brekelmans zelfs vijf omdat hij er tussen 2010 en 2013 twee tegelijkertijd deed. Voor Coenen leek zijn loopbaan aanvankelijk een hele andere richting op te gaan. Hij begon als calculator. Zo’n kantoorfunctie beviel hem echter maar matig. “Ik kwam er al snel achter dat ik naar buiten moest omdat het werk niet in mijn aard lag, maar dat heb ik echt af moeten dwingen. Bij de calculatie wilden ze me niet kwijt.”

Problemen oplossen en niet wegschuiven

Een paar weken voor de sleuteloverdracht van het Amphia maken de twee een ontspannen indruk. Als alles goed verloopt, hoef je geen stress te hebben, menen ze. “Maar denk niet dat we nooit problemen hebben. Die hebben we elke dag, maar als je kort op de planning zit heb je tijd om die problemen van de dag aan te pakken en daardoor worden ze minder groot”, zegt Brekelmans. Coenen: “Maar ook echt oplossen, dus niet wegschuiven.”

Na de bouwkundige oplevering op 4 juni gaan Coenen en Brekelmans met pensioen, Coenen per 1 september en Brekelmans waarschijnlijk een paar weken later, met oog op de laatste afwerkpuntjes. Bouwcombinatie Four Care, die eind vorig jaar ook het contract voor de nieuwbouw van het Radboudumc binnenhaalde, heeft beiden nog wel gevraagd voor dit Nijmeegse ziekenhuis, maar beiden vinden het mooi geweest.

Ziekenhuisbouw was toeval

Maar zeg nooit ‘nooit’. Brekelmans besloot in 2016 al om een punt achter zijn loopbaan te zetten na de voltooiing van het nieuwe Reinier de Graaf Ziekenhuis in Delft. De grote afstand vanuit zijn woonplaats naar de bouwlocatie was hem net als Coenen zwaar gevallen. Uiteindelijk was het afscheid van korte duur. Zijn pensioen duurde welgeteld een maand, want hij had zich laten verleiden om de projectdirectie van de nieuwbouw van het Amphia op zich te nemen voor Trebbe en Van Wijnen, de twee bouwkundige aannemers binnen het consortium Four Care. Daarbij stelde hij wel de voorwaarde dat hij zelf een ploeg kon formeren en dat hij niet meer dan drie dagen per week beschikbaar was. Coenen werd wederom bouwplaatsmanager. Die laatste laat zich ontvallen dat Nijmegen voor hem wel mooi dichtbij huis is.

Dat Coenen en Brekelmans de ziekenhuisbouw inrolden, was toeval. Hun projecten waren in omvang steeds gegroeid en Jeroen Bosch – het eerste en meteen ook de grootste ziekenhuis in de reeks – was met 170.000 m2 (inclusief parkeergarage en renovatie beddenhuis) een forse maat groter dan hun voorlaatste project: het nieuwe Huygensgebouw, het nieuwe onderkomen van de bèta-faculteit van de Radboud Universiteit in Nijmegen van 48.000 m2 en een bouwsom van zo’n 48 miljoen euro.

Lijst met mogelijke fouten wilden de ziekenhuisbouwers niet horen

Brekelmans: “We wisten niet wat ziekenhuisbouw inhield en dat was maar goed ook. Zo keken we er nuchter naar. We kwamen allemaal nevenaannemers tegen die met een hele lijst kwamen wat er mogelijk allemaal fout kon gaan, maar dat wilden we niet horen.” Ze verdiepten zich wel in specifieke ziekenhuisgebonden ruimtes en installaties. Ook toeval was dat Brekelmans ruim dertig jaar eerder als stagiair betrokken was bij de nieuwbouw van het Carolus, een van de ziekenhuizen die opgegaan is in het Jeroen Bosch. “In mijn carrière heb ik de nieuwbouw en de sloop meegemaakt. Dat is dus ongeveer de levensduur van een ziekenhuis.”

Toen hun toenmalige werkgever BAM bij de aanbesteding achter het net viste, belde Hurks van der Linden, een van de partners uit de winnende bouwcombinatie Jeroen Bosch, met de vraag of ze het project op zich wilden nemen. Ze besloten om over te stappen om de uitdaging aan te gaan op een bouwlocatie, die voor Brekelmans bijna om de hoek lag. Goed nadenken over de aanpak, een strakke planning en zelf de organisatievorm bepalen en de invulling van de voornaamste functies zijn volgens Brekelmans leidend voor het welslagen van het project. Die aanpak bleven beiden trouw, ongeacht de verschillende contractvormen. “Het succes van een project heeft alles te maken met mensen. Alleen kun je niks. Je moet zorgen dat je goede mensen bij elkaar hebt, die bij elkaar passen.”

We wilden dat mensen met plezier naar hun werk gingen

Om zo’n ploeg samen te stellen hielden ze sollicitatiegesprekken met de kandidaten voor de voornaamste bouwkundige functies die de bouwcombinatie voordroeg. Eerst bij het Jeroen Bosch en daarna ook bij de andere ziekenhuizen. Ongebruikelijk, maar wel essentieel voor een goede samenwerking en een succesvol project, meent Brekelmans. “Als je dat niet doet, kom je jezelf tegen. Dertig procent viel af. Ze pasten niet in de organisatie, ze vonden dat we te hoge eisen stelden of dat een functie niet bij hen paste. Maar het enige wat wij wilden is dat die mensen drie jaar lang met plezier naar hun werk kwamen.”

In de uitvoering ontwikkelde zich de cultuur Brekelmans – Coenen of net andersom: duidelijk, herkenbaar en soms te streng, vinden criticasters. Coenen heeft wat gemengde gevoelens over de berichtgeving over de landelijke Bewust Veiligdag, die vorig jaar op de bouwplaats van het Amphia Ziekenhuis werd gehouden. Tijdens de persrondleiding kwamen de rode kaarten ter sprake die hij uitdeelde aan bouwvakkers die zich herhaaldelijk niet aan de veiligheidsregels hielden en dat verhaal haalde vele media. Van Coenen had dat niet zo nadrukkelijk benoemd hoeven worden, maar het strookt wel met zijn werkwijze. “Je maakt afspraken en daar houd je mensen aan. Als je het vertrouwen blijft beschamen, dan houdt het op. Zeker als het om veiligheid gaat. Maar het is ook weer niet zo dat ik de uitsmijter ben.”

Brekelmans: “Toon heeft een uitgesproken mening en een daadkracht om zijn werk buiten uit te voeren. Hij hanteert heldere lijnen en is keihard in het bewaken van zijn planning. Dat wordt weleens als streng ervaren, maar hij manipuleert niet. Onderaannemers moesten er aan wennen, maar daardoor hebben ze wel hun werk kunnen doen.”

Bouw eerst een proefverpleegkamer, leerden ze

Bij het Jeroen Bosch Ziekenhuis maakten Coenen en Brekelmans zich het bouwen van een ziekenhuis eigen. Hun ervaringen perfectioneerden ze weer bij de projecten die volgden. Bouw eerst een proefverpleegkamer, leerden ze. Dat vergemakkelijkt de vervolgplanning en geeft de opdrachtgever de mogelijkheid om de laatste aanpassingen te doen. Plaats waar mogelijk al zo veel mogelijk installaties in de ruwbouw om wat meer rust en tijdwinst te creëren in planning van de afbouw van de beddenhuizen en de ziekenhuisgebonden installaties. Splits de bouw op in behapbare stukken en zorg ervoor dat je de vele tussentijdse wijzigingen in het ontwerp – omdat ziekenhuizen hun medische apparatuur liefst zo laat mogelijk inkopen – goed weet te managen.

Alle ziekenhuizen hadden wel iets bijzonders. “Bij het Jeroen Bosch was de oplevering drie maanden eerder dan de planning. De opdrachtgever ging mee in de flow en ging eerder beslissingen nemen om de trein van de uitvoering niet te stoppen.” Bernhoven  in Uden sprong er weer op een andere manier uit. “Dat is volledig op basis van vertrouwen gemaakt, zonder toezichthouders vanuit de opdrachtgever. Binnen de samenwerking is dat het meest optimale geweest.”

Na het inhuren van de aannemer begint de angstcultuur

Hoe het gebouw eruit ziet telt niet heel zwaar voor Brekelmans. “Uiteindelijk worden we ingehuurd om een gebouw overeind te trekken waar de opdrachtgever jaren over gedacht heeft. En dan hoopt hij dat je dat op tijd doet, binnen de kwaliteit en binnen het budget. Na het inhuren van de aannemer begint de angstcultuur in ons land. Dat hebben wij altijd kunnen voorkomen.”

Een goede relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer is bepalend voor het welslagen van een project, weten Coenen en Brekelmans. “Bouwen is niks anders dan een samenwerkingsproces tussen mensen. Niet meer en niet minder.”

Toon Coenen (1955, Oeffelt)

Opleiding: lts, mts
Werkgevers/opdrachtgevers: J.P.A. Nelissen (begonnen in 1976), Nelissen Van
Egteren, BAM, Hurks van der Linden, Hurks en bouwpartners Van Wijnen en Trebbe, die samen met Engie en Unica deel uitmaken van de combinatie Four Care
Functies: calculator, uitvoerder, hoofduitvoerder en bouwplaatsmanager
Gerealiseerde ziekenhuizen: Jeroen Bosch in Den Bosch (2007 – 2010); Bernhoven in Uden (2010 – 2012); Reinier de Graaf in Delft (2012 – 2015); Amphia in Breda (2016 – 2019)

Frank Brekelmans (1954, Engelen)

Opleiding: lts, mts en hts
Werkgevers/opdrachtgevers: J.P.A. Nelissen (begonnen in 1977), Nelissen Van
Egteren, BAM, Hurks van der Linden, Hurks en bouwpartners Van Wijnen en Trebbe, die samen met Engie en Unica deel uitmaken van de combinatie Four Care
Functies: werkvoorbereider, uitvoerder, projectleider en projectdirecteur
Gerealiseerde ziekenhuizen: Jeroen Bosch in Den Bosch (2007 – 2010); Bernhoven in Uden (2010 – 2012); St. Antonius in Utrecht Leidsche Rijn (2010 – 2013); Reinier de Graaf in Delft (2012 – 2015); Amphia in Breda (2016 – 2019)

Reageer op dit artikel