nieuws

Stoeien met slib bij intrigerende praktijkproef op Marker Wadden

infra 886

Stoeien met slib bij intrigerende praktijkproef op Marker Wadden

In drie grote bassins op de Marker Wadden kijken onderzoekers hoe bodemvorming door slibneerslag precies verloopt. Dat moet ideeën opleveren om in de toekomst efficiënter natte natuurgebieden aan te leggen.

De pomp die de bassins vult met slib is vorige week aangezet en zal vermoedelijk nog zo’n twee weken draaien. Dan moeten de drie bassins,  die in totaal een oppervlak van 10 hectare beslaan, zijn gevuld en begint het slib te consolideren. De draagkracht van de bodem zal daardoor geleidelijk toenemen.

Het bassin dat het dichtst bij het inlaatpunt ligt zal met de grofste deeltjes zijn gevuld,  in het bassins het verst daar vandaan zal een dunnere laag zijn afgezet die is opgebouwd uit vooral kleinere slibdeeltjes. Maar als projectleider Thijs van Kessel van Deltares ziet hoe het vullen tot nu toe verloopt sluit hij echter ook niet uit dat het inlaatpunt een keer verlegd moet worden. Er stroomt tot nu toe nog  te weinig materiaal door naar het derde bassin.

Ingreep kan korrelverdeling overhoop gooien

Zo’n ingreep zou het beeld van de laagdikte en korrelgrootteverdeling in de bassins flink overhoop gooien. Maar dat soort verrassingen horen volgens de projectleider bij praktijk onderzoek. Op gezette tijden zullen medewerkers van Deltares komende drie jaar kernen steken en vochtgehalte, korrelgrootte, consistentie en andere parameters bepalen.

Speciale aandacht is er volgens Van Kessel voor korstvorming. Als de toplaag van het slib boven water komt te staan verdampt daar het water uit en treden allerlei fysische, chemische en biologische processen op, waardoor een droge korst ontstaat. De bassins zullen bovendien worden ingezaaid met onder andere riet, wat dat proces vermoedelijk versnelt.

Misschien blijkt wel dat aanleg van nieuwe natuur twee keer zo snel kan

Het slibexperiment richt zich nadrukkelijk op de vorming van natte natuurgebieden. Er zijn diverse plannen in en buiten Nederland voor vergelijkbare projecten als de Marker Wadden, dus het is volgens Van Kessel zinvol om te kijken of de aanleg misschien efficiënter kan. “Boskalis laat de pomp voor dit experiment in principe een maand draaien, maar als het ook in de helft van de tijd kan, is dat natuurlijk prettig. Dat kan de haalbaarheid van de aanleg van nieuwe plasdras natuurgebieden vergroten.”

Het inzetten van gerijpt slib voor drogere toepassingen of ophoogmateriaal is volgens de Deltares onderzoeker geen doel van de proef. Daarvoor loopt een experiment bij Delfzijl waar Ecoshape, een breed samenwerkingsverband van waterbouwers, een pilot uitvoert met een zogeheten kleirijperij. Daarin proberen ze het slib te laten rijpen tot steekvaste klei. Die moet zo consistent zijn dat hij bijvoorbeeld kan worden ingezet voor dijkverzwaringen.

Het slibexperiment op de Marker Wadden heeft dus een andere insteek. Het wordt uitgevoerd door het Kennis- en Innovatieprogramma Marker Wadden, KIMA, dat is opgetuigd door Rijkswaterstaat, Deltares, EcoShape en Natuurmonumenten. De proefbassins worden na afloop opgenomen in het nieuwe waddengebied, dat bescherming moet bieden aan de Houtribdijk, de waterkwaliteit van het Markeermeer moet verbeteren en een waardevol natuurgebied moet opleveren.

Reageer op dit artikel