nieuws

Met een taps stapelblok kun je zomaar hele tunnels bouwen

infra Premium 1714

Met een taps stapelblok kun je zomaar hele tunnels bouwen

Door ze taps uit te voeren, en een speciale sluitsteen te maken wist IJsselbeton een tunnel op te bouwen uit de standaard stapelblokken. Wapening of voegmortel zijn niet nodig, dus alles is opnieuw te gebruiken

De eerste tunnel is gebouwd op een motorcross-circuit in Hellendoorn. Zaterdag vindt de officiële opening plaats. De tunnel is geconstrueerd volgens het principe van de drukboog en de stenen houden zichzelf op hun plek zonder voegmortel, wapeningsstaven of wat dan ook. Bedrijfsleider Paul de Kinkelder van IJsselbeton: “De Romeinen wisten al hoe sterk een drukboog is. Niet voor niets staan heel wat van hun bouwwerken na tweeduizend jaar nog steeds overeind.”

De 80 centimeter brede blokken leveren misschien niet de slankste bouwwerken op, maar de materialen zijn wel compleet herbruikbaar zodra de tunnel niet meer nodig is. In dat opzicht is de blokkentunnel volgens De Kinkelder een heel circulaire oplossing.

De tunnel in Hellendoorn is 24 meter lang, 3 meter breed en 3,35 meter hoog. Hij loopt door een springheuvel van cross-circuit de Koetree. De onderste  twee lagen bestaan uit standaard stapelblokken, daar bovenop zijn vier lagen tapsblokken geplaatst in halfsteensverband, met een sluitsteen bovenin. De sluitsteen heeft geen nokken, maar sleuven aan beide zijden, zodat hij van bovenaf in de boog kan worden geschoven.

Eerst een bult zand neergelegd

Hoe simpel het constructieprincipe van de drukboog ook is, hij werkt pas op het moment dat de sluitsteen op zijn plek zit en de boog compleet gesloten.  Voor de bouwfase zijn vaak complexe ondersteuningsconstructies nodig. IJsselbeton en de vrijwilligers van motorclub MCNH hadden daarvoor een heel simpele oplossing bedacht.  Volgens De Kinkelder zijn ze te werk gegaan als een soort stratenmakers en hebben eerst een bult zand neergelegd waar ze de blokken op hebben gelegd. “Toen de boog gesloten was hebben ze het zand eronder weggehaald en bovenop gelegd zodat de springheuvel ontstond waar ze behoefte aan hadden. Met een bescheiden kraan en een clubje handige vrijwilligers was de klus in één dag geklaard. Met kogelkopankers en kettingen konden de in metselverband geplaatste stenen precies onder de juiste hoek worden geplaatst.”

Behalve dat een deel van de stenen taps is uitgevoerd is er volgens De Kinkelder gewerkt met standaard stapelblokken, zoals die overal op bouwplaatsen, boerderijen, bij grondstoffenleveranciers en andere bedrijven worden toegepast. Meestal om grond te keren, granulaten, veevoer of wat dan ook. De blokken worden geleverd door verschillende fabrikanten onder namen als Megablocks, Legioblocks, IJsselbetonblokken of andere. Ze zijn allemaal compatibel en passen precies op elkaar. De maat is  1,60 bij 0,8 bij 0,8 meter en de nokken en kassen hebben altijd identieke afmetingen. Voor één blok is precies één kuub mortel nodig. De meeste fabrikanten bestellen hun mallen bij dezelfde producent: Betonblock.

Oorspronkelijk vooral een slimme oplossing voor restbeton

De blokken werden aanvankelijk gemaakt van restbeton, mortel die de betonfabrieken over hadden aan het eind van de dag of na een grote klus. Naarmate het stapelblok meer toepassing vond zetten producenten er een speciale productielijn voor op. In het Gelderse De Steeg produceert IJsselbeton er nu zo’n stuk of honderd per dag. Het bedrijf werkt met wat De Kinkelder noemt, een budgetvariant van zelfverdichtend beton. Er hoeft dus niet getrild te worden na het storten.

De Kinkelder loopt al een paar jaar rond met het idee voor de blokkentunnel, nadat hij zag dat een Canadese fabrikant iets soortgelijks probeerde. Drie jaar terug bestelde hij al twee mallen waarmee hij aan het experimenteren sloeg: één voor een tapsblok en één voor de sluitsteen.  Op het eigen terrein in De Steeg zette hij afgelopen jaren al een paar boogconstructies neer. De tunnel in Hellendoorn is de eerste echte opdracht. Als het idee aanslaat is hij van plan bij Hendriks een geavanceerdere mal te bestellen met twee schalen die hydraulisch gelost kan worden. Daarmee kan hij een hogere productie draaien.

De Kinkelder weet ook wel dat de blokkentunnel niet dè oplossing is voor alles. Werken onder de grondwaterspiegel zal bijvoorbeeld lastig zijn. “Maar voor fiets- of voetgangers tunnels door een grondlichaam is het een slimme en voordelige oplossing. Met een zeil tussen de blokken en de grondaanvulling laat de constructie bovendien geen regenwater door.”

Reageer op dit artikel