nieuws

Bruggenproblematiek schreeuwt om bestuurlijk breekijzer

infra 3205

Bruggenproblematiek schreeuwt om bestuurlijk breekijzer

Systematische aanpak van de verouderde bruggen stuit op weglopende kennis, versnipperd eigendom en voorzichtige ingenieurs die de neiging hebben alles te overdimensioneren. Misschien is het wel tijd voor een landelijke bruggencommissaris, die voortvarend door alle bestuurlijke lagen weet te breken.

Dat stelt Danny Boer van Spie Nederland. Hij is dagelijks in de weer met de renovatie van vooral stalen bruggen en zit onder andere ook in een normcommissie die een modulaire en flexibele aanpak van bruggenbouw bepleit. Dat moet in de toekomst veel gemakkelijker reparaties en renovaties mogelijk maken. Boer ondervindt voortdurend dat partijen maar moeizaam tot elkaar komen ondanks de beste intenties. “Soms komt er eens een project op een veelbelovende manier tot stand, maar dat blijft dan vaak een eendagsvlieg en krijgt geen vervolg. “

De renovatie-opgave van de naoorlogse bruggen stagneert niet alleen, hij wordt door de versnipperde aanpak en de betrokkenheid van teveel stakeholders ook onnodig duur. Probleem is volgens Boer dat alle bruggen over één kam worden geschoren. Door een veel te theoretische aanpak waarbij veiligheid op veiligheid wordt gestapeld, lopen de kosten op en wordt de operatie veel te groot. “Soms kun je een brug afwaarderen naar een lagere categorie en kan hij ineens nog jaren mee. Iedereen wil altijd maar elke brug aan de zwaarste eisen laten voldoen.”

“Laat die vrije indeelbaarheid van brugdekken toch eens los”

Een heilig huisje waar hij tegen te hoop loopt is de vrije indeelbaarheid van brugoppervlakken. Bij renovaties van provinciale en stedelijke bruggen betekent het dat de brug op zo’n manier moet worden versterkt dat vrachtwagens in de toekomst ook over het fietspad zouden moeten kunnen rijden of in de middenberm. “Terwijl er heel veel bruggen zijn waar nauwelijks een vrachtwagen overheen gaat. En die rijdt in 98 van de 100 gevallen netjes over de rechter rijstrook. Ik zeg dan: versterk alleen die rechter rijstrook. Dat scheelt substantieel op de aanneemsom. Tientallen procenten. En het is echt niet zo dat hij instort als er dan toch nog per ongeluk een keer een vrachtwagen over de linkerrijstrook rijdt. Daarvoor waken de veiligheidsmarges die we in Nederland hanteren. Die zijn nog altijd heel solide.”

Bestuurlijk zwaargewicht moet patstelling doorbreken

Boer pleit voor aanstelling van een bestuurlijk zwaargewicht om de patstelling in de bruggenwereld te doorbreken. “Het moet iemand zijn met flinke bestuurlijke ervaring, die al die verschillende beheerders en opdrachtgevers kan oplijnen.  Zodat de opgave beter behapbaar wordt en betaalbaar blijft. Of de vergelijking helemaal op zijn plaats is, weet ik niet, maar naar analogie van de deltacommissaris in de waterwereld zou er misschien wel een bruggencommissaris moeten komen.”

Caspar Breman van IV-Consult ziet wel wat in die benadering. Hij was twee jaar terug betrokken bij de ontwikkeling van het concept van de doorschuifbrug. Dat ontstond als reactie op de plotselinge afsluiting van de Merwedebrug bij Gorinchem. Minister Schultz van Haegen liet toen weten dat ze in de toekomst meer betonnen bruggen wilde aanleggen. Maar dat was tegen het zere been van de staalsector, waaronder IV groep, Mammoet, Hollandia en nog een handvol bedrijven. Breman en consorten pleitten voor meer standaardisatie van breedtes en overspanningen. Dat maakt het mogelijk om op een werf een nieuwe Brienenoordbrug bouwen en die in een weekeinde, met minimale overlast op zijn plek leggen. Zo ontstaat er tijd om de oude op een werf te renoveren en die vervolgens op de plek te leggen van bijvoorbeeld de Merwedebrug, of een andere stalen brug die aan vervanging toe is. Zo zou er een doorschuifsysteem ontstaan, met minimale hinder voor de gebruikers.

Breman: “Terugdringen van hinder maakt, zoals iedereen weet een steeds groter deel uit van de totale bouw- en renovatiekosten in de infra. Dat kun je met het doorschuifsysteem efficiënt regelen, hoewel ik me realiseer dat dan heel andere zaken om de hoek komen kijken. Lokale bestuurders willen bijvoorbeeld niet altijd een tweedehands brug.  Als er dan toch veel geld uitgegeven gaan ze eerder voor een nieuw icoon dan voor een afdankertje. Zo spelen er veel meer politieke en lokale factoren. Maar daar zou zo’n bruggencommissaris wellicht juist een rol in kunnen spelen.”

 

Bij het concept voor de doorschuifbrug wordt in één weekeinde een nieuwe brug ingevaren. De oude brug keert na renovatie onder geconditioneerde omstandigheden op een werf terug op een nieuwe locatie.

Ook Boers pleidooi om de vrije indeelbaarheid van brugdekken soms los te laten kan rekenen op Bremans instemming. “Je moet wel goed kijken wat je voor welke plek doet. In het rijkswegennet zul je wel moeten vasthouden aan de vrije indeelbaarheid, maar daarbuiten is het niet nodig om alle bruggen over de hele doorsnede aan de zwaarste eisen te laten voldoen. Dan kun je een hoop werk en kosten besparen. Het maakt de opgave inderdaad een stuk beter behapbaar en betaalbaar.”

Rob Vergoossen, bruggenspecialist bij Royal HaskoningDHV zit er wat genuanceerder in. Hij weet niet of de staat van de bruggen werkelijk al zo beroerd is dat de inzet van zo’n bestuurlijk breekijzer als een bruggenregisseur of -commissaris noodzakelijk is. Hij verwacht dat we nog wel tijd hebben om bijvoorbeeld eerst eens goed te inventariseren wat de staat van de bruggen precies is. Want beheerders weten dat vaa, niet eens. De Crow-handleiding die daarbij als richtsnoer kan fungeren is nog maar in conceptvorm beschikbaar. Al verwacht Vergoossen dat later dit jaar de definitieve versie beschikbaar komt. In die handleiding Constructieve veiligheid bestaande bruggen en viaducten van decentrale overheden, staan aanbevelingen om aan regionale bruggen minder strenge eisen te stellen dan aan rijkswegen. Dat komt dus tegemoet aan Boers oproep. Al blijft het volgens Vergoossen wel een probleem om voldoende constructeurs te vinden voor de opgave. Clusteren van opdrachten, maar ook digitalisering en automatisering kunnen de klus wellicht verlichten.

Boer ontkent niet dat er eerst een flinke inventarisatie nodig is. Maar ook daarin zou hij graag wat meer vaart brengen. En daar ziet hij een rol weggelegd voor die bruggencommissaris. “En als het aan mij ligt, dringt die dan ook aan op een praktische aanpak. Niet te theoretisch, door angstvallig vast te houden aan die oude normen en alle bruggen over één kam te scheren.“

Boer was met Spie zelf betrokken bij de renovatie van de Harmsenbrug  in de N57 in de haven van Rotterdam. Een project met eenzelfde urgentie als de Merwedebrug. “Normaal zou die versterking inclusief ontwerp en aanvraag van de vergunningen zeker twee jaar kosten, maar nu ging alles in bouwteamverband met Rijkswaterstaat  in een paar maanden. Buiten de directe gebruikers hebben dus ook maar weinig mensen er iets van gemerkt. Als de urgentie er maar is kan het dus wel. Maar je moet het dus niet zover laten komen. En op voorhand opdrachten slim clusteren, zodat je kennis van aannemers en ingenieursbureau slim kunt inzetten en je niet alles elke keer opnieuw hoeft uit te vinden. Daarom dus die schreeuw om zo’n commissaris of regisseur.”

Voor alle duidelijkheid: hij solliciteert zelf niet naar die functie. Er is volgens hem echt een zwaargewicht met veel bestuurlijke ervaring nodig. “Iemand die gezag geniet en efficiënt door de bestuurlijke lagen kan breken. Behalve bestuurservaring moet hij bovendien een flinke dosis ondernemingszin meebrengen. Dan kunnen we die bruggen slagvaardig aanpakken, zonder nodeloos belastinggeld over de balk te smijten.

 

De tijdelijke brug bij Westknollendam is beweegbaar uitgevoerd en wordt daarna door Dura Vermeer, Spie en Janson bij een volgende brugrenovatie ingezet.

Tijdelijke beweegbare brug

Een aanzet voor de IFD aanpak die Boer voorstaat is de tijdelijke beweegbare brug die Spie samen met Janson Bridging en Dura Vermeer inzet in Noord-Holland. Dat is een bypass voor twee provinciale brugversterkingen die ook open en dicht kan. Tot nu toe betekent de inzet van dergelijk bypasses dat het water eronder is gestremd. In ieder geval voor hoge vaartuigen. De tijdelijke beweegbare brug heeft een modulaire opbouw en kan in stukken over de weg worden aangevoerd, wat de inzetbaarheid enorm vergroot. Janson verwacht de beweegbare brug ook later te kunnen inzetten bij renovaties.

Reageer op dit artikel