nieuws

Tender Twentekanalen mislukt: Project omgegooid na debacle met Boskalis en Van den Herik

infra Premium 6698

Tender Twentekanalen mislukt: Project omgegooid na debacle met Boskalis en Van den Herik
De Twentekanalen moeten breder en dieper worden. Foto: Hollandse Hoogte

De tender voor de Twentekanalen is mislukt en ingetrokken. De combinatie Boskalis en Van den Herik kreeg het BVP-project van 100 miljoen euro voorlopig gegund, maar heeft het weer teruggegeven. Rijkswaterstaat had geen vertrouwen in een goede uitvoering. Het roer gaat om en komende zomer volgt een nieuwe poging.

Op de meest recente inkoopplanning van Rijkswaterstaat is het project terug te vinden als d&c-contract met een waarde van tussen de 100 en 500 miljoen euro. Het is ‘waarschijnlijk’ dat het derde kwartaal van dit jaar de nieuwe aanbesteding volgt. Daarbij zijn een aantal lessen getrokken van de eerste mislukte poging.
Rijkswaterstaat worstelt met de kanaal-projecten. Problemen zijn er ook bij het Julianakanaal waar De Vries & van de Wiel van het project is gehaald na grote problemen met het grondwater.

Aftakking naar Almelo

Rijkswaterstaat ontkent overigens dat het debacle bij het Julianakanaal een rol heeft gespeeld bij de beslissing om de tender voor de Twentekanalen in te trekken: Maar klopt dat wel? En wat ging er nu eigenlijk mis?
Toenmalig minister Schultz gaf in februari 2016 groen licht voor de tweede fase van de verruiming van de Twentekanalen. Het 63 km lange kanaal loopt van Eefde (bij Zutphen) via Hengelo naar Enschede, met een aftakking naar Almelo. Daarom wordt het kanaal consequent in het meervoud aangeduid.

Project Twentekanalen

  • Opdrachtgever: Rijkswaterstaat
  • Opdrachtnemer: nog onbekend
  • Contractvorm d&c, met dialoog (geen BVP)
  • Raming contractwaarde: 100-500 miljoen euro
  • Contractomvang: 1 perceel ipv 3
  • Op de markt: Q3 2019
  • Gunning: zomer 2020
  • Uitvoering: 1,5 jaar vanaf voorjaar 2021

Het is de bedoeling om het kanaal met een breedte van 50 meter uit te diepen en geschikt te maken voor klasse Va schepen zodat ook grotere schepen – met een diepgang tot 2,8 meter – de containerterminal in Hengelo en bedrijventerreinen in Almelo kunnen bereiken. Rijkswaterstaat begon voortvarend met de tender.

Drie percelen, ook voor MKB

De combinatie Boskalis en Van den Herik leek de beste partij voor de drie percelen voor de verruiming van de Twentekanalen. De drie BVP-contracten met een waarde van gezamenlijke waarde ruim 100 miljoen euro was aantrekkelijk voor veel waterbouwers die veelal nog geen goed gevulde orderportefeuille hebben.

Rijkswaterstaat had niet te klagen over gebrek aan belangstelling voor de klus. Maar liefst 13 partijen wilden meedingen, waarvan 9 MKB-bedrijven en 3 grote aannemers. Het winnende consortium bood voor alle drie de percelen de meeste waarde voor de beste prijs. Voor twee percelen eindigde het MKB op de tweede plaats, blijkt uit tenderinformatie van begin 2017.

De opdrachtgever koos na uitgebreide sessies over kansen en risico’s en interviews met sleutelfiguren. De onderbouwing met de uitwerking van de plannen daarna, verliep ronduit echter moeizaam. De bouwers werkten met een voorstel om de helft van de waterbodem te bedekken met bentonietmatten. Voor de uitvoering waren 200 risico’s in kaart gebracht, waarvan 28 betrekking hadden op het grondwater.

Deels met bentonietmatten

Rijkswaterstaat had weinig vertrouwen in de uitvoerbaarheid van het ontwerp en schakelde emeritus TU-Delft-professor Theo Olsthoorn en Mirjam Stark van ingenieursbureau Antea in voor een onafhankelijke toets op de grondwaterrisico’s. “Vooral de grondwaterbeheersing bleek problematisch. De bouwers zouden in hun voorstel de uitgediepte waterbodem maar gedeeltelijk met bentonietmatten bedekken, waardoor de te verwachten lek naar de omgeving slechts in geringe mate zou worden verminderd”, licht Olsthoorn zijn bevindingen toe.

Andere partijen hebben weinig behoefte om nog oude koeien uit de sloot te halen, te meer omdat er een nieuwe tenderronde voor de deur staat. “Gebrek aan vertrouwen”, wil omgevingsmanager Norbert van der Hoek van Rijkswaterstaat wel kwijt. De opdrachtgever besloot het project definitief niet te gunnen.

Tender was mislukt

Na lang praten bleef maar een conclusie over. De tender was mislukt en werd ingetrokken: “Tijdens de diepgaande onderbouwingsfase waren te veel onzekerheden omtrent de beheersing van het grondwater en is nader onderzoek nodig om haar uitvraag in een nieuwe aanbesteding beter vorm te kunnen geven”, motiveerde Rijkswaterstaat de beslissing op TenderNed.

Vier kansrijke opties:

1. sliblaag aanbrengen/behouden/overvloeien op de kanaalbodem
2. kleiig materiaal aanbrengen op de kanaalbodem
3. bentonietmengsel aanbrengen op de kanaalbodem
4. bentonietmatten

Officieel gaven de bouwers het project terug. De combinatie heeft overigens een vergoeding gekregen voor de aantoonbaar gemaakte kosten in de onderbouwingsfase, bevestigt de omgevingsmanager.

Begin 2018 rapporteerde de minister de mislukte tender aan de Tweede Kamer, maar het duurt nog tot komende zomer voordat een nieuwe aanbesteding volgt. “De evaluatie en de nadere onderzoeken onder meer naar het grondwater vergen veel tijd. Ook hebben we met de markt Value-Engineeringssessies gehouden over beheersing van het grondwater”, verklaart hij de lange tussenperiode.

Vier kansrijke methodes

Ook dit keer werd Olsthoorn ingeschakeld en vorige zomer woonden enkele tientallen waterexperts de brainstormsessie bij. Onder meer Van Heteren, Ploegam, Bontrup, Aveco de Bondt, Van den Biggelaar, Martens en Van Oord en de Vries & van der Wiel schoven aan om mee te denken over damwanden, bentonietmatten en het grondwater.
Ook Boskalis en Van den Herik waren van de partij, net als meerdere waterschappen en ingenieursbureau’s als Sweco, Witteveen + Bos en Fugro. Daarbij zijn vier uitvoeringsmethodes als kansrijk aangemerkt, maar zijn geen knopen doorgehakt. Simpel zal het niet worden en beproeving zal nodig zijn, was de eenduidige conclusie.
Van der Hoek verklaart dat Rijkswaterstaat zijn tenderstrategie gaat aanpassen en het risico voor het grondwater niet langer bij de markt zal leggen. Uit de conclusies van het grondwateronderzoek en de beproevingen zullen dwingende eisen volgen voor de nieuwe opdracht, benadrukt de omgevingsmanager.

Geen BVP meer, wel damwanden

De nieuwe tender krijgt een dialoogfase, maar de selectiemethode van Best Value Procurement blijft achterwege. Bovendien is uit nader onderzoek gebleken dat de damwanden in relatief slechte staat zijn en toe zijn aan vervanging. Daarom komt ook de plaatsing van 35 kilometer nieuwe damwanden bij de nieuwe scope, waarbij Rijkswaterstaat – en niet de markt – het ontwerp gaat uitwerken.

Rijkswaterstaat mikt niet langer 3 percelen, maar zet nog 1 perceel in de markt. De ambitie om de opdracht zelfstandig uitvoerbaar te maken voor het MKB wordt daarbij losgelaten.

Overigens mogen ook de afgewezen winnaars Van den Herik en Boskalis weer meedingen met de nieuwe tender.

“De combinatie is niet op voorhand uitgesloten van deelname aan de aanbesteding. Een nieuwe tender zal wel een andere scope hebben met een andersoortig contract, dat wezenlijk anders is. De omvang van de werkzaamheden zal duidelijk verschillen, evenals de gevraagde aanpak van de gegadigden”, licht Van der Hoek toe. De speelruimte voor de markt wordt zeker op het gebied van grondwaterbeheersing beperkt, maar de projectwaarde zal fors omhoog gaan. De contractvorm zal meer neigen naar engineering & construct dan naar design & construct, beaamt hij. Over de bijbehorende emvi-criteria wordt nog gepiekerd.

Overeenkomsten met Julianakanaal?

De overeenkomsten met het Julianakanaal dringen zich op: weer spelen grote problemen met grondwater bij een kanaal dat begin vorige eeuw is gegraven. Problemen die pas aan het licht kwamen tijdens de uitvoering door De Vries & van der Wiel. Daar ligt het project inmiddels geruime tijd stil en heeft Rijkswaterstaat het contract opgezegd.

Opvallend genoeg was ook daar sprake van kwelwater in combinatie met bentonietmatten en werd eveneens hoogleraar Olsthoorn ingeschakeld om zijn expertise over grondwater. Verschil is dat de hydroloog bij de Twentekanalen namens Rijkswaterstaat optrad en bij het Julianakanaal als externe partij voor de opdrachtnemer.

Omgevingsmanager Van der Hoek ontkent overigens ten stelligste dat er een verband zou zijn tussen de problemen bij het Julianakanaal en de mislukte tender voor het Twentekanaal.

Ook professor Theo Olsthoorn ziet weinig overeenkomsten: “Wat ik wel zie is de worsteling van Rijkswaterstaat met het verruimen van de bestaande kanalen. Steeds zie je daarbij problemen met grondwater opduiken en blijkt het lastig de risico’s vooraf in te schatten. Maar de zandbodem van het Twentekanaal is onvergelijkbaar met het grove grind onder het Julianakanaal bij Obbicht. Daar stort het water het grind in zodra de kleilaag weg is. Bij de Twentekanalen zakt het water ook wel weg, maar veel minder snel. Daar zal verruimen in den natte een stuk gemakkelijker zijn, ook al weten we ook daar op dit moment nog niet precies welke aanpak het beste is.”

Reageer op dit artikel