nieuws

Rijkswaterstaat koppelt prestatiemeten los van tender, maar blijft wel loten

infra Premium 3692

Rijkswaterstaat koppelt prestatiemeten los van tender, maar blijft wel loten

Rijkswaterstaat beperkt het meten van prestaties tot alleen de samenwerking op een bouwproject, maar stopt niet helemaal met loten. De opdrachtgever neemt bijna alle aanbevelingen uit het markt over om de tenderstragtegie aan te passen en geschikte kandidaten niet bij voorbaat uit te sluiten. NoMax wordt de standaard voor nieuwe toetreders.

“Dit is een feestje. Hopelijk dan deze strategie ook werken voor andere dossiers”, reageert Philip van de Nieuwenhuizen van MKBInfra vrijdag direct na afloop van de presentatie van de ‘Marktdialoog prestatiemeten’ waar hij net had gehoord dat Rijkswaterstaat zijn inkoopmethode gaat aanpassen. “Het bewijs dat de Marktvisie echt werkt en zo verschillende partijen elkaars belangen respecteren en op een volwassen manier kunnen werken aan oplossingen”, viert Edwin Lokkerbol van de Waterbouwers de bereikte resultaten.

Kijkje in de keuken

“We hebben elkaar een kijkje in de keuken gegund, tot achter in de keukenkastjes. Zoveel openheid is prettig om te ervaren”, vult Joost Fijneman namens Bouwend Nederland aan. De brancheorganisaties zijn zonder uitzondering vol lof over de bereidheid van Rijkswaterstaat om de tenderstrategie om te gooien zodat een aantal frustraties vanuit de markt omtrent prestatiemeten verdwijnen. In totaal hebben zo’n 60 marktpartijen meegedacht over de nieuwe selectiestrategie van Rijkswaterstaat en geconcludeerd dat het prestatiemeten nog het meest op de omstreden oliebollentest lijkt.

Rijkswaterstaat heeft zich relatief kwetsbaar opgesteld en een aantal ambtenaren heeft zijn nek uitgestoken om zo vergaand met de markt mee te denken. Ondanks een voorbehoud was van meet af aan duidelijk dat Rijkswaterstaat de uitkomsten van de marktdialoog niet compleet zou kunnen negeren. “We nemen alle aanbevelingen over”, spreekt inkoopdirecteur Wim Anemaat van Rijkswaterstaat klip en klaar uit, mede namens zijn HID Jean Luc Beguin.

Geen voorwaarden, geen mitsen en maren. Of toch? “We breken geen lopende procedures open, maar voor alle nieuwe contracten gaan deze uitgangspunten gelden. Dat is op een aantal punten een nieuw en onontgonnen gebied, maar de intenties zijn duidelijk.” Vanaf 2019 koppelt het prestatiemeten helemaal los van het tenderproces en beperkt het loten tot 1 partij. Ook het principe van NoMax wordt niet de standaard, maar alleen gebruikt bij nieuwe toetreders. Het principe van NoMax betekent dat alle geschikte kandidaten mogen deelnemen aan een tender. Rijkswaterstaat zit echter niet te wachten op enorme hoeveelheden inschrijvingen en zet in op 3, 5 of 7 partijen.

Geen gelukszoekers

Want als zich onverhoopt veel kandidaten melden, wordt getrechterd tot 4 partijen en wordt de 5e partij alsnog geloot. De eerste vier worden geselecteerd door een beperkte opdracht die verband houdt met het specifieke project. De hoop is dat de inspanning voor zo’n specifiek trechterproduct potentiële gelukszoekers afschrikt. Rijkswaterstaat gaat verder de inkoopplanning uitbreiden en zal vooraf meer informatie rond opdrachten prijsgeven. Het doel daarvan is dat marktpartijen beter weten welke projecten in de pijplijn zitten zodat ze beter kunnen kiezen en selectiever zullen inschrijven.

Over een jaar wordt de nieuwe werkwijze geëvalueerd met dezelfde partners en kunnen eventueel weer aanpassingen worden doorgevoerd. “Het is eerst zaak om de nieuwe manier van werken bij verschillende aanbestedingen uit te proberen, zonder meteen in te grijpen als er een onverwacht of ongewenst bijeffect optreedt”, aldus Anemaat. Bijvoorbeeld het trechteren naar vier partijen zal zijn nut moeten bewijzen, maar lijkt het meest optimale aantal om de selectiekosten binnen de perken te houden zonder de concurrentie in gevaar te brengen. “Misschien moet dat drie of juist vijf zijn. Of zijn er meestal meteen vijf geschikte partijen en hoef je helemaal niet te trechteren.”

Loten door in het oog

Het loten was bijna alle marktpartijen een doorn in het oog en leidde al bijna tot enkele rechtszaken. In de praktijk werd afgelopen twee jaar bij 30 opdrachten van Rijkswaterstaat geloot. Bij het merendeel van de projecten bleef het loten dus achterwege, desondanks was er grote weerstand tegen het fenomeen. “Als marktpartij weet je van te voren nooit wanneer wel en wanneer niet tot loting zou worden overgegaan. Die onzekerheid over het lot uit de loterij voelt ongemakkelijk. Bouwers houden niet van de geluksfactor bij aanbesteden”, legt Fijneman uit. Bouwend Nederland dacht samen met MKB Infra, de Vereniging Waterbouwers mee met Rijkswaterstaat hoe de praktijk het beste kon veranderen. Die geluksfactor verdwijnt in het nieuwe systeem dus niet helemaal, want het lot bepaalt de vijfde gelukkige die mag inschrijven.

Waarom heeft het alsnog ruim twee jaar geduurd voordat er een oplossing kwam? Het waren tenslotte niet alleen de waterbouwers die gefrustreerd waren over het loten. Toen zij dreigden naar de rechter te stappen, sloegen de partijen de handen ineen om het probleem zelf op te lossen. Daar waren meerdere sessies mee gepaard, maar daar kwam wel een unaniem advies uit dat nu integraal wordt overgenomen. Het bewijs dat de Marktvisie volwassen is geworden en echt kan werken, vinden veel deelnemers. “Houding en gedrag is lastig om te veranderen, dat heeft tijd nodig”, vat Lokkerbol het langdurige proces samen.

Rol prestatiemeten anders

De rol van het prestatiemeten beperkt zich dus tot de projecten waar wordt gemeten en wordt niet meer gebruikt om te ranken. Daarbij wordt voorkomen dat nog langer appels met peren worden vergeleken. Elk kwartaal beoordelen opdrachtgever en marktpartij elkaar op het gebied van samenwerking. Dat blijft. Wat wijzigt is dat de uitkomsten een rol spelen in het ranken van bouwers bij de preselectie. Wat wijzigt is dat niet meer wordt gekeken naar ‘past performance’, maar naar ‘present performance’. Wie gemiddeld het cijfer 7 of hoger scoort, kan in principe rekenen op een beloning, bijvoorbeeld in de vorm van een contractverlenging.

De partijen zijn het opvallend eens dat het meten een rol moet blijven spelen tijdens de uitvoering. Tegelijk zijn ze het opvallend eens dat samenwerking vanzelfsprekend hoort te zijn bij de uitvoering van een bouwproject. En dan kan meten helpen lastige onderwerpen bespreekbaar te maken tijdens de uitvoering.

Vijf aanbevelingen

  1. Goede kerninformatie zodat de markt selectief kan inschrijven, zowel voor het project als voor de bredere portfolio
  2. Toepassing van NoMax. Door selectiever inschrijven zal dot aantal niet boven de 7 inschrijvers komen.
  3. Als er toch trechtering nodig is, dan op basis van een project-specifiek trechter-product, uitgaande van de gunningscriteria. Het gaat om een ‘plek aan tafel’.
  4. Introductie light-variant concurrentiegerichte dialoog, noodzakelijk voor vroegtijdige en snelle trechtering van punt 3.  Dilemma: In de gesprekken is naar voren gekomen dat niet iedere marktpartij deze gedachte omarmt. Echter afgezet tegen het huidige systeem van ranken en bij-loten ervaart een meerderheid dit als een verbetering.
  5. Haal prestatiemeten uit de aanbestedingsfase en geef dit een blijvende rol in de contracten in de fase na gunning, de zogenaamde present performance. Beloon eventueel goed gedrag aan de hand van de behaalde scores, maar samenwerken hoort de standaard te zijn.
Reageer op dit artikel