nieuws

Doorbraak met BIM op het wegennet: Nooit meer ‘off-road’

infra 4030

Doorbraak met BIM op het wegennet: Nooit meer ‘off-road’

Nooit meer ‘off-road’ of ‘keer om, alstublieft’ midden op de snelweg omdat het asfalt is verlegd. En over een paar jaar springt het matrixbord boven de snelweg automatisch op rood zodra er een gat in het asfalt valt. Rijkswaterstaat bereikt samen met Ballast Nedam deze BIM-doorbraak bij de N31. “Dit is het begin van een kleine revolutie.”

Bij BIM wordt al snel gedacht aan 3D-modelleren, maar bij de wegenbouw is ook het verzamelen, verwerken en interpreteren van data een belangrijke component met grote potentie. Die mix zorgt ervoor dat BIM een voorspellend karakter kan krijgen en dat schept hoge verwachtingen voor het onderhoud van wegen en kunstwerken. Zeker nu het voor het eerst is gelukt om een koppeling te maken met het complete netwerk.

Onzichtbaar, maar toch belangrijk

Het project N31 Traverse Harlingen heeft de primeur, met de levering van een speciale Coins-container dat alle netwerken rond de N31 Harlingen koppelt. Dat heeft niets te maken met klinkende munten, maar alles het uniform uitwisselen van informatie. Bijzonder is dat de weg is gefundeerd met 8800 heipalen, maar er zijn ook hele bijzondere onzichtbare aspecten. BIM-experts Maaike Beerepoot van Rijkswaterstaat en Bertjan Paalman van Ballast Nedam leggen uit waarom deze BIM-innovatie een doorbraak is.

Waarom is de N31 een primeur op BIM-gebied?
Beerepoot: “Voor het project N31 Traverse Harlingen zijn de vier hoofdsystemen uitgewerkt in het Ruimtelijk Netwerk: het N31 Hoofdwegennet, de onderliggende wegen van Harlingen, het spoorsysteem van ProRail en de vaarwegen van de provincie Friesland. Het is in dit project voor het eerst gelukt om het fysieke netwerk te koppelen aan het functionele model. Dat waren altijd losse systemen die naast elkaar functioneerden, maar nu voor het eerst direct aan elkaar zijn gekoppeld. Denk hierbij aan de relatie tussen afsluitingen en omleidingen, en de relatie met het spoor of de vaarwegen.”

Wat betekent dat concreet?
Paalman: “Het betekent voor de gebruiker bijvoorbeeld dat de wegen op je navigatiesysteem altijd up-to-date zijn en je dus volgens nooit meer ‘off road’ rijdt. De onderleggers voor de navigatiesystemen zijn al klaar voordat de weg überhaupt is gebouwd. Het systeem kan bovendien de verkeersstromen op de plaatselijke wegen in kaart brengen zodat er eerder maatregelen genomen kunnen worden op het gebied van omleidingen en onderhoud.”

Beerepoot: “Wij hebben hoge verwachtingen van BIM voor zowel ontwerp, realisatie als beheer en onderhoud van snelwegen. Door in je model koppelingen aan te brengen, kunnen systemen straks beter voorspellen wanneer onderhoud nodig is. Het systeem brengt ook aan het licht als steeds eenzelfde defect ontstaat. Hierdoor kunnen we spoedonderhoud voorkomen en de hinder voor de weggebruiker door dit soort spoedacties minimaliseren”

Paalman vult aan: “Als een lamp kapot is, hoeft die niet meteen vervangen te worden. Maar als dat er vijf op een rij zijn of precies bij een rotonde of een brug, kan dat wel een risico opleveren. Het is handig als het systeem dat signaleert. Daarom is de koppeling tussen het fysieke en het functionele model zo belangrijk en spreken wij van een doorbraak.”

Gebruikt Rijkswaterstaat BIM al lang?
Beerepoot: “Rijkswaterstaat is sinds een paar jaar bezig met de toepassing van BIM in deze context. BIM is voor het eerst voorgeschreven in 2012 bij de wegverbreding Amsterdam Almere (SAA) A1-A6 en daarna bij de A9 Gaasperdammerweg, sluis Limmel en de N31 Traverse Harlingen. Het is nu verplicht bij alle dbfm-contracten en we draaien een pilot bij een prestatiecontract voor beheer- en onderhoud. Door het functionele ontwerp te koppelen aan onderhoud is grote meerwaarde te verwachten. Uiteindelijk is het de bedoeling dat we alle projecten van Rijkswaterstaat eenduidig in kaart brengen als functionele netwerken en dat koppelen aan het fysieke areaal. Ballast Nedam is er nu voor het eerst in geslaagd om die koppeling te maken. Dat lukte vooral omdat we samen alle kaarten op tafel hebben gelegd en naar de oplossingen hebben gezocht.”

Hoe ziet zo’n model eruit?
Paalman: “De plaatjes, animaties en visualisaties van BIM springen het meest in het oog. Het is heel praktisch als je in het model precies kunt zien wie voor het laatst aan een bepaald wegdeel heeft gewerkt, welk asfalt is gebruikt en uit welke asfaltcentrale het afkomstig is. En wie bijvoorbeeld de leverancier was voor de armaturen en lampen van de openbare verlichting. Daar hangt dan meteen het instructieboekje aan vast.”

De N31 in BIM met de koppeling van 4 systemen

Beerepoot: “Maar de echte meerwaarde zit in de koppeling van systemen en de mogelijkheden die dit biedt in het voorspellende karakter. Denk hierbij aan het doorrekenen van alternatieven en het effect op onderhoudsscenario’s en de verwachte hinder voor de weggebruiker. Dat soort combinaties gaat faalkosten voorkomen en geeft daarmee meer zekerheid over de beschikbaarheid en de betrouwbaarheid van de weg.”

Werkt het al?
Paalman: “Bij de N31 is het gelukt om die koppeling te maken. En we hebben een vergelijkbare koppeling gerealiseerd voor de nieuwe A9 Gaasperdammerweg. Ook zijn wij er bij project Blankenburgverbinding inmiddels mee gestart, maar daar moet de uitvoering buiten nog beginnen. Het mooie van deze ontwikkeling is dat hier straks ook andere aannemers van kunnen profiteren. Rijkswaterstaat organiseert tweemaal per jaar een BIM-gebruikersoverleg waar ook veel andere aannemers aanschuiven. De oplossingen worden met elkaar gedeeld om zo weer nieuwe stappen te maken.”

Beerepoot besluit: “Dit is het begin van een kleine revolutie. Het begin van een ontwikkeling die potentieel heel veel kan opleveren voor een optimale doorstroming tegen lagere kosten. Het klinkt nu misschien allemaal nog niet zo spectaculair, maar dit is een kansrijk nieuw instrument in de strijd tegen de files.”


COINS (Constructieve Objecten en de Integratie van Processen en Systemen) is een flexibele standaard voor de uitwisseling van BIM-informatie. Het biedt een uitwisselingsformaat door middel van een container voor BIM-gerelateerde informatie. COINS ondersteunt de uitwisseling van digitale informatie tussen verschillende IT-platforms en -omgevingen van partijen die betrokken zijn bij bouwprojecten. De standaard zorgt ervoor dat verschillende soorten informatie in samenhang in één database kunnen worden vastgelegd, zoals functies, eisen- en objectenbomen, GIS-data, 2D-tekeningen, 3D-modellen, IFC-modellen, en objecttype-bibliotheek.

Reageer op dit artikel