nieuws

Elke 50 meter knalt 5 ton op het asfalt: Rijkswaterstaat meet draagkracht snelweg

infra Premium 1969

Elke 50 meter knalt 5 ton op het asfalt: Rijkswaterstaat meet draagkracht snelweg

Elke 50 meter valt er een blok van 5 ton op het asfalt. Aveco de Bondt en Unihorn/Van Rens meten via deflectie de draagkracht van 2700 kilometer snelweg. Rijkswaterstaat gebruikt de resultaten om te bepalen wanneer het asfalt toe is aan vervanging.  

Het is voor het eerst dat de metingen op landelijke schaal worden gedaan. Nooit eerder werd de draagkracht van het hoofdwegennet zo consequent in kaart gebracht. Vorige maand zijn de meetwagens van de ingenieursbureaus aan de slag gegaan; ze zijn nog de hele zomer bezig.

Meten is weten

“Met een valgewicht deflectiemeting wordt de kracht op de weg van een vrachtwagen gesimuleerd”, licht Petra Paffen, specialist verhardingen van Rijkswaterstaat de metingen toe. “We leggen een voetplaat op het asfalt en laten daar een gewicht van 5 ton op vallen. Op basis van de gemeten doorbuiging – ook wel deflectie – van de weg, wordt de draagkracht van de verhardingsconstructie en ondergrond bepaald.”

54.000 x knalt een gewicht van 5 ton om de veerkracht te meten. Beeld: Rijkswaterstaat

In 2016 en 2017 heeft Rijkswaterstaat ook geëxperimenteerd met andere meetmethoden. Uit de verschillende testen is naar voren gekomen dat valgewicht deflectiemetingen het meest geschikt zijn om de draagkracht van het hoofdwegennet in kaart te brengen.

In slakkengang, maar snelweg hoeft niet dicht

Normaal gesproken meet Rijkswaterstaat de draagkracht uitsluitend voordat er onderhoud plaatsvindt aan de rijbaan. Door op grote schaal informatie te verzamelen over de draagkracht van de asfaltlagen verwacht Rijkswaterstaat beter preventief en gecontroleerd werkzaamheden uitvoeren.

De snelweg hoeft niet te worden afgesloten, maar de metingen gebeuren via een langzaam bewegende colonne. De meetwagens bewegen met een slakkengang van 5 km per uur over de snelweg. Om de 50 m wordt dan een meting verricht. Om verkeershinder te beperken, vinden de metingen buiten de spits en zoveel mogelijk  in de avonduren plaats.

Reageer op dit artikel