nieuws

GMB zoekt meer spreiding in grillige markt

infra Premium 2745

GMB zoekt meer spreiding in grillige markt

Infrabouwer GMB laat al een aantal jaar een stabiele groei zien. Toch wil algemeen directeur Gerrit Jan van de Pol minder afhankelijkheid van de traditionele opdrachtgevers uit de publieke sector, om de grote pieken en dalen in die opdrachten beter op te vangen. “We zijn op zoek naar een over te nemen partij in de industrie en dienstverlening.”

Voor infrabouwer GMB werd 2017 niet het jaar waarop was gehoopt. Door een aantal tegenvallers en kostenstijgingen, onder andere in de aanleg van de rioolwaterzuiveringsinstallatie in Utrecht, groeide het resultaat minder hard dan voorzien. Met een omzet van 138 miljoen (inclusief omzet uit combinaties) en een resultaat van 7 miljoen (voor belastingen) bleven de cijfers van 2016 bijna onveranderd. Het stemt Van de Pol niet meteen ontevreden. “Het was best een goed jaar. Maar we hadden iets beter verwacht.” Het probleem zat hem vooral in de complexiteit van twee projecten: de aanleg van de rwzi in Utrecht en een windmolenpark in Zeeland.

De rwzi wordt samen met Heijmans voor 100 miljoen volgens een DBM-contract voor opdrachtgever Stichtse Rijnlanden aangelegd met een nieuwe waterzuiveringstechniek, Nereda. Dat is een techniek waarbij het rioolwater minder stappen hoeft te doorlopen om gereinigd te worden, en het water sneller gezuiverd wordt. Maar de techniek is in Nederland nog niet eerder op deze grote schaal toegepast. De technologische complexiteit in combinatie met een snelle bouwtijd maakt het project lastig.

‘We hebben nu al een fantastische prestatie geleverd, maar het heeft ons meer gekost dan we gehoopt hadden’

Van de Pol is er duidelijk over: “Het was lastiger dan we hadden gedacht. Ook de uitvoering, met de grote hoeveelheid kabels en leidingen en het grote aantal verbindingen, maakt het een uitdaging in de logistiek. Bovendien ben je als bouwer niet alleen afhankelijk van bouwkundige componenten, maar ook van de biologie, de bacteriegroei. En de natuur kan weerbarstig zijn. Onze opdracht is duidelijk: wij moeten volgend jaar een installatie afleveren waar schoon water uitkomt. En aan die eis gaan we zeker voldoen, zonder in te leveren op de kwaliteit van het product. We hebben naar mijn mening nu al een fantastische prestatie geleverd, maar het heeft ons meer gekost dan we gehoopt hadden. Toch vind ik dat we niet te opportunistisch zijn geweest. We zijn ook nog druk bezig om intern te kijken wat we beter hadden kunnen doen. We moeten de witte vlekken in de tenderfase toch eerder in kaart hebben, denk ik. En wellicht moeten we efficiënter aansturen, maar voordat ik daar meer over kan zeggen moeten we dat eerst grondig evalueren.”

Alles stond in de startblokken toen ineens de bouw met bijna een jaar werd vertraagd

Een tweede tegenvaller was de aanleg van een windmolenpark in Zeeland, waar GMB 34 windturbines bouwt. Een bijzonder project omdat voor het eerst windmolens op een primaire waterkering wordt gebouwd. De aanvullende eisen voor het werken op deze specifieke locatie waren niet goed in het contract doorvertaald. “De Rijksoverheid wilde natuurlijk uiteindelijk waarborgen dat de windmolens geen gevaar vormen voor de waterkering waarop ze worden gebouwd. Voor ons een tegenvaller, want alles stond al in de startblokken om te beginnen, en ineens werd de bouw met bijna een jaar vertraagd. Door maatregelen hebben we de gevolgen voor de opdrachtgever kunnen beperken.”

Tegenvallers hebben niet geleid tot negatieve resultaten in de verschillende sectoren van het bedrijf

Toch hebben de tegenvallers niet geleid tot negatieve resultaten in de verschillende sectoren van het bedrijf. Naast een bouwer van dijken en waterzuiveringsinstallaties is GMB ook een dienstverlener in rioolwaterzuivering, drinkwater en in de industrie, en groot in rioolrenovaties middels glasvezelversterkte relining en zuiveringsslibverwerking. En in al die sectoren was het omzetverschil met 2016 niet groot. Maar dat wordt in de toekomst anders, weet Van de Pol nu al.

“De inkomsten uit de opdrachten voor de verschillende dijkversterkingsprojecten lopen nu echt af. In 2015 haalden we daar nog 50 miljoen omzet uit. In 2017 is dat al teruggelopen tot 18 miljoen, maar de verwachting is dat de inkomsten uit die projecten dit jaar nihil zal zijn. Best frustrerend, want we weten dat het Hoogwaterbeschermingsprogramma vanaf 2020 weer veel werk gaat opleveren. Helaas wordt nu door de waterschappen veel geld uitgegeven aan planvorming, maar nog niet aan realisatie.”

‘Maar lastig is het wel: we moeten nu al gaan bedenken hoe we straks de piek opvangen’

Voor een bouwer zijn die pieken en dalen lastig, want waar moet je met je specialisten heen? “Zeker in deze tijd, met veel werk voor goede vakmensen, wordt er gewoon aan personeel getrokken, dus het is voor ons ook van belang dat zij weten waar ze in de nabije toekomst aan toe zijn. Gelukkig hebben we nog wel een paar mooie projecten in voorbereiding waar we later dit jaar aan kunnen beginnen. Maar lastig is het wel: we moeten nu al gaan bedenken hoe we straks de piek opvangen.”

Gelukkig hebben we nog wel een paar mooie projecten in voorbereiding waar we later dit jaar aan kunnen beginn

Met het Deltaprogramma wordt de werkverdeling wel iets beter, denkt Van de Pol. “De waterschappen en het Rijk zijn zich iets beter bewust van de gevolgen voor de markt wanneer heel veel projecten in korte tijd op de markt komen, en dan een paar jaar vrijwel niets. Het Deltaprogramma heeft een wat meer voortrollend karakter, en dat is gunstig voor ons.”

GMB wil ook niet ieder werk aannemen. “We kunnen in deze sector zo’n 50 miljoen aan, maar meer niet. Dat betekent dat we nu al selectief tenderen, en vooral laten meewegen om welke dijken het gaat, en om welke contractvorm.”

De grillige omvang van het dijkwerk heeft de GMB-directie aan het denken gezet

Toch heeft de grillige omvang van het dijkwerk de GMB-directie wel aan het denken gezet. Meer dan de helft van de omzet van het bedrijf komt van opdrachten van waterschappen. Dat maakt het bedrijf kwetsbaar. “Meer spreiding zou goed zijn, en dan kijk ik vooral naar sectoren met niet-publieke opdrachtgevers zoals de industrie. Het betekent dat we meer acquireren in die richting.

Daar hebben we wel de juiste mensen voor nodig, dus we een uitbreiding in die richting, een overnamepartner waarmee de juiste synergie bereikt wordt. Dat kan ons als bedrijf stabiel houden.”

Voor de nabije toekomst wil Van de Pol het liefst een gezonde, maar geen grote groei. “We zoeken een bepaalde relatie met de klant en daar past bij dat je benaderbaar bent, ook als directie. Op het moment dat je bestuurder wordt, ben je te groot. We blijven een familiebedrijf, en dat willen we zo houden.”


Gerrit Jan van de Pol
Gerrit Jan van de Pol is de oudste in het 55-jarige familiebedrijf, waar 9 leden van de familie aandeelhouder zijn. Vijf werken in het bedrijf. De zichtbaarheid van de familie in het bedrijf is belangrijk, denkt Van de Pol. “Dat is het unieke gezicht van GMB. Het is voor ons belangrijk om alle 350 mensen in dit bedrijf te kennen. Als familie denken we daarom altijd in het belang van dit bedrijf, van de mensen die hier werken en aan de overdracht aan de volgende generatie. Dat rentmeesterschap hebben we onlangs ook vastgelegd in een familiestatuut.

Reageer op dit artikel