nieuws

Den Ouden waakt voor een te snelle groei

infra 1831

Den Ouden waakt voor een te snelle groei

De ambities van Den Ouden Groep reiken ver, maar om het sociale karakter van het Brabantse familiebedrijf in Schijndel niet in gevaar te brengen, wordt gewaakt voor een te snelle groei. “Als we te hard gaan, verliezen we onze cultuur en identiteit”, meent algemeen directeur Jochem Langenhuijzen.

“Een pur sang familiebedrijf”, zo typeert hij Den Ouden. “Ons doel is om een gedegen en gezond bedrijf voort te zetten en over te dragen aan de vierde generatie.” Die vierde generatie laat nog even op zich wachten, want de derde is net aangetreden. “We zijn bezig de laatste stap te effectueren van de overdracht van de tweede naar de derde generatie.” De overdracht is volgens Langenhuijzen goed geregeld. Er gelden een aantal strakke regels. Om belangenconflicten te voorkomen krijgen alleen familieleden die binnen het bedrijf werken aandelen. En uiterlijk op hun zestigste worden ze geacht terug te treden. “Als ze te lang aanblijven kunnen ze niet meer anticiperen op de veranderingen in de markt en krijgt de jongere generatie niet de ruimte om de groeien.”

Maar liefst acht neven uit de derde generatie werken binnen de onderneming, in sterk uiteenlopende functies: van directeur tot shovelchauffeur. Met twee van hen – commercieel directeur Rob den Ouden en operationeel directeur Harm den Ouden – vormt Langenhuijzen het directieteam. Dat hij zelf niet tot de familie behoort vindt hij geen nadeel. “Ik vorm de verbinding tussen de tweede en de derde generatie.” Een vreemde is hij bepaald niet, want Langenhuijzen werkt al zo’n dertien jaar bij Den Ouden: vier jaar als algemeen directeur en daarvoor als financieel directeur. “Ik kon deze rol bekleden omdat ik ervaring had. Met zo veel familie is het goed dat ik er als externe bij ben om een gezonde verhouding te krijgen tussen familie en niet-familie en als waarborg dat het bedrijf de juiste stappen neemt.”

Den Ouden staat liever aan de ander kant

Ingelijfd worden door een groter concern is niet aan de orde, Den Ouden staat liever aan de andere kant. De afgelopen jaren heeft het bedrijf veelvuldig overnames gedaan om het pakket aan specialismen te verruimen. Een goed voorbeeld is BAM Betonwegen. Voor het BAM-concern was de aanleg van betonwegen slechts een kleine, weinig rendabele activiteit. Den Ouden zag het als een welkome aanvulling op de bestaande infra-activiteiten. Bovendien is er ook synergie met de recyclingtak van het bedrijf. Openbaar groen wordt door Den Ouden ingenomen en verwerkt tot onder meer bodemverbeteraars en biobased grondstoffen. Grassen en houtachtige stoffen kunnen weer benut worden als grondstof voor een duurzamere vorm van beton.

Maar ook met andere overnames versterkte Den Ouden zijn positie als specialist in nichemarkten. Sinds 2006 maakt explosievenopsporingsbedrijf BODAC deel uit van Den Ouden. En wat recenter nam het familiebedrijf Groencompostering Steenbergen over (september 2017), Van Dijk Groothandel (verkoop van boomschors) en Van Dijk Biofiltratie (januari 2017), Groencompostering Reiling Sterksel (2016), de productie van daktuinsubstraten van Jiffy en van BSI Bomenservice de leverancie van producten voor groeiplaatsverbetering voor bomen (2016).

Hoewel Den Ouden hierdoor groter is geworden, is groei volgens Langenhuijzen niet het voornaamste doel van de overnames. “We kijken altijd hoe we meer kennis kunnen toevoegen en hoe je verbetering creëert op langere termijn. Wij zijn echte doeners en kijken hoe we op een innovatieve manier kennis kunnen inzetten in een markt die vrij traditioneel is.” Dat is ook de reden dat het bedrijf samenwerkt met ingenieursbureaus en de universiteiten in Eindhoven en Wageningen. “We willen zelf ook nog meer kennis in huis hebben, want we denken dat de oplossing toch zit in de praktijk. Dat kun je proberen in een proeftuin en dan effectueren. Universiteiten werken toch meer vanuit een theoretisch kader.”

Eerste cradle-to-cradle-rotonde van Nederland

De ‘Rotonde van Morgen’ die Den Ouden eerder dit jaar in samenwerking met adviesbureau Kragten aanlegde in Venlo, is zo’n voorbeeld van innovatie. Het is de eerste cradle-to-cradle-rotonde in Nederland, claimt het bedrijf, gemaakt van herbruikbare componenten die afzonderlijk uitneembaar zijn. De rotonde bevat tevens een buffer voor regenwater. De toegepaste betonsoort – als ondergrond van de rotonde in plaats van asfalt – heeft 70 procent minder CO2-uitstoot dan normaal.

De ambities voor de komende jaren verschillen per marktsegment. Binnen infra wil Den Ouden zich nog verder profileren als specialist. Voor de divisies infra en BODAC wil Den Ouden vooral internationaal een grotere markt bereiken. Nu al voert explosievenopsporingsbedrijf BODAC veel internationale projecten uit zowel op het land als in het water. Het gaat onder meer om het opsporen en opruimen van explosieven, voorafgaand aan de aanleg van windmolenparken of onderzeese pijpleidingen en kabels, maar ook om het bergen van vliegtuigwrakken.

Infra legt veelvuldig grote betonnen platformen aan in landen als Engeland, Ierland en Duitsland, onder meer voor vliegtuigen, distributiecentra of Defensie. Den Ouden heeft geen specifieke landen voor ogen waar het zich op wil richten. “Wij volgen de klant”, zegt Langenhuijzen. Veiligheid voor de medewerkers staat daarbij voorop. “Ons uitgangspunt is dat het ergens politiek stabiel moet zijn, anders gaan we niet aan het werk.” Herhaaldelijk heeft het bedrijf daardoor opdrachten afgeslagen, onder meer in Afrika en in het Midden-Oosten.

Investeren in uitbreiding van biobased producten

Gaat het om de recycling-activiteiten, dan concentreert Den Ouden zich nog verder op de productie van biobased producten. De groenstromen en het afvalhout van overheden, bedrijven en particulieren die het bedrijf inzamelt dienen nu al als basis voor bodemverbeteraars en biomassa. Den Ouden wil nog een stap verder. De afgelopen jaren is al een begin gemaakt met de productie van biobased grondstoffen en de eerste producten, zoals tuinbankjes en hekwerk. De komende jaren wil het bedrijf aanzienlijk investeren in uitbreiding van biobased producten voor de civieltechnische markt en voor de maakindustrie. Het is een zaak van de lange adem, legt Langenhuijzen uit, vanwege alle keurmerken waaraan deze nieuwe producten moeten voldoen.

“Het is lastig om de levensduur aan te tonen. Daarom is de adaptatie langzamer dan je zou willen. Maar we hebben wel alle expertise in handen om een sluitende keten te maken. We kunnen de circulaire gedachte pragmatisch in werking zetten.”

Binnen het segment meststoffen mikt het bedrijf op verdere verbreding van het assortiment organische bemesting door onder meer vloeibare meststoffen en biologische bestrijdingsmiddelen te gaan produceren.

Natuurlijk ligt het voor de hand dat het bedrijf gezien de ambities verder in omvang zal toenemen, maar voorop staat dat die groei beheersbaar moet blijven en dat de benodigde investeringen uit eigen middelen komen. Langenhuijzen: “Het moet wel behapbaar, begrijpbaar en vertaalbaar zijn voor ons personeel. Het sociale karakter is typerend voor ons familiebedrijf. Als we te hard gaan, verliezen we onze cultuur en onze identiteit en dat willen we niet. We willen groeien, maar doen dat stap voor stap, zodat medewerkers zich happy blijven voelen. Mensen maken ons bedrijf.”

Doelen moeten uitvoerbaar en realiseerbaar zijn

Voor Den Ouden is 2040, het thema van de Cobouw50, nog wel heel verre toekomst. Langenhuijzen: “We kijken niet verder dan drie jaar vooruit. Verder kun je niet kijken. Onze doelen moeten uitvoerbaar en realiseerbaar zijn en te vertalen naar de praktijk.” Wat doorvragen leert dat er toch binnen het bedrijf nagedacht wordt over nieuwe concepten voor de langere termijn. Minder werken op projectbasis, maar in plaats daarvan bijvoorbeeld het ontwerp en de complete inrichting van een gebied voor rekening nemen voor een vaste prijs en op basis van tevoren aangegeven wensen.

“Dat gaat verder dan design&construct-contracten.” Opdrachtgevers hebben volgens Langenhuijzen zeker belangstelling voor zulke concepten, maar ze lopen nu nog stuk op aanbestedingsregels. “Om duurzaam en innovatief te kunnen zijn, moet de overheid meer ruimte geven.”


Omzet omhoog
De omzet van Den Ouden schommelt al een aantal jaren rond de 50 miljoen euro. Ondanks de crisis wist het bedrijf te groeien naar ruim 66 miljoen in 2016. Dit jaar verwacht Langenhuijzen dat de omzet boven de 70 miljoen zal uitkomen. Daarvan komt meer dan de helft voor rekening van infra, de grootste tak van de groep. Recycling van groene en houtachtige reststromen is goed voor zo’n 30 procent en de resterende 20 procent komt uit de meststoffenfabriek.

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels