nieuws

Veiligheid spoorwerkers blijft beroerd: 5 ernstige ongelukken

infra Premium 2668

Veiligheid spoorwerkers blijft beroerd: 5 ernstige ongelukken

De veiligheid voor spoorwerkers is in vier jaar tijd nauwelijks verbeterd. In 2016 deden zich weer aanrijdingen en zware elektrische schokken voor. Eén baanwerker verongelukte dodelijk. De inspectie trof ook een omvallende graafmachine en een meewerkende veiligheidsman aan. “De veiligheidscultuur is niet in orde.”

Dit blijkt uit een overzicht van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Inspectie SZW).

Afgelopen jaar vonden vijf ernstige aanrijdingen plaats. Tweemaal tussen een trein en een baanwerker. Daarbij kwam één baanwerker om het leven, in oktober 2016 in Meteren. Tweemaal was er een aanrijding met een graafmachine en eenmaal met een hoogwerker. De inspecties dringen er bij de railbranche op aan om met maatregelen te komen, want de gesignaleerde veiligheidscultuur is nog lang niet op orde.

Drie x elektrokutie

De Inspectie SZW ontving in 2016 drie meldingen van ongevallen waarbij een werknemer een zware elektrische schok kreeg (elektrocutie). Tweemaal gebeurde dat door werk aan de bovenleiding, eenmaal door werk aan een grondkabel.

Bij 70 procent van de inspecties was het werk op orde.

Ondertussen lopen de gesprekken tussen de Inspectie SZW en de railbranche om het aantal ongevallen terug te brengen. De druk om iets aan de rigide veiligheidsregels te veranderen neemt toe, maar alle partijen zijn het eens dat het aantal ongelukken niet mag stijgen. Veiligheidsexpert Joeri van Holsteijn van ProRail zet samen met de branche in op betere bruto-netto werktijden voor de spoorbouwers met meer ruimte voor vakmanschap.

Vier x werk stilgelegd

De ILT voerde afgelopen jaar 91 risicogerichte inspecties uit op werkzaamheden aan het spoor. Bij 27 inspecties in 2016 werden één of meer overtredingen geconstateerd. In vier gevallen was de situatie zo gevaarlijk dat het werk meteen werd stilgelegd en meteen een boeterapport is opgemaakt: Daarbij ging het onder meer om een omvallende graafmachine, een meewerkende veiligheidsman en onjuiste veiligheidinstructies.

Overigens was bij deze inspecties 70 procent wel in orde. In 2015 was dat 68 procent, in 2014 73 procent en in 2013 67 procent. Toch blijkt de situatie in de afgelopen jaren nauwelijks te verbeteren, concludeert de inspectie. De pakkans is klein. Het aantal inspecties is zeer gering afgezet tegen het totaal aantal uitgevoerde werkzaamheden.

Onderaannemers zwakke plek

De ILT inspecteerde ook 30 verschillende bedrijven die aan het spoor werken. Bij de bedrijven die door ProRail erkend zijn was bijna driekwart van de inspecties in orde; bij de niet erkende bedrijven slechts eenderde. Vooral bij onervaren onderaannemers gaat het mis. De inspectie dringt bij ProRail aan ook daar beter toezicht te houden. De spoorbeheerder gaat daarvoor vanaf volgend jaar acht extra inspecteurs inschakelen.

 

Inspectieresultaten 2016

  • Uitgevoerde inspecties 91
  • In orde 70%
  • Niet in orde 30%

 

Gesignaleerde veiligheidsknelpunten uit de markt

  • Spoorbouwers ervaren enkele ongewenste incentives in de huidige regelgeving
  • Het ontbreekt aan ruimte voor het nemen van eigen verantwoordelijkheid
  • Sterke behoefte aan ruimte voor maatwerk
  • Een integrale afweging op basis van andere relevante (arbo-)wetgeving ontbreekt
  • Ervaring van ongelijkheid tussen aannemers op het spoor en andere partijen werkzaam op het spoor (bv. vervoerders, schoonmaakbedrijven), vanwege de verschillende regelgeving die door verschillende partijen wordt gebruikt

Bron: Knelpuntenanalyse, bureau Horvat

Reageer op dit artikel