nieuws

Boetes voor bijna alle infraprojecten

infra 39

Boetes voor bijna alle infraprojecten

Bij bijna alle opgeleverde infrastructuurprojecten die integraal zijn aanbesteed, legden de opdrachtgevers bouwers boetes of prestatiekortingen op. Dat blijkt uit een rapport van minister Dijsselbloem naar de contactvorm dbfmo (Design, Build, Finance, Maintain en eventueel Operate).

Zo voldeden de projecten A1/A6, de N33 en de A12 Lunetten Veenendaal niet helemaal aan de afgesproken veiligheidseisen. Bij de projecten A15 Maasvlakte-Vaanplein, 2e Coentunnel, de A1/A6 en de N33 kregen de bouwers lagere prestatievergoedingen, vanwege verminderde beschikbaarheid.

Onjuiste inspectierapporten

Aannemers van de 2e Coentunnel kregen ook minder centen, omdat inspectierapporten onjuist of onvolledig waren ingevuld. Relatief gezien is de ‘schade’ voor bouwbedrijven beperkt. Bij de in totaal zes onderzochte infrastructuurprojecten in de exploitatiefase ging het om 0,7 procent aan boetes en korting op de totale financiële contractomvang.

Ook bij huisvestingsprojecten van het Rijk zijn vergoedingen ingehouden door diverse storingsmeldingen. De boetes en kortingen kunnen verder vooral worden beschouwd als leergeld. “De kortingen zorgen voor snelle actie van de consortia en zorgen er tevens voor dat gekozen wordt voor structurele oplossingen om toekomstige kortingen te voorkomen.”

Herfinanciering levert geld op

De rapportenmakers concluderen bovenal dat de situatie op de markt voor financiering van dbfmo-projecten momenteel goed is. Ze loven de kwaliteit van het dbfmo-beleid in Nederland en ze stellen dat de condities voor financiering aantrekkelijk zijn. “Al enige tijd heeft Nederland profijt van gunstige omstandigheden op de financieringsmarkt en van veel interesse van buitenlandse marktpartijen, mede omdat in hun thuislanden relatief weinig nieuwe PPS-projecten beschikbaar zijn.” Voor projecten zoals de Zeesluis IJmuiden (totale projectgrootte ca. € 900 mln.) en de A9 is veel animo.”

Ook de risicomarges zijn gunstiger geworden. Projecten herfinancieren wordt daardoor aantrekkelijker. “De markt profiteert daarvan.” De eerste herfinanciering in Nederland had eind 2015 plaats bij het Nationaal Militair Museum. “Bij dit project is een eenmalig herfinancieringvoordeel gerealiseerd van 12,8 miljoen euro, waarvan het Rijk 8,6 miljoen heeft geïncasseerd.”

470 miljoen euro

Ook bij de A1/A6 had een herfinanciering plaats. Die voorziet in een verlaging van de marges over alle uitstaande commerciële leningen met een gezamenlijke omvang van circa 470 miljoen euro.

In de nabije toekomst zullen, bij aanhoudend gunstige marktomstandigheden, waarschijnlijk meer herfinancieringen plaatsvinden. Momenteel worden bij vier projecten herfinancieringen onderzocht.

Niet altijd dbfmo

Integraal aanbesteden pakt niet bij alle projecten succesvol uit. Daarom besteedt Rijkswaterstaat “bestuurlijk en technisch zeer complexe projecten” zoals Kanaal Gent-Terneuzen, de ZuidAs Dok en de Ring Utrecht, niet aan met dbfmo. “In plaats daarvan wordt ingezet op meer flexibiliteit en samenwerking tijdens de voorbereiding en de bouwfase dan gebruikelijk bij ‘traditionele’ projecten.”

In de afgelopen jaren zijn dbfmo-projecten overwegend uitgevoerd binnen budget, op tijd en conform de gewenste output. Vergeleken met meer traditionele contracten zorgden dbfmo voor een geraamde meerwaarde van 10 tot 15 procent. De geraamde financiële meerwaarde van alle aanbestede en in exploitatie zijnde dbfmo-projecten bedraagt 1,5 miljard euro. In de afgelopen jaren is voor ongeveer 13 miljard euro aan dbfmo aanbesteed.

Nieuwe leidraad

Hoewel de onderzoekers over het algemeen positief zijn over dbfmo in Nederland zijn er ook nog verbeteringen mogelijk. Zo worden de dbfmo-modelovereenkomst (begin 2017) en de aanbestedingsleidraad eind voor de concurrentiegerichte dialoog (eind 2016) binnenkort geactualiseerd. De documenten en procedures moeten vooral niet “te complex” worden.

Opdrachtgevers dragen bij dbfmo alle onderdelen van een bouwproject over aan één private opdrachtnemer, veelal een consortium van meerdere private partijen. Bij ieder project boven de 25 miljoen euro voor gebouwen en zestig miljoen voor infrastructuur maakt het Rijk de afweging of contractvorm wenselijk is en meerwaarde oplevert.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels