nieuws

Actieve regio versnelt aanpak van A58

infra Premium

Actieve regio versnelt aanpak van A58

De A58, de rijksweg die Vlissingen en Eindhoven dwars door Noord-Brabant verbindt, is al jaren een ergernis voor het bedrijfsleven in Zuid-Nederland. Door een samenwerking van bedrijven, bouwers, provincies en gemeenten wordt de weg nu een paar jaar eerder aangepakt dan gepland. “Deze aanpak is een voorbeeld voor andere regio’s.”

Deze aanpak is een voorbeeld voor andere regio’s.

 De werkgevers in de regio, verenigd in de Brabant-Zeeuwse Werkgeversvereniging (BZW) maakten zich al jaren kwaad: keer op keer ontbrak een snelle aanpak van de A58 in het Meerjarenprogramma van de minister van Infrastructuur en Milieu. Maar de problemen op de snelweg zorgden voor grote problemen voor het bedrijfsleven. De weg maakt onderdeel uit van de Brabantcorridor, die onderdeel is van de transportroute Rotterdam-Frankfurt-Wenen. “Het is een van de grootste knelpunten in de periferie van het rijkswegennet”, zegt manager belangenbehartiging Jan van Mourik van de BZW. “Zeker nu de economie weer aantrekt en het verkeer toeneemt, wordt de vertraging op de weg steeds groter. Het zou dramatisch zijn als een aanpak nog tien jaar op zich laat wachten.”

De werkgevers besloten in 2011 om zich actief op een versnelling van de aanpak te richten, door zelf te investeren in oplossingen. Uiteindelijk kregen ze de provincie Noord-Brabant mee. De partijen stelden voor om zelf het eerste deel van de aanpak, het werk voor de daadwerkelijke aanleg, voor te schieten. De minister kon pas na 2020 een half miljard vrij maken. Als de voorbereidingen dan pas zouden beginnen, liep het proces jaren extra vertraging op.

Ambitieus plan

In 2011 kwamen de Brabantse partijen, onder leiding van oud-Bavaria topman Peter Swinkels, met een ambitieus plan: een publiek-private onderneming, Zuidas A58, zou beheer, onderhoud, uitbreiding en exploitatie van de A58 overnemen zodat de doorstroming verbeterd werd en de weg tussen Vlissingen en Eindhoven werd opgewaardeerd.

Te hoge kosten

Maar uiteindelijk waren de kosten voor de complete aanpak van de weg te hoog, en kon de minister zo’n belangrijk onderdeel van het rijkswegennet niet zomaar uit handen geven. In overleg met de partijen werden de ambities bijgesteld. Het grootste knelpunt, het wegdeel tussen Eindhoven en Tilburg, en de 7 kilometer tussen de knooppunten Galder en Sint-Annabosch worden verbreed naar drie rijstroken. Daarnaast moeten vernieuwende mobiliteitstechnieken en procesinnovaties een rol gaan spelen. Eind vorig jaar viel het definitieve besluit over de aanpak, die inmiddels was omgedoopt in InnovA58. Doordat de Eindhovense Ruit niet doorgaat, is 250 miljoen beschikbaar gekomen die voor andere infrastructurele oplossingen kan worden ingezet. Het voorschot van de provincie is dus niet meer nodig.

Geld vrijgemaakt

Niet alle wensen van de bouwers en regionale ondernemers zijn gerealiseerd, maar dat deze assertieve aanpak heeft gewerkt, is duidelijk. De betrokkenheid van de markt en provincie bij de aanleg van de weg is groter dan bij welke andere rijksweg ook. Bovendien is er ruimte en geld vrijgemaakt om een deel van de weg te kunnen gebruiken als testtraject voor toekomstige, slimme mobiliteitstechnieken.

En het project komt drie jaar eerder op de markt dan gepland, constateert Van Mourik tevreden. “Nu de uitvoeringsfase start, wordt de betrokkenheid van onze organisatie wel minder. Maar ik denk dat onze aanpak een voorbeeld kan zijn voor andere regio’s. Maar wij zijn in Brabant en Zeeland ook nog niet klaar. Er zijn nog steeds veel problemen bij knooppunt Hooipolder van de A27. Daar richten we nu onze aandacht op.”

Reageer op dit artikel