nieuws

Aanmeren bij gerecycled landbouwplastic

infra Premium

Door gebruik van veel gerecycled kunststof is de renovatie van een passantenhaven in Langweer een duurzame exercitie geworden. Lankhorst fabriceerde de steigers, de Prolock-damwanden komen uit de fabriek van Profextru.

Als duidelijk wordt dat de steigerplanken en vooral de grenen damwand van de passantenhaven na vijftien jaar hard aan vervanging toe zijn, richt de gemeente Skarsterlân haar blik in eerste instantie op azobé of een andere soort FSC-gekeurd tropisch hardhout. Maar vanwege haar duurzame koers zet zij toch in op een investering in efficiënt gebruik van materialen. “De prijs van damwanden ligt ongeveer 10 procent hoger dan die van FSC-gekeurd tropisch hardhout. De kunststof steigers zijn zo’n 25 procent duurder”, verklaart projectleider Heine Lageveen de financiële consequenties van die keuze. “Maar je verdient die voorfinanciering snel terug door kostenbesparing op onderhoud en de levensduur van 50 jaar. Bovendien leg je minder beslag op productiebossen.” Wethouder Durksz: “Hier gaan duurzaamheid en efficiency hand in hand.”

De gemeenteraad stemt unaniem in met de meerkosten. De kosten voor de renovatie, eerst geraamd op zo’n 250.000 euro geraamd, komen uiteindelijk zo’n 350.000 euro hoger uit. Niet alleen door de keuze voor gerecycled kunststof, maar ook door het besluit meteen de hele haven op te knappen. “In deze tijd van financiële onzekerheid verbaast de eenduidigheid in de raad mij wel enigszins. Er is echter een omslag in denken gaande op het gebied van duurzaamheid.”

Inmiddels is zo’n 400 meter grenenhouten damwand vervangen door een Prolock Omega oeverbeschermingssysteem. Het scherm van gerecycled kunststof keert de grond. De langere palen geven de sterkte en stijfheid aan de totale constructie. “Doordat de palen onder de waterlijn blijven, en dus niet in contact komen met zuurstof, krijgt houtrot geen kans”, zegt Lageveen. Een gording van azobé vangt eventuele klappen van boten en golven op. Voor de gewenste tegendruk is de achterzijde aangevuld met grond. Het geheel is afgewerkt met een afdeksloof.

Zo’n 250 meter steiger is vervangen. Voor de dekdelen gebruikt Lankhorst gerecycled landbouwplastic, de liggers zijn van staalversterkt kunststof. De hoofd- en vingersteigers worden veelal in delen van zo’n 4 meter prefab gefabriceerd en op de onbehandelde vuren of grenen palen gezet. “Het hardhout zit zo’n halve meter onder het water.”

De steigers zijn het bewerkelijkst. “Met name omdat je het slijpsel moet opvangen. Kunststof vergaat immers niet. De uitdaging voor de aannemer (Atsma uit Uitwellingerga, red.) is dus geen afval te verliezen. Veel onderdelen zijn prefab aangeleverd, dus dan gaat het om het vast boren en op maat maken.”

“Kunststof zet bij warmte wel iets uit, maar door de staalversterking is dit te verwaarlozen. Lankhorst gebruikt grotere overspanningen waardoor minder jukken nodig zijn. Hierdoor krijgt de constructie ook de kans iets uit te zetten.”

Ook de aanmeerpalen zijn in kunststof uitgevoerd, maar die zijn leverbaar tot 1,20 meter. “Dat is jammer, omdat we voor de grotere schepen ook palen van een kleine 2 meter boven de waterlijn nodig hebben. Eigenlijk zou je met hetzelfde principe – een houten paal met kunststof oplegger en een zwaardere HDPE-buis op een extra versmalling van het hout – dit probleem eenvoudig kunnen oplossen”, denkt Lageveen.

Skarsterlân is tevreden over de duurzame opknapbeurt van de haven met ruim honderd aanlegplaatsen. Ook kanosteigers, bruggen of andere constructies kunnen ermee worden uitgevoerd, stelt wethouder Durksz. “Eigenlijk alles waar we in het verleden tropisch hardhout voor gebruikten.”

Reageer op dit artikel