nieuws

Waarschuwingsplicht aannemer ook bij deskundigheid opdrachtgever

infra

Op 1 augustus 2011 heeft de Raad van Arbitrage voor de Bouw een aardig vonnis gewezen in het kader van de waarschuwingsplicht. Centraal stond de vraag of aanneemster jegens opdrachtgever aansprakelijk is voor scheurvorming in een natuurstenen tegelvloer.

Op de aanneemovereenkomst tussen opdrachtgever en aanneemster waren de UAV 1989 van toepassing. Onderdeel van de overeenkomst was het leggen van een natuurstenen vloer buiten. In het bestek was voor deze te leggen vloer de natuursteen Jura Gelb voorgeschreven. Aanneemster had op haar beurt onderaanneemster opdracht gegeven deze natuurstenen vloer te leveren en te leggen. Na oplevering van het werk door aanneemster aan opdrachtgever, vertoonde de buiten gelegde tegelvloer scheurvorming en brokkelde deze af. Arbiters wijten dit aan de omstandigheid dat de natuursteen Jura Gelb niet vorstbestendig is en derhalve ongeschikt voor buitengebruik. Arbiters zijn van oordeel dat hierdoor sprake is van functionele ongeschiktheid van de betreffende bouwstof (paragraaf 5 lid 4 UAV 1989). Arbiters oordelen dat opdrachtgever hiervoor aansprakelijk is, doch niet aanneemster. Opdrachtgever had immers de betreffende bouwstof in het bestek voorgeschreven.

Arbiters zijn echter wel van oordeel dat aanneemster haar waarschuwingsplicht heeft geschonden en op die grond aansprakelijk is. Naar het oordeel van arbiters blijft de waarschuwingsplicht ook bestaan in het geval van een door de opdrachtgever voorgeschreven bouwstof.

Paragraaf 6 lid 14 UAV 1989 bepaalt dat op de aannemer een waarschuwingsplicht rust indien sprake is van een klaarblijkelijk gebrek aan de bouwstof. Arbiters overwegen in dit verband dat bij het kunnen constateren van een klaarblijkelijk gebrek de deskundigheid van aanneemster een rol speelt. Daarbij is naar het oordeel van arbiters in beginsel niet van belang of opdrachtgever (specifiek) deskundig is. De (specifieke) deskundigheid van opdrachtgever heft de waarschuwingsplicht van aanneemster niet op. Volgens arbiters is in kwestie sprake van een klaarblijkelijk gebrek aan de bouwstof.

In de visie van arbiters had een deskundig leverancier van natuursteentegels moeten weten dat de natuursteen Jura Gelb niet geschikt is voor buitengebruik. De kennis van deze leverancier (lees: onderaanneemster) rekenen arbiters aan aanneemster toe. Aanneemster had voor deze ongeschiktheid moeten waarschuwen. Door dat niet te doen, achten arbiters aanneemster aansprakelijk voor de herstelkosten.

Ancella M. Klunne

De auteur is advocaat bij Severijn Hulshof advocaten 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels