nieuws

Standaardisatie geeft lightrail kans

infra Premium

Standaardisatie geeft lightrail kans

Lichte railverbindingen zijn interessant als optie voor milieuvriendelijk openbaar vervoer. De aanleg is echter vaak veel te duur om serieus te overwegen. Internationale standaardisatie kan volgens het Britse ministerie voor transport de kosten sterk terugdringen.

Engeland telt momenteel acht lightrails of tramnetten, waarvan twee in Londen (Croydon met drie lijnen en de Docklands Light Railway) en verder vooral in grote steden als Birmingham en Manchester. In veel steden wordt het bestaande net ook voortdurend uitgebreid, zoals in Manchester en Nottingham waar VolkerRail een belangrijke uitvoerende rol speelt. In de afgelopen decennia hebben tientallen andere gemeenten een tramnet overwogen maar dat is meestal vanwege de hoge kosten niet door gegaan. Bij de enige tram die momenteel nieuw wordt aangelegd, die in Edinburgh, doen zich ook al weer enorme kostenoverschrijdingen voor.

Een gemiste kans, vindt staatssecretaris van Transport Baker, die daarom in kaart heeft laten brengen waarom trams dan wel zo duur zijn. Lightrail kan immers ‘enorm bijdragen aan het verhogen van de aantrekkingskracht en de kwaliteit van het openbaar vervoer in grote stedelijke agglomeraties.’ Volgens het rapport heeft een tram een aantal voordelen boven bussen. Zo raken passagiers er meer vertrouwd mee omdat het om een ‘vast’ systeem gaat dat niet makkelijk verandert en zet het zowel burgers als bedrijven er door die permanente aanwezigheid meer dan de bus toe aan ‘hun leven rond de tram te plannen en er omheen te gaan wonen of zich te vestigen’. Bovendien dragen veel tramnetten daadwerkelijk bij aan de regeneratie van omliggende wijken en aan het imago van een stad.

De belangrijkste belemmering zijn de hoge aanlegkosten. Bij de bestaande Engelse netwerken kwamen die omgerekend naar het huidige prijspeil uit rond de 14,25 miljoen euro per kilometer. Bijna de helft van de plannen is ook al in een vroeg stadium gesneuveld vanwege dat kostenaspect. Die kosten zijn vooral hoog door de benodigde zware grondwerken, het omleggen van het andere verkeer tijdens en na de werkzaamheden zelf en het omleggen van pijpen en leidingen in de grond. ‘‘Vaak is het bestaan er van in de ontwerpfase niet bekend en komen ze pas bij de aanleg tevoorschijn, wat de kosten extra opdrijft,’’ aldus het rapport, dat berekent dat de kosten voor die utiliteitswerken tot 10 procent van het totale budget op kunnen slokken.

Edinburgh

Bij dat alles komt dat nog veel tramlijnen uiteindelijk veel duurder zijn uitgekomen dan geraamd, zoals nu ook weer in Edinburgh, wat het imago van de tram geen goed heeft gedaan. Die kostenverhogingen zijn te wijten aan hogere eisen tijdens de aanleg, hoger dan geraamde bouwkosteninflatie en toch weer hogere kosten voor het omleggen van buizen en leidingen. Op basis van die ervaringen zetten private partijen bij het bieden op tramprojecten vaak al hoger in dan strikt nodig zou zijn. ‘‘Die kostenoverschrijdingen zijn echter niet alleen een Brits probleem, die komen overal voor,’’ aldus het rapport.

Het rapport gaat ervan uit dat standaardisatie, zowel bij de infrastructuur als voor de tramstellen zelf, een hoop voordelen zou brengen. Dat geldt dan zowel om het ontwerp als de uitvoering en de feitelijke praktische werking daarna. ‘‘Omdat tramfabrikanten niet de garantie hebben dat ze hetzelfde ontwerp opnieuw kunnen verkopen, zetten ze alle vaste kosten op de rekening voor de eerste afnemer.’’ Het probleem daarbij is echter ‘dat elke stad zijn eigen tram wil en ook elke fabrikant met z’n eigen model op de proppen wil komen.’ Toch is er een trend naar een meer modulair ontwerp ‘dat er met kosmetische ingrepen toch anders uit kan zien’. Steden met een tram zouden er in dit verband ook naar moeten streven hun rijdend materiaal meer gezamenlijk in te kopen of het gespecialiseerde onderhoud en de aankoop van reserve-onderdelen te poolen. Verder stelt het rapport dat veel tramsystemen ‘over-ontworpen’ worden omdat de opdrachtgevers voor de zekerheid van de hoogste – en daarvoor te hoge – eisen uitgaan. ‘‘Een van de problemen is dat er niet veel op dit gebied gespecialiseerde ingenieurs zijn.’’

Tramtrein

De Britse rapporteurs kijken tenslotte ook naar nieuwe tram/trein-projecten, zoals de inmiddels al weer enkele jaren rijdende tramtrein tussen Den Haag en Rotterdam en soortgelijke netten in onder meer Alicante en Saarbrücken. Dergelijke Europese systemen, waarbij de ‘tram’ ook rijdt over het normale spoorwegnet, kunnen volgens het rapport ook zo in Engeland worden opgezet. Een dergelijk systeem wordt momenteel dan ook ontwikkeld voor de uitbreiding van het tramnet in Sheffield. Dat gebeurt in samenwerking met Northern Rail, een spoorbedrijf dat wordt geëxploiteerd door Abellio ofwel de internationale tak van de Nederlandse Spoorwegen.

Reageer op dit artikel