nieuws

Sterke Zeeuwse kust met dank aan voortschrijdend inzicht

infra Premium

Sterke Zeeuwse kust met dank aan voortschrijdend inzicht

Zeker voor Zeeuwse begrippen is het versterken van de dijken een enorm project. Er is 900 miljoen euro voor uitgetrokken. In 2015 moet het werk afgerond zijn en dan moeten de herstelde dijken er weer vijftig jaar tegen kunnen. “We zitten nog steeds binnen de planning en binnen het budget”, zegt omgevingsmanager Joris Perquin.

Begin jaren negentig bleek dat de steenbekleding van een groot aantal dijken
in Zeeland te licht was en daardoor niet meer aan de veiligheidseisen voldeed.
Bij storm en flinke golven zouden stenen en betonblokken los kunnen laten. Het
is een kwestie van ‘voortschrijdend inzicht’, zegt Perquin. De toetsing is beter
geworden en de veiligheidseisen zijn in de loop der tijd verscherpt. Alle
Zeeuwse dijken moeten een extreem hevige storm aankunnen die gemiddeld maar eens
in de 4000 jaar voorkomt. Zeker niet alle dijken hoeven versterkt te worden.
Sommige bleken juist sterker dan gedacht, andere zwakker, vandaar dat die worden
aangepakt. Het herstel van de Zeeuwse dijken heeft overigens geen relatie met
het programma Zwakke Schakels, waarin een aantal gebieden langs de Nederlandse
kust versterkt wordt om bestand te zijn tegen de verwachte zeespiegelstijging.
Er verandert niets aan de hoogte of breedte van de Zeeuwse dijken. Net buiten
Wemeldinge binnen het dijktraject Stormesandepolder aan de Oosterschelde is een
tiental kranen bezig met het aanbrengen van de nieuwe steenbekleding. “Kijk die
kraan werkt in de kreukelberm en is breuksteen aan het verwerken”, wijst Perquin
boven aan de dijk. “Die andere kraan zorgt ervoor dat het talud onder de juiste
helling wordt gebracht en iets verderop wordt een laag steentjes aangebracht,
waar betonzuilen op komen.” Onder de steentjeslaag ligt een filterdoek om te
voorkomen dat de grond onder de stenen wegspoelt.

Logistiek

Eerder deze maand zijn de oude Haringmanblokken verwijderd en nu ligt een
strook dijk bloot. De blokken waren niet zwaar genoeg en worden vervangen door
betonzuilen. Die liggen boven aan de dijk al in rijen opgestapeld, klaar om
verwerkt te worden. Het is passen en meten met al het materieel op het dijkvak
waar nu gewerkt wordt, want tegelijkertijd worden ook nieuwe blokken en
breuksteen aangevoerd. De logistiek komt nauw, legt Perquin uit. “Je moet de
aanvoer precies in de pas zien te houden met het leggen. Dat is vrij specifiek
werk.” Tegelijkertijd moet aannemerscombinatie Van den Biggelaar/Liebregts de
werktijden afstemmen op het getij. Als het vloed wordt komen de werkvakken onder
water te liggen en kan er dus niet gewerkt worden. De verwijderde
Haringmanblokken worden over twee jaar hergebruikt langs de Wilhelminapolder,
een traject dat grenst aan de Stormesandepolder. Voorlopig zijn ze opgeslagen in
een depot. In 2012 worden ze op een andere manier neergelegd. Door de blokken te
kantelen ontstaat er een sterkere bekleding. In grote lijnen gebruikt het
projectbureau twee methodes voor dijkversterking. In het ene geval, zoals in de
Stormesandepolder, worden de oude en te lichte stenen weggehaald en vervangen
door zwaarder materiaal. Dat is niet altijd nodig. Perquin: “Soms laten we de
oude bekleding zitten, verzwaren ze met breuksteen en fixeren ze met asfalt.”
Binnen die twee methodes zijn veel variaties mogelijk. “Elk ontwerp is maatwerk.
Het is niet zo dat betonzuilen als zwaarste materiaal altijd het beste is.”

Uniformer

De oplossing hangt af van veel factoren, zoals het talud, de ligging, de
aansluiting – is er wel of geen berm – , gaat het om een recht stuk of een bocht
en de ondergrond. Toch is het uitgangspunt om bij het herstel van de dijken een
wat minder grote diversiteit van bekledingstypen te gebruiken. “We proberen het
wat uniformer te maken, ook vanuit landschappelijk oogpunt”, aldus Perquin. Door
de lange looptijd van het dijkversterkingproject in Zeeland krijgt het
projectbureau Zeeweringen te maken met nieuwe ontwikkelingen, zoals nieuwe
methodes en materialen. “We proberen innovatieve zaken een kans te geven”, zegt
Perquin. Dat gebeurt bijvoorbeeld door proefvakken aan te leggen met nieuwe
materialen die bedrijven hebben aangedragen. Nadat ze eerst uitgebreid getest
zijn op levensduur, veiligheid en technische aspecten worden sommige producten
aangebracht op een stuk dijk. Voorbeelden van nieuwe materialen die in een
proefvak zijn verwerkt zijn: Elastocoast (Zuidbout Ouwerkerk), C-fix
(Ellewoutsdijk), Cemroc (Oud Noord-Bevelandpolder) en de overslagbestendige dijk
bij Ellewoutsdijk van Comcoast.

Loonbedrijven profiteren

De deelprojecten, die afzonderlijk worden aanbesteed, zijn vaak te groot of
te specialistisch voor de Zeeuwse aannemers. Toch profiteert de lokale en
regionale economie wel degelijk van de dijkversterking in Zeeland, verzekeren
Perquin en Erik van Dijke, projectleider Stormesandepolder, omdat er veel
Zeeuwse onderaannemers worden ingezet door de hoofdaannemer. “De loonbedrijfjes
varen er wel bij.” Dit jaar tussen april en oktober, voordat het stormseizoen
begint, pakt het projectbureau Zeeweringen, een samenwerking van
Rijkswaterstaat, waterschap Zeeuwse eilanden en waterschap Zeeuws-Vlaanderen,
zeven dijktrajecten aan langs de Oosterschelde, goed voor ruim 26 kilometer. De
Stormesandepolder, een traject van 4,3 kilometer tussen Wemeldinge en
Kattendijke, is er één van. In het gebied liggen veel duiklocaties, visstekken
en twee stranden. Het werk is opgeknipt in drie fases om overlast te beperken en
rekening te houden met de recreanten en duikers. Van Dijke: “Er is altijd een
dijkvak beschikbaar voor de duikers.” Ook Koninginnedag is in de planning
verwerkt. Vanwege het bezoek van de koningin aan Wemeldinge start het werk in de
haven en op het grote strandvan het dorp pas begin mei om de overlast op
Koninginnedag te beperken.

Ecologie

Net als bij andere dijktrajecten langs de Oosterschelde houdt het
projectbureau in de Stormesandepolder niet alleen rekening met veiligheid, maar
ook met ecologie en toerisme. Op een aantal locaties komen getijdepoelen, dichte
bakken waar water in kan blijven staan en waar planten en diertjes een
onderkomen kunnen vinden. Voor de recreanten en duikers worden er nieuwe trappen
aangelegd en ook komen er een aantal geasfalteerde paden voor fietsers en
wandelaars. De nieuwe betonzuilen op de dijk zijn voorzien van een eco-toplaag,
een ruwe kalklaag waarop planten en wieren zich goed hechten en snel weer kunnen
aangroeien.

Reageer op dit artikel