nieuws

Beton sparen door onder water te wapenen

infra Premium

Beton sparen door onder water te wapenen

Ruim 300 meter tunnel voor de nieuwe N201 wordt uitgevoerd met gewapend onderwaterbeton. Duikers van Disa Civil leggen de wapening netjes op zijn plek en sparen daarmee 12.000 kuub beton uit.

De N201 wordt om Aalsmeer en Uithoorn heen gelegd en kruist in een 1200 meter
lange tunnel de ringvaart van de Haarlemmermeer en een lokale ontsluitingsweg.
Driekwart van die tunnel wordt als polderconstructie gebouwd en droog
afgegraven. Maar bij de toeritten en een deel in het midden, waar de constructie
wat hoger ligt, leek het handiger te werken met onderwaterbeton. Op die manier
kan er worden gespaard op de damwanden die deel uitmaken van de definitieve
constructie. Door het onderwaterbeton te wapenen en ook constructief te
gebruiken, hoeft er minder diep te worden afgegraven en wordt er bovendien een
laag van 1 meter beton uitgespaard, zo becijferden de ontwerpers van Heijmans en
Boskalis die in alliantie de N201 verleggen.

Ter plekke

Disa Civil verzorgt het wapenen en storten van die vloeren. Zo’n dertig oude
bekenden uit de Nederlandse civiele duikwereld werken inmiddels voor het in
België gevestigde bedrijf dat een kleine vier jaar geleden werd opgericht door
Marc Dröge en John Penson. Ze stellen de wapeningsnetten ter plekke samen uit
flinke wapeningsstaven van rond 40 en 50. De maaswijdte is ook fors: zo’n 40 bij
40 centimeter.

Gewi-ankers

Drie netten overspannen de kuip in de dwarsrichting. Aan de zijkanten steunen
de netten af op UNP-profielen die de duikers onder water op de damwand lassen.
In het midden steunen ze op twee rijen gewi-ankers waarop schotels zijn
gedraaid. Er is flinke overlap tussen de verschillende netten, zodat de duikers
niet aan de slag hoeven met vlechtdraad. Door hun gewicht van 4 tot 5 ton
blijven de netten volgens John Penson netjes op hun plek liggen. Ook als er
beton wordt gestort. De duikers kunnen zich dus concentreren op de juiste
positionering van de netten. Dat is belangrijk, omdat de maatafwijking bij het
plaatsen van de zware gevaarten niet meer dan 25 millimeter mag zijn.
Lasermeters aan de oppervlakte tasten handbaken af en controleren hun werk.
Collega’s op een ponton boven water geven geregeld de meetwaarden door, zodat ze
aanpassingen kunnen maken. Per duiker staan volgens de veiligheidsvoorschriften
twee mannen op het ponton. Maar erg riskant is het werk volgens Penson niet. Ze
werken op een diepte van 7 meter. Veiligheidsstops op de terugweg naar boven om
caissonziekte te voorkomen, zijn dus niet nodig. Als het moet, zijn ze in een
oogwenk aan de oppervlakte.

Dobber

Deze week wordt er weer een compartiment van de bouwkuip volgestort. Vooraf
slibzuigen zoals gebruikelijk bij het storten van onderwater beton kan niet.
Daarvoor zitten de wapeningsnetten te veel in de weg. De vertrouwde stortdobber
kan gelukkig wel worden ingezet. De ruimte onder en tussen het wapeningsnet in
de hoek waar het storten begint, wordt eerst via een stortventiel gevuld met
beton. Daarna wordt de dobber op zo’n 20 centimeter boven het wapeningsnet
gehangen en langzaam door de kuip gestuurd. Het zeer vloeibare onderwaterbeton
loopt tijdens het storten volgens Penson wel 20 meter weg en vormt dus een heel
flauw talud. In een dag manoeuvreren de duikers de dobber door de kuip. Daarna
is het volgende compartiment aan de beurt. Daar liggen weer drie weken duiken in
het verschiet.

Reageer op dit artikel