artikel

‘Fietsen verkoopt zichzelf al makkelijk’

infra

‘Fietsen verkoopt zichzelf al makkelijk’

Fietsinfra blijkt een succesvol exportproduct. De Dutch Cycling Embassy (DCE) probeert Nederlandse deskundigheid op dit vlak wereldwijd te verkopen. De belangstelling groeit exponentieel volgens DCE-directeur Mirjam Borsboom.

Oververhitting dreigt op het DCE-kantoor. Deze publiek-private netwerkorganisatie begon enkele jaren geleden de Nederlandse expertise op het gebied van fietsvoorzieningen internationaal onder de aandacht te brengen. Medewerkers van de organisatie en de deelnemende bedrijven en instellingen fietsen menig rondje in binnen- en buitenland met lokale autoriteiten en deskundigen. Meer mensen op de fiets krijgen door goed ontworpen efficiënte en veilige voorzieningen, is het doel.

De hoeveelheid aanvragen die we krijgen uit het buitenland groeit al een tijdje bijna exponentieel

Mirjam Borsboom trad dit najaar aan als nieuwe directeur. Een van haar eerste zorgen was te voorkomen dat het succes het bureau verder boven het hoofd groeit. “De hoeveelheid aanvragen die we krijgen uit het buitenland groeit al een tijdje bijna exponentieel.”

De medewerkers van het in Delft gevestigde bureau hebben hun handen vol aan het verwerken van alle verzoeken. “We proberen ze zoveel mogelijk door te zetten naar onze deelnemers.” Van een actieve promotie komt door de grote hoeveelheid werk steeds minder. “Ergens maar goed. Ik moet er niet aan denken wat we anders zouden beleven, we zouden omkomen in de drukte.”

Promotie

Stiekem droomt ze daar natuurlijk toch van. Voor de promotie van Nederland als fietsland heeft ze goede helpers. Zoals Koningin Máxima die gekiekt wordt als ze haar kinderen met de bakfiets naar school brengt. Of premier Rutte die tijdens een recente wereldtop in Den Haag op zijn fiets kwam aanzetten. “Dat zijn mooie, opvallende beelden die de hele wereld over gaan.”

Dat buitenlandse partijen massaal uit zichzelf aankloppen, tekent volgens haar de gunstige omstandigheden. “Wereldwijd is fietsen in opmars. Steden zien er een oplossing in voor hun verkeersproblematiek. Regio’s zien toeristische kansen. De groeiende aandacht voor duurzaamheid en gezondheid – obesitas bijvoorbeeld – speelt ook een grote rol.” Met zoveel evidente voordelen, blijkt weinig overredingskracht nodig. “Fietsen, dat verkoopt zichzelf al heel gemakkelijk.”

Haar achterban doet zijn voordeel met de organisatie, maar helpt ook een stevig handje mee. Bedrijven treden op als ambassadeur voor hun eigen producten maar ook vaak voor de netwerkorganisatie als geheel. HaskoningDHV bijvoorbeeld is actief in veel landen, van Brazilië tot China. Heijmans timmert internationaal ook flink aan de weg. Het treedt bovendien op als landcoördinator voor Mexico binnen de DCE.

De grote bouwonderneming is een in het oog springende deelnemer en een van het soort waarvan Borsboom er graag meer ziet komen. Met zijn in het donker oplichtende fietspaden is Heijmans ook binnenlands een innovatieve koploper. In Mexico zullen naar verwachting meer primaire zaken prioriteit krijgen, overweegt ze.

Ze gaat ervan uit dat fietsvoorzieningen in veel landen net als in Nederland meer en meer een vast onderdeel worden van infra-opdrachten. Wat onverbiddelijk betekent dat aannemers ermee uit de voeten moeten kunnen.

De toeleverende industrie is een andere belangrijke partij voor de realisatie van fietsinfrastructuur. Makers van bijvoorbeeld bestratingsmateriaal, stallingen en wegmeubilair doen gretig mee. De Friese producent Anker Stuy blijkt een wegbelijningsverf te hebben ontwikkeld die ‘s nachts – net als de techniek van Heijmans – licht afgeeft. Borsboom ziet een uitgelezen kans om de export van wegverf voor fietsvoorzieningen een slinger te geven.

Uitvoeringskennis infrabedrijven is ook internationaal waardevol

Uitvoerende bouwers zou ze wel graag meer zien als deelnemer. Ingenieurs- en adviesbureaus, toeleveranciers, kennisinstituten maar bijvoorbeeld ook gemeenten, weten haar organisatie goed vinden. Bouwbedrijven kunnen volgens haar nog veel toevoegen. “Zowel de grote bouwers als mkb-bedrijven. Alleen al om de belangrijke uitvoeringskennis waarover ze beschikken. Hoe je fietspaden moet aanleggen, welke typen bestrating handig zijn en hoe je de logistiek organiseert.”

China

HaskoningDHV heeft een belangrijke en schone taak gevonden in China. In grote steden zoals Beijing, waar nog niet zo lang geleden veel meer dan momenteel werd gefietst, rijzen de verkeers- en milieuproblemen de pan uit. Reden voor een nieuw verlangen naar de fiets. Alleen bieden de overvolle wegen daarvoor weinig ruimte meer.

Het lijkt in die zin op Nederland in de jaren zestig en zeventig

“Het lijkt in die zin op Nederland in de jaren zestig en zeventig”, stelt Borsboom. De auto verdrong de fiets. “Onder druk van de bevolking, die het verkeer erg onveilig zag worden voor zijn kinderen, en door de oliecrisis, kwam de aanleg van fietspaden op gang. Fietsen werd weer aantrekkelijker. Veel buitenlandse steden willen zo’n zelfde ontwikkeling op gang krijgen.”

Voor 400 miljoen euro op de eerste rang

Omdat het bij fietsvoorzieningen om een relatief groot aantal kleine projecten gaat, krijgen deze werken minder aandacht dan de aanleg van een snelweg of spoorlijn. Toch zorgen ze bij elkaar voor een flinke bedrijvigheid. Nederlandse overheden geven jaarlijks 400 miljoen euro uit aan fietsinfrastructuur. Aanleg en onderhoud van paden is een belangrijke post. Nederland beschikt over 35.000 kilometer fietspad. De DCE-directeur stelt tevreden vast dat in een paar decennia zoveel kennis is ontwikkeld dat het mogelijk is de meest voortreffelijke fietsroutes te realiseren.

Dat dit niet direct overal gebeurt, heeft te maken met belangenafwegingen, weet ze. Zoals het beschikbare budget en de ruimte waarbinnen een en ander moet gebeuren. Van de aanleg van fietspaden langs drukke wegen is de ontwikkeling gegaan naar het ontwerpen van een complete samenhangende stedelijke infrastructuur voor verschillende verkeersmodaliteiten.

In opkomst zijn fietssnelwegen. Snelle en plezierige routes met weinig obstakels, voor de middellange afstand. Een voorbeeld van een topstuk dat veel indruk maakt op buitenlandse belangstellenden, is de Eindhovense Hovenring. Een soort zwevende fietsrotonde boven een drukke weg. “Die verenigt spectaculaire architectuur met een verkeerskundig geweldige oplossing.” De nieuwe snelfietsroute tussen Arnhem en Nijmegen heeft Borsboom eveneens toegevoegd aan haar topcollectie. “Hier zijn ook verschillende vernuftige bruggen en tunnels te vinden.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels